LAGEN EN ATMOSFEER

 

Aan de binnenkant kan Saturnus vergeleken worden met Jupiter,
waarschijnlijk een vaste kern van gesmolten ijzer, nikkel en gesteente.

De kern is is waarschijnlijk even groot als de aarde alleen dan drie keer zo zwaar.

In de kern is het ongeveer 12.000°C.
De kern en de lagen van Saturnus zijn vergelijkbaar met Jupiter.

De binnenmantel bestaat uit vloeibaar waterstof
dat door de hoge druk eigenschappen van metaal krijgt.

In deze laag is de temperatuur vele duizenden °C en gevormd onder een druk,
die miljoenen malen hoger is als op aarde.

Door bewegingen in deze laag ontstaan elektrische stromen en maken Saturnus magnetisch.

De aantrekkingskracht van Saturnus is veel sterker dan die van de aarde.

De buitenmantel bestaat uit een diepe oceaan van vloeibaar waterstof.

Saturnus heeft geen vast oppervlak, maar de buitenste laag waterstof gaat over in de atmosfeer.
De gemiddelde temperatuur is -130°C.

 

lagen van Saturnus
lagen van Saturnus

 

De atmosfeer van Saturnus bestaat uit ongeveer:

Wetenschappers denken dat helium, deels uit regen, uit de atmosfeer in de oceaan valt.
Wanneer de heliumregen in de oceaan valt, komt er energie in de vorm van warmte vrij.

Gedurende miljarden jaren is de hele planeet hierdoor opgewarmd.
Dit zou kunnen verklaren waarom de planeet meer dan twee keer zo veel
warmte afgeeft als hij van de
zon ontvangt.

Doordat de planeet voornamelijk uit gas bestaat, komt het door de snelle draaiing
om zijn as, dat hij bij de polen platter en bij de evenaar breder wordt.

Daardoor is het de meest afgeplatte planeet van het zonnestelsel.
In de breedte is hij ruim 120.000 kilometer,
maar van pool tot pool is hij minder dan 110.000 kilometer.

Saturnus lijkt daardoor een beetje op een ei dat op zijn kant ligt.

De atmosfeer van Saturnus heeft net zoals de aarde een exosfeer,
dit is de buitenste laag van de atmosfeer en is extreem ijl.

Omdat de exosfeer zo'n lage dichtheid heeft kan hij heel gemakkelijk
opgewarmd worden door de straling van de zon.

De temperatuur van de exosfeer ligt tussen de 117 tot 527°C, afkoelend naarmate je dichter bij het oppervlak komt.
Onder de exosfeer ligt de ionosfeer, dit is een laag waar veel elektronen en ionen in voorkomen.

Een elektron is een negatief geladen deeltje en een ion een positief geladen deeltje.

 


Golvende patronen in de wolkenbanden op Saturnus

 

In de atmosfeer van Saturnus zijn lichte en donkere wolkenbanden te zien
net als op Jupiter maar dan veel vager.

De lichte wolkenbanden zijn de zones, de donkere wolken banden zijn de gordels.
Het zijn banden in de atmosfeer van Saturnus die evenwijdig aan de evenaar lopen.

De bovenste wolkenlaag bestaat uit ammoniakkristallen, ongeveer 60 kilometer lager
bevindt zich een wolkendek van ammoniumhydrosulfide.

Nog eens 100 kilometer lager waarschijnlijk wolken van water en ijskristallen.

De wind kan in de buurt van de evenaar een snelheid bereiken van 1800 kilometer per uur,
bijna drie keer zo snel als bij Jupiter.

 

Zware storm op Saturnus
Zware storm op Saturnus

 

Op Saturnus komt ook onweer voor net als op aarde.
De bliksemontladingen in de dampkring van Saturnus zijn ongeveer
duizend keer zo krachtig als op aarde.

De stormen op Saturnus zijn veel heviger dan op aarde.
Ze hebben de grootte van duizenden kilometers en zijn maanden- of jarenlang zichtbaar.

De Dragon Storm was een storm die op in het zuidelijk halfrond van Saturnus woedde, in een gebied dat,
Storm Alley, Stormsteeg, wordt genoemd, deze storm was een sterke bron van radio-straling.

Een mogelijke verklaring voor deze storm was een onweersbron aan de oostzijde van de wolk.
De Dragon Storm kwam op uit hetzelfde gebied waar eerder een andere grote heldere storm was geweest.

Dit duidde erop dat er onder de Dragon Storm een eeuwenoude storm zit, die zich normaal diep in de atmosfeer
bevindt en om de zoveel tijd opstijgt om heldere stormen te vormen die later weer verdwijnen.

 

NIEUWS ATMOSFEER SATURNUS


Poollicht op Saturnus, 25 november 2009


Cassini heeft opnamen gemaakt van het poollicht boven het noordelijk
halfrond van Saturnus, die met tussenpozen van enkele minuten
veranderen en een hoogte van meer dan 1200 kilometer bereiken.

Het poollicht op Saturnus komt sterk overeen met dat op aarde,
maar de atmosfeer van Saturnus bestaat voornamelijk uit licht waterstofgas,
waardoor het zich tot op veel grotere hoogte uitstrekt dan op de aarde.


Aurora op Saturnus

Poollicht komt voor op planeten met een duidelijk magnetisch veld en een atmosfeer,
waar deeltjes door het magnetische veld, naar de magnetische pool worden geleid
en in botsing komen met moleculen in de atmosfeer.
Deze moleculen stralen de verkregen energie uit als licht.

Op aarde bevindt het poollicht zich op een hoogte van
ongeveer 100 tot 500 kilometer boven het oppervlak.



Gigantische onweersbui op Saturnus
, 17 september 2009

Een onweersbui, met een duur van acht maanden op het zuidelijk halfrond
van Saturnus, is de langste onweersbui in het
zonnestelsel.
Het record stond tot nu toe op zeveneneenhalve maand, ook een onweersbui
op Saturnus en duurde van november 2007 tot juli 2008.
In de nieuwe onweersbui ontstond half januari 2009 de eerste bliksemactiviteit.

Door de radiogolven die afkomstig zijn van de bliksemontladingen en zich vormen
in de atmosfeer, kan men de ionosfeer van Saturnus, de elektrisch geladen laag
die de planeet omhult, onderzoeken.

De golven komen door de ionosfeer in de richting van
Cassini en kunnen ons iets
laten zien over de samenstelling van die laag en de mate waarin ionisatie optreedt in
verschillende gebieden. De resultaten hiervan zijn in overeenstemming met
de gegevens die eerder werden verzameld door de
Voyager 1 en 2.


Langst durende onweersbui op Saturnus

De radiogolven zijn tienduizend keer zo krachtig als vergelijkbare radiogolven
van bliksemontladingen op aarde. Het onweerssysteem op Saturnus heeft
een doorsnede van ongeveer drieduizend kilometer.

De onweersactiviteit komt voornamelijk voor in een gordel op ongeveer 35 graden zuiderbreedte.
Hoe dat komt is niet bekend, maar vermoedelijk is er sprake van een seizoenseffect.
Met behulp van antennes en ontvangers van Cassini’s RPWS,
Radio and Plasma Wave Science
, wordt dit gebied in de gaten gehouden.


Veel helium in het binnenste van Saturnus en Jupiter, 28 januari 2009

Uit onderzoek blijkt dat het hete binnenste van Saturnus en Jupiter voor het overgrote deel
uit waterstof en helium bestaan, de twee lichtste elementen in de natuur.

Op grote diepte binnenin is de druk en temperatuur zo hoog dat waterstof vloeibaar en elektrisch
geleidend wordt. Dit metallisch waterstof is in grote delen van het binnenste vermengd met helium.

Nieuwe berekeningen laten zien dat vermenging boven een bepaalde temperatuur
en afhankelijk van de druk niet meer mogelijk is. Bij Jupiter is de druk extreem hoog,
daarvoor is een veel hogere temperatuur vereist.




Binnenste van Saturnus


Dit betekent dat er in een klein gebied in het binnenste van Jupiter en in een veel
groter gebied in het binnenste van Saturnus een soort regen van helium plaatsvindt,
waarbij het zwaardere gas naar grotere diepte zakt. Die differentiatie produceert warmte,
en geeft een verklaring voor de grote hoeveelheid warmtestraling van Saturnus zelf.


 


Atmosfeer van Saturnus, 18 oktober 2008

Het hoge noorden heeft een zeer actieve wolkenband waar kolkende wervelstormen ontstaan.

 


Aktieve atmosfeer Saturnus

 

Een hoek van de hexagon op de noordpool is linksboven te zien,
de opname is gemaakt op 25 augustus 2008.

 


Hexagoon in de atmosfeer van Saturnus

 


 

Enorme stormen in de atmosfeer op de polen van Saturnus, 15 oktober 2008

Cassini heeft opnamen gemaakt van een enorme cycloon op de noordpool van Saturnus.
In 2006 was al een cycloon op de zuidpool van Saturnus ontdekt. De noordelijke cycloon is
alleen waarneembaar op nabij-infrarode golflengten, omdat het daar nu donker en winter is.

De wolken in de storm op de noordpool draaien met een snelheid van zo'n 530 kilometer
per uur, dat is meer dan twee keer zo snel dan bij de orkanen op
aarde.

 


Noord en zuidpool van Saturnus met de cyclonen

 

De opnamen van de polen zijn gemaakt op 15 juni de linker foto en 16 juni de rechter foto
op een afstand van 602.000 en 652.000 kilometer boven de wolken.

Om de cycloon heen bevindt zich een hexagoon, een zeshoekige vorm die zelf niet
lijkt te bewegen. De Voyager 1 en 2 hebben dit verschijnsel ook al waargenomen.
De donkere gebieden in de stormen ontstaan waarschijnlijk door onweerachtige processen
die ongeveer honderd kilometer onder de wervelstormen plaatsvinden.

Orkanen op aarde onttrekken hun energie aan warm oceaanwater, onder de cyclonen op Saturnus
bevindt zich geen watermassa, maar ze krijgen hun energie van enorme onweerswolken en
de warmte die wordt afgegeven door het verdampende water daarin.

Een ander verschil is dat de cyclonen op Saturnus aan de polen vast lijken te zitten,
terwijl op aarde de orkanen zich over grote afstanden verplaatsen.
Maar verder lijken de orkanen op beide planeten sterk op elkaar.

 


Storm zuidpool van Saturnus

 


 

Atmosfeer blijft bewegen, 6 september 2008

Storm Alley is een band met sterk draaiende bewegingen in een turbulente gebied in de atmosfeer van Saturnus.
De actieve storm in dit gebied is sinds zijn ontstaan begin 2004 voortdurend aanwezig.

De opnames zijn door Cassini verzameld op 23 juli 2008 op een afstand van een miljoen kilometer.

 


Storm Alley op Saturnus

 


 

Onweersbui op Saturnus houdt al vijf maanden stand, 1 mei 2008

Er woedt een zeer krachtige onweersbui in de atmosfeer van Saturnus, met bliksems tot 10.000 keer
sterker en met een omvang van enkele duizenden kilometers veel groter, dan op onze
aarde.
Cassini houdt de storm nu al vijf maanden in de gaten.

De eerste tekenen van bliksemontladingen, korte pulsen radiostraling, werden op 27 november 2007
opgemerkt door Cassini. De eerste visuele waarnemingen op 6 december. Ook in 2004 en 2006
zijn langdurige onweersgebieden op Saturnus waargenomen, maar deze hielden nog geen maand stand.
Waarschijnlijk dat het onweer samenhangt met de herfst die op het zuidelijk halfrond van Saturnus begint.

 


Grote storm op Saturnus

 

De storm bevindt zich in het gebied, die bekend staat als Storm Alley, hier werden al eerder bliksems
en stormen waargenomen. Deze storm kan wetenschappers meer inzicht geven over het klimaat
en de processen die verantwoordelijk zijn voor de intense bliksemactiviteit op Saturnus.

Cassini kan om de tien uur en bijna vijftig minuten de storm waarnemen, wanneer Saturnus rond
zijn as is gedraaid, de storm waarnemen. Cassini neemt de onweersbui met de camera die radiosignalen opvangt.
Het geluid van een opname van een storm uit 2006, lijkt op het geluid van onweer na een warme zomerdag op aarde.

 


 

Polen van Saturnus vertonen warme wervels, 3 januari 2008

Op de noordpool van Saturnus bevindt zich een onverwacht warme plek, terwijl de noordpool
al meer dan tien jaar in ijzige duisternis ligt. Deze plek lijkt op de warme plek die eerder
op de zuidpool werd gevonden. De bron van deze warmte is niet bekend.
Uit gegevens van
Cassini blijkt dat zich op beide polen een groot wervelend stormcomplex bevindt.

Dankzij observaties van het Keck telescope was het bestaan van de hot spot op de zuidpool van Saturnus
al bekend. Het vinden van een vergelijkbaar complex op het noordelijk halfrond, was echter een verrassing.
Eerst dacht men dat de warme plek op de zuidpool verband houdt met de zomerse omstandigheden
die momenteel heersen op het zuidelijk halfrond van Saturnus en omdat de noordpool sinds 1995
geen zonlicht heeft ontvangen, werd dit niet verwacht op de noordpool.

De metingen van Cassini laten zien, dat de donkere cycloon aan de noordpool dezelfde structuur
en temperatuur heeft als op de zuidpool. De wolken zijn beide arm aan fosforgas, wat waarschijnlijk
veroorzaakt wordt door verticale luchtstromen in de atmosfeer van Saturnus. De poolstormen lijken vaste
en specifieke kernmerken te zijn van de planeet en lijken niet af te hangen van de hoeveelheid invallend
zonlicht.

 


Hete plek noordpool Saturnus

 

Het lijkt erop dat beide warme plekken het resultaat zijn van lucht die naar de polen stroomt,
hier wordt samengedrukt en verwarmd en vervolgens de diepte in gaat. Maar hoe deze circulatie ontstaat
en zo lang in stand kan blijven, is onduidelijk. Hoewel de beide poolgebieden op elkaar lijken en dezelfde
warme plek vertonen, zijn de structuren niet gelijk, de wervel aan de noordpool vertoont een opmerkelijke en
onverklaarbare zeshoekvorm. Deze structuur werd voor het eerst gezien in de tachtiger jaren door
Voyagers.

In 2007 werd de zeshoek, hexagoon, weer gezien door Cassini. De heldere, warme zeshoek ligt veel hoger ligt
dan voorheen werd aangenomen. De structuur reikt tot de bovenkant van de troposfeer. Er is een verband met
neerwaartse stromen in de troposfeer, maar de zeshoeksvorm kunnen de onderzoekers niet verklaren.

De winter op Saturnus duurt zo'n 15  jaar. Onderzoekers hopen de komende jaren met het wisselen van
de seizoenen, meer details in de noordelijke cycloon te zien. Ook Neptunus heeft dergelijke polaire hot spots,
onderzoek moet meer bekendheid geven over de vreemde bewegingen rond de polen van de reuzenplaneten.

Zie nieuws 27 maart 2007

 


 

Straalstromen in de atmosfeer van Saturnus, 10 mei 2007

Door kleine stormsystemen in de atmosfeer van Saturnus ontstaan krachtige straalstromen, of stroomversnellingen, die met snelheden
tot ongeveer 1600 kilometer per uur oost- of westwaarts trekken, dat is tien keer sneller dan straalstormen in de atmosfeer van de
aarde.

De stormsystemen drijven de straalstromen aan.Tot nu toe dacht men dat het andersom werkte en dat de draaiing van de wervelstormen
veroorzaakt werd door de kracht uit de straalstromen, die met hoge snelheiden evenwijdig aan de evenaar van Saturnus bewegen.

 


Straalstromen op Saturnus

 

Dit proces kende men al op aarde, maar werd nu ook aangetoond op Jupiter en Saturnus.
De ontdekking, die gedaan is na het ananlyseren van foto's gemaakt door
Cassini, betekent dat donkere wolken overeenkomen
met opstijgende lucht, terwijl lichtere wolken juist overeenkomen met dalende lucht, ook het tegenovergestelde van
wat tot nu toe altijd werd aangenomen. Hetzelfde geldt waarschijnlijk ook voor Jupiter.

 


 

Wolkenbanden Saturnus in zandkleur, 7 mei 2007

Mooie spiraalvormige stromingen en draaiingen kenmerken de banden in de atmosfeer van Saturnus.
De opname is gemaakt door
Cassini op 19 augustus 2005 op een afstand van ongeveer 492.000 kilometer van Saturnus.

 


Zandkleurige wolkenbanden Saturnus

 


 

Zeshoekige stroming, hexagoon, rond noordpool Saturnus, 27 maart 2007

Cassini ziet in het wolkendek boven de noordpool van Saturnus een zesvormige honingraat structuur.
De zeshoekige structuur, hexagoon, is twintig jaar geleden ook waargenomen door de
Voyagers.

Onderzoekers staan voor een raadsel, want zo’n hoekige polaire stroming is bij geen van
de andere planeten van ons
zonnestelsel te zien, ook niet aan de zuidpool van Saturnus.
Het ontstaan van de zeshoek heeft waarschijnlijk iets te maken met de stand van Saturnus ten opzichte van de
zon.

 


Hexagoon op de noordpool van Saturnus

 

De zeshoek heeft een doorsnede van ongeveer 25.000 kilometer en strekt zich uit tot een diepte van
honderd kilometer, er passen wel vier
aardes in. De noordpool van Saturnus bevindt zich nu in
de duisternis, hierdoor kan de structuur alleen met infrarood-instrumenten worden waargenomen.
De komende jaren hopen de onderzoekers meer te weten te komen over de polaire stroming.

 


 

Orkaanachtige storm op Saturnus, 9 november 2006

Cassini heeft een enorm stormgebied in de atmosfeer van Saturnus waargenomen, het gebied is iets kleiner
dan de doorsnede van de
aarde. De 8000 kilometer grote orkaan bevindt zich boven de zuidpool
en net als op aarde heeft de storm een oog met eromheen hoog uitstekende wolken.

Het verschil is, dat deze storm op dezelfde plek blijft liggen en het ontstaan ervan is anders dan dat op aarde,
want onder deze storm bevindt zich geen warm oceaanwater, wel is de atmosfeer hier enkele graden warmer
dan op andere delen van Saturnus. Door het oog kunnen we twee keer zo diep in de atmosfeer van Saturnus
kijken als op andere plaatsen. De donkere wolken die daar te zien zijn, zijn nog een raadsel.

De storm bereikt windsnelheden van 550 kilometer per uur. De spiraalwolken die het oog vormen hebben
een hoogte van 30 tot 75 kilometer. Dat is vijf keer hoger dan normale orkanen op de aarde.

 


Orkaan op Saturnus

 

Spiraalwolken zijn kenmerkend voor orkanen op aarde. Deze worden gevormd als vochtige lucht
in de richting van het oog van de orkaan gaat en vervolgens verticaal omhoog wordt geduwd.
Dit veroorzaakt zware regenval rondom een cirkel met neergaande lucht in het oog van de storm.
Het is nog onduidelijk of er sprake is van gelijke voorwaarden bij de storm op Saturnus.

Oogachtige stormen kwamen tot nu toe alleen voor op aarde. Saturnus is de tweede planeet binnen ons zonnestelsel
waar zulke soorten stormen aanwezig zijn. Veel stormen, zoals de Grote Rode Vlek op Jupiter, zijn veel groter dan
de storm op de zuidpool van Saturnus, maar dit zijn geen oogachtige stormen en ze zijn rustiger in het centrum.

 


 

Cassini maakt infraroodfoto's van de wolken op Saturnus, 10 oktober 2006

Op de foto zien we dat links, vastgelegd door de infraroodcamera, de nachtzijde
van Saturnus van binnenuit door de warmtestraling wordt verlicht
en veel verschillende vormen en grootten laat zien van de wolken in de atmosfeer.
Dit is een compositiefoto van verschillende golflengtes, van zichtbaar licht tot infrarood.

De helderrode delen op de foto zijn bijna wolkenvrij, terwijl de donkerrode zones eerder
aan de bewolkte kant zijn. In het rechter gedeelte, waar het op dat moment dag was, zien we
dat het zonlicht verstrooid wordt door mist hoog in de atmosfeer van Saturnus,
de wolken zijn niet zichtbaar, omdat ze schuilgaan onder dikke heiige lagen.

 


Saturnus in infrarood

 

Als we de foto nog dichterbij bekijken, zien we dat de wolken op het noordelijke halfrond opvallend
dunner en roder zijn dan in het zuiden, dit wordt waarschijnlijk veroorzaakt door de seizoenen.
Over enkele jaren begint de lente op het noordelijke halfrond.

Cassini maakte de foto's in februari 2006 op een afstand van 1,6 miljoen kilometer van Saturnus.

 


Noordpool van Saturnus in infrarood

 

Nog een infraroodopname van de noordelijke wolkenbanden van Saturnus, die zich op geruime diepte in de atmosfeer bevinden.
De wolkenband in het midden lijkt op een kralenketting, deze ketting heeft een lengte van 60.000 kilometer.

 


 

Cassini maakt opname van Saturnus en Rigel, Saturnus atmosfeer, 29 mei 2006

Wetenschappers gebruiken de opname, die Cassini van de atmosfeer van Saturnus en de ster Rigel heeft genomen,
om de verticale structuur van de nevels in de bovenste atmosfeer van de planeet te onderzoeken.

Het zwakker of sterker worden van de ster geeft op elke hoogte informatie over de dichtheid van de nevel.
Rigel heeft Cassini hiermee geholpen om de
atmosfeer van Saturnus te onderzoeken.

Op de opname van Cassini verschijnt Rigel, een superreus vanachter de nevelige bovenste atmosfeer van Saturnus.

 


Saturnus en Rigel

 

De opname is op 28 april genomen door Cassini, op ongeveer 663.000 kilometer afstand van Saturnus.

Rigel is één van de 10 helderste sterren die aan de hemel te zien zijn.
De ster staat in het bekende sterrenbeeld Orion.

 


 

Heldere wervelingen in de atmosfeer van Saturnus, 13 april 2006

Saturnus draait snel, in 10.8 uur, rond zijn as, maar de wolkenbanden draaien met een andere snelheid
ten opzichte van Saturnus. Dit veroorzaakt onstuimige wervelingen in de atmosfeer,
die enorme uitgestrekte en afgeknipte patronen vormen, waargenomen door
Cassini.

De lichte ovale vlek in de atmosfeer is één van de vele wervelingen, die op het zuidelijk halfrond
voorkomen en worden kattenogen - cat's eye - genoemd.

 


Atmosfeer Saturnus met een kattenoog

 

Deze wervelingen kunnen zich ook samenvoegen en wel maanden tot jaren duren.
In tegenstelling tot de
aarde, waar het weer wordt beïnvloed door de zon, worden
stormen en wervelingen op Saturnus gedeeltelijk veroorzaakt door de inwendige warmte.

 


 

Zwaar onweer op Saturnus, 14 februari 2006

Cassini heeft zeer krachtige bliksemontladingen ontdekt in de dampkring van Saturnus.
Het radio-instrument van Cassini registreerde de radiostraling van de ontladingen.

In de Saturnusdampkring is een groot onweersgebied van witte wolken gezien
op de plaats waar de bliksemontladingen ontstonden.
Zulke grote onweersgebieden kunnen wekenlang op Saturnus aanhouden.

 


Een groot onweersgebied van witte wolken

 

Het zijn de krachtigste ontladingen die tot nu toe op Saturnus zijn waargenomen,
ongeveer duizend keer zoveel energie als de bliksem op
aarde.

De oorsprong van de bliksemactiviteit werd waarschijnlijk veroorzaakt door
een uitbarsting van radio-straling op 23 januari 2006.
De storm is groter dan het oppervlak van de Verenigde Staten.

 


Bliksemontladingen waargenomen door Cassini

 


 

Wervelstorm op Saturnus, 11-08-2005

 


Wervelstorm op Saturnus

 

De Cassini maakte deze foto op 10 september 2004 vanaf een afstand van 8.8 miljoen kilometer van Saturnus.

 


 

Poollicht op Saturnus, 04-08-2005

Het poollicht van Saturnus gedraagt zich op dezelfde manier als op aarde.
Het is echter veel stabieler dan het aardse poollicht
en minder gevoelig voor het magnetische veld dat met de zonnewind wordt meegesleept.

De kleuren zijn niet echt, je kunt het poollicht (aurora) aan de blauwe kleur herkennen.

 


Poollicht op Saturnus

 

Poollicht ontstaat als geladen deeltjes uit de ruimte in het magnetische veld van een planeet terechtkomen
en via de veldlijnen naar de polen worden geleid, waar ze in botsing komen met atmosferische gassen.

 


 

Zuidkant van Saturnus, 04-04-2005

De foto is genomen op een afstand van 1.2 miljoen kilometer.

Je ziet de schaduwen van de ringen en de wolkenbanden.

 


Zuidkant van Saturnus