TITAN
Titan is ontdekt door Christiaan Huygens op 25 maart 1655.
In de
Griekse mythologie waren de Titanen een familie van reuzen, de
kinderen van Uranus en Gaia.
De Titanen overheersten de hemel, maar werden overwonnen door de
familie van Zeus.
Titan heeft een doorsnede van 5150
kilometer, dit te vergelijken is met 40% van
de doorsnede van de aarde en draait in 15.94 dagen om Saturnus en om zijn
eigen as, zodat
steeds hetzelfde halfrond naar de planeet is gekeert net zoals de
maan dat doet bij de aarde.

Titan
Titan is de grootste maan van Saturnus.
Op Titan is het gemiddeld -178°C.
Op het oppervlak komen vloeibare of vaste koolwaterstoffen (methaan) en ethaan voor.
Binnenste
De binnenmantel en de buitenmantel scheiden de korst van Titan, van de rotsachtige kern.
Onder de ijskorst, waarin zich methaan en
water bevinden, ligt de buitenmantel, waarschijnlijk een
50 tot 200 kilometer diepe oceaan van ammonia (oplossing van
ammoniak in water) verborgen,
die door het warme binnenste vloeibaar wordt gehouden.
De 300 kilometer dikke laag hieronder, de
binnenmantel,
bestaat waarschijnlijk grotendeels uit ijzige materialen.
Onder deze lagen bevindt zich tenslotte
nog een 3500 kilometer grote kern.
Deze is na ruim 4,5 miljard jaar nog steeds niet volledig
afgekoeld, dit duurt nog wel 3 miljard jaar
en wordt veroorzaakt door radioactieve afbraak in de kern van
Titan.
Met uitzondering van Venus, is de atmosfeer van Titan dikker dan die van de
overige vaste hemellichamen.
Foto's van ruimtesondes tonen een heldere oranje gloed om de maan,
dit wordt smog (dichte mist) genoemd.
Van de zon ontvangt Titan maar 1/1000 deel van wat wij ontvangen
op aarde.

Titan en de oranje smog
Door de foto's ontdekten de astronomen dat
de atmosfeer van Titan heel dik is, tien keer dikker dan op aarde.
De atmosferische druk aan het oppervlak is 1/2 bar, de aarde
heeft een druk van 1 bar.
De doorsnede van de maan is iets kleiner
dan Ganymedes (maan van
Jupiter).
Eerst dacht men dat Titan groter was, maar dit leek zo door de
dikke atmosfeer.
Titan is dus de op één na grootste maan
van ons zonnestelsel,
maar hij is wel groter dan de planeten Mercurius en Pluto.
De atmosfeer bestaat grotendeels uit:
Ook zijn er sporen van ethaan en
koolstofdioxide.
Doordat het er zo koud is, is waterdamp en daarmee ook zuurstof
en kooldioxide bijna niet aanwezig.
Rond de temperatuur van -180°C kan methaan, vloeibaar of vast
ijs zijn.
Dit betekent dat methaan dezelfde rol in
Titans atmosfeer zou kunnen spelen,
als water in de atmosfeer van de aarde.

Atmosfeer van de aarde en Titan
Dus op Titan zouden er meren en rivieren
van vloeibaar methaan kunnen zijn in een landschap van methaanijs.
Afhankelijk van de temperatuur zou het methaan kunnen regenen of
sneeuwen.
Titan heeft geen steenrotsen maar keihard
bevroren water,
het weer en de rivierlopen lijken sprekend op die van de aarde.

Eerste foto door de Huygens van het oppervlak van Titan
De rivieren en meren op de foto's van Titan staan op dit moment droog.
Wel ligt de bodem bezaaid met ooit door
stromend methaan meegesleurde ijskorrels,
zo groot als kiezelstenen van 10 tot 15 centimeter groot.
Als
enige maan in het zonnestelsel heeft Titan een atmosfeer, de vorming van wolken
concentreert zich op
de 40° breedtegraad, mogelijk veroorzaakt door vulkanen die
langs deze breedtegraad liggen.
Naast wat methaanwolkjes bij de polen zijn er geen wolken te
vinden. De wolken liggen hoger dan
de tropopauze, wat op aarde zelden voorkomt en er bevinden zich
geen wolken langs de evenaar.
De organische stoffen zoals methaan, die
in het bovenste deel van de atmosfeer van Titan overheerst,
worden door het zonlicht afgebroken en deze chemische
samenstellingen veroorzaken de oranje kleur.
Het resultaat is dat er een smog gevormd
wordt, die tien keer dikker is dan de smog
die zich vormt boven de steden op aarde.
Dit is hetzelfde proces dat plaatsvond op de aarde in de periode dat het eerste leven ontstaan is.
Uit metingen van de stikstof in de
atmosfeer blijkt dat de atmosfeer ooit nog dichter is geweest
en dat de meeste stikstof ontsnapt is naar de ruimte.
De smog strekt zich uit tot aan het oppervlak waar een
temperatuur heerst van -180°C.

Atmosfeer Titan
Door de hoge dichtheid heeft de afdaling
van de Huygens-sonde 2½
uur geduurd.
Tijd genoeg dus om de atmosfeer te onderzoeken.
Er is een troposfeer en een stratosfeer,
deze worden gescheiden door een temperatuurovergangslaag,
de tropopauze. Op 500 kilometer boven het oppervlak zijn nog meer
van deze overgangslagen.
Op 200 tot 250 kilometer bevindt zich een
dikke laag oranje smog aan de bovenkant
van de troposfeer en een dunnere mistlaag op 20 kilometer hoogte.
De windsnelheid op 120 kilometer hoogte bereikt een snelheid van 430 kilometer per uur.
Onder de 120 kilometer werden de stormen
minder en op 80 kilometer hoogte was het windstil.
Naarmate de sonde afdaalde nam de wind weer toe tot 4 kilometer
per uur of minder.
Er zijn elektrische ontladingen
waargenomen waarschijnlijk veroorzaakt door bliksem
en grote hoeveelheden methaan. Dat is een interessant gegeven,
omdat bliksemontladingen
de vorming van complexe organische moleculen bevorderen.
Daar methaan door het zonlicht wordt
afgebroken, hierdoor ontstaat de oranje smog,
moet het methaan door Titan zelf worden aangevuld, dit is
waarschijnlijk aanwezig in de korst.
Misschien door vulkanische
ijsuitbarstingen die behalve methaan ook een mengsel van ammoniak
en water
de atmosfeer inblazen, of door het vrijkomen van methaangas onder
de ijskorst, via spleten en kieren in de korst.
Xanadu
Xanadu is een gebied op Titan dat lichter is van kleur dan het
omliggende oppervlak.
Het gebied werd in 1994 ontdekt met behulp van infraroodfoto's
gemaakt door de
Hubble Space Telescope.

Xanadu
De grootte van het gebied is
vergelijkbaar met de oppervlakte van Australië.
Op foto's van de Cassini-Huygens genomen op 26 oktober 2004, lijkt het te gaan om
landmassa,
omringd door een zee van vloeistof.
Het grote lichte gebied rechtsboven op de foto is Xanadu.
Op 14 januari 2005 vond in dit gebied de landing plaats van de Huygens.
Tijdens de landing zakte de
Huygens 10 centimeter weg in de bodem,
een verende moerasachtige ondergrond, waarschijnlijk een mengsel
van ijs en methaan.
Na de landing bleven er nog 70 minuten over om foto's te maken en onderzoek te doen.

Eerste kleurenfoto van Huygens
(ijsbrokken en rotsen)

Landschap van Titan

Kustlijn op Titan

IJsbrokken en rotsen met afmetingen

Heuvels en dalen op Titan

30 foto`s van de Huygens toen hij aan het afdalen was

Rivierbeddingen die in een meer uitmonden

Het regent koolwaterstof (methaan) op Titan

Hier is de Huygens geland, Xanadu

Eilanden in een methaanrivier op Titan
Nieuwe strepen op Titan, 27 januari 2010









Wolken en
atmosfeer van Titan, 13 oktober 2009
Tijdens
de 62e flyby op 12 oktober worden de wolken en de atmosfeer van Titan onderzocht,
terwijl Cassini achter Titan langs vliegt en
hiervoor gebruik maakt van
het zonlicht.
Ook wordt de baan van Cassini weer verplaatst naar het
gebied rond de evenaar,
om in de toekomst flyby's langs de ijsmanen te
maken.

Propaangas op Titan opgemeten, 8 september 2009
Propaangas
in de dampkring van Titan
is door onderzoekers voor het eerst opgemeten.
Door het verzamelen van de meetgegevens van de
Infrared Spectrometer, die het infrarode licht
aan de rand van de
atmosfeer meette, kon men de hoeveelheid samenstellen.
De
metingen zijn
verricht tijdens flybys tussen juni 2004 en juni 2008, de hoeveelheid
propaan
die is gemeten, zou genoeg zijn voor de totale propaanconsumptie
gedurende 18 maanden in Amerika.

Propaan
is een behoorlijk complex koolwaterstofmolecuul.
Op
aarde
wordt het gebruikt in vlammenwerpers en gasbranders.
Tijdens
de 61e flyby langs Titan
staan opnamen van de Shangri duinen,
bergen en
wolken van het zuidelijk halfrond op het
programma.
Metingen en onderzoek van seizoenswisselingenen in de atmosfeer, ook de
ionen
en
elektronen die in de atmosfeer terecht komen worden opgemeten.



Er worden ook waarneming met de spectrometer verricht tijdens de dichtste nadering van de ionensfeer.

59e flyby langs Titan







Cassini onderzoekt zuidelijk halfrond van Titan, 19 mei 2009
De
radar van Cassini Cassini onderzoekt
tijdens de 55e flyby het noordwestelijke
deel
van het Shangri-La duinengebied op het zuidelijk halfrond van Titan.

55e flyby langs Titan
Tegelijkertijd verricht de
spectrometer metingen aan de
magnetische
wisselwerking tussen Saturnus en Titan.

lyby langs Titan, 3 mei 2009
Op 5 mei is de 54e flyby van Cassini langs Titan, er volgt onderzoek naar de samenstelling


Onder
het oppervlak van Titan
bevindt zich
wellicht een grote hoeveelheid vloeibare methaan.
Uit metingen verricht door Cassini, die de afgelopen tijd radarsignalen naar het
oppervlak
van de maan heeft gestuurd (weerkaatste), blijkt ook dat Titan geen ronde bol is.
De maan is
afgeplat bij de polen, waar het oppervlak zich gemiddeld zevenhonderd
meter
lager bevindt dan het geval is bij de evenaar. Zelfs de evenaar is niet precies rond,
doordat Titan steeds
met dezelfde kant naar Saturnus toe gekeerd is,
is hij in de richting
van Saturnus een paar honderd meter uitgerekt.
Deze afplatting is veel hoger
dan verwacht en kan niet verklaard worden door
de huidige
omloopbaan van Titan. De afwijking van de bolvorm van Titan,
zou er op kunnen wijzen dat de maan zacht is van binnen.








Cassini zal Titan dicht naderen tijdens de komende flyby en het gebied Tsegihi Mountains onderzoeken.
De radar meet ook de wisselwerking in de magnetosfeer in het midden van de zuidelijke breedtegraad.





Cassini ziet de evenaar van Titan in daglicht, 6 december 2008
Cassini daalde tijdens de flyby af tot 960 kilometer
boven
de evenaar van Titan
en onderzocht met de spetrometer de ionensfeer.
De radar
verrichtte ook
metingen aan het gebied Tui dit ligt in het gedeelte
van de landingsplaats Xanadu. Men verwacht dat in het Tui gebied
net als
in het gebied Hotei Arcus, ondergronds vulkanisme voorkomt.

48e flyby langs Titan
Cassini fotografeerd landingsplaats Huygens, 23 november 2008
Cassini maakte op 19 november een flyby langs Titan op een
afstand van 1023 kilometer,
om het oppervlak van de landingsplaats Huygens verder te
fotograferen.

47e flyby langs Titan
Andere instrumenten
onderzochten de samenstelling van de atmosfeer,
door het licht van ster Beta Cma als achtergrondlicht te
gebruiken, en de
werking tussen Titan en Saturnus van de zwaartekracht en de
zonnewind.

Opname Titan, 11 oktober 2008
Flyby langs Titan, 5 november 2008
De radar van Cassini
kijkt toe als de aarde achter Titan verdwijnt en verricht dan
metingen aan de atmosfeer tijdens de flyby op 3 november. Bij een
vorige radarmeting
is het signaal teruggekaatst van het oppervlak van Titan naar de
aarde.

46e flyby langs Titan
Onderstaande foto is gemaakt
op 25 september 2008 door Cassini op 1,7 miljoen kilometer
afstand van Titan.

Titan 25 september
Xanadu's kanalen, 4 november 2008
Tijdens de laatste flyby van de
oorspronkelijk vierjarige missie op 24 mei, maakte Cassini
opnamen van ongewone kanalen (rivieren) aan de rand van het
gebied Xanadu. Het zijn
de breedste kanalen die er tot nu toe zijn gezien en ze hebben
waarschijnlijk vloeibaar methaan vervoerd.

Geulen in gebied Xanadu
In het verleden heeft Cassini opnamen
gemaakt van verschillend gevormde kanalen op het oppervlak
van Titan, die varieeren van licht naar donker gekleurd en van
waaiervorm naar breed naar slingerend.
Sommige eindigen in een meer, kunnen enkele honderden meters diep
en tot 5 kilometer breed zijn.
Meer van vloeibaar ethaan ontdekt op Titan, 31 juli 2008
Titan heeft als enige hemellichaam in het zonnestelsel
een met vloeistof gevuld meer
aan zijn oppervlak. Onderzoek met de VIMS-spectrometer van Cassini heeft dit ontdekt.
VIMS analyseert de chemische samenstelling van voorwerpen door
naar het weerkaatste licht te kijken.
De inhoud van het meer weerkaatst geen
licht op een golflengte van 5 micron. Het grootste deel
van het meer neemt het invallende licht op en slechts 0,1 procent
van het licht wordt weerkaatst.
Als Ontario Lacus zo donker van kleur is, moet het oppervlak van
het meer heel rustig en vlak zijn.
Geen enkele vaste stof dat op een natuurlijke manier gevormd is,
kan zo glad zijn.

Lacus Ontario
Het grote Ontario Lacus, Ontariomeer,
ongeveer 20.000 vierkante kilometer groot in het zuidpoolgebied
van Titan,
is gevuld met een vloeibaar mengsel van ethaan, methaan, stikstof
en overige koolwaterstoffen.
Dezelfde waarnemingen hebben de aanwezigheid van waterijs,
ammoniak,
ammonia-hydraten en koolstofdioxide in Ontario Lacus uitgesloten.
Met zijn lengte van 235 kilometer is het
iets groter dan zijn naamgenoot op aarde, het Ontariomeer in
Amerika.
Het onderzoek van het oppervlak van Titan wordt gehinderd door de
dichte atmosfeer.
Op de vage beelden is een meer met een
donker strand te zien. De diepte van het meer is niet bekend.
Uit waarnemingen lijkt het dat het meer bezig is om te verdampen.
Het meer wordt omringd door
een donker strand, daar waar het zwarte meer en de heldere
kustlijn elkaar ontmoeten.
Dit strand lijkt te ontstaan op de
plaatsen waar het meer verdampt. Het verdampen van Ontario Lacus
wordt waarschijnlijk veroorzaakt door de verandering van de
seizoenen. Titan heeft tijdens de eerste helft
van het jaar een aantal meren op het noordelijk halfrond, die
verdampen en tijdens de rest van het jaar
vergelijkbare meren op het zuidelijk halfrond vormen. Een jaar op
Titan duurt 29,5 aardse jaren.

Meren op Titan?
Uit onderzoek van de gegevens van Huygens
van januari 2005 blijkt ook dat er elektrische activiteit
plaatsvindt op Titan, die op aarde worden gezien als voorlopers
van het leven, de organische moleculen.
De elektrische aktiviteit wordt gevormd
tussen de ionosfeer en een groot resonant gebied waarin
de elektromagnetische velden van Titan zich bevinden.
Dit wijst er op dat er elektrische stormen ontstaan in de
atmosfeer.
Titan is de enige maan in het zonnestelsel
die omgeven wordt door een dikke atmosfeer.
Toch is de kans op het bestaan van leven op de maan groter
geworden, nu ontdekt is
dat organische moleculen op Titan gevormd kunnen zijn.
45e flyby langs Titan, 29 juli 2008
Donderdag 31 juli vliegt Cassini voor de 45e keer langs Titan.
Dit is de vierde van de vier
flyby's, waarbij de radar wordt gebruikt om het inwendige van
Titan te onderzoeken
en eventueel het bestaan van een oceaan te bevestigen. Ook wordt
het magnetisch veld gemeten.

45e flyby langs Titan
Tectonics op titan, 28 mei 2008
Cassini maakte
tijdens de flyby langs Titan op 12 mei een radaropname van het
oppervlak
waar drie richels paralel aan elkaar lopen. Een verklaring voor
deze vervormingen
aan het oppervlak is, dat het overhellende of gescheiden blokken
zijn van een gebroken
of verschoven korst, waardoor er hoge richels ontstaan.
Dit wordt tektoniek genoemd en ontstaat
niet op dezelfde manier als plaattektoniek, dit is een
uniek proces op aarde. De regelmatige tussenruimte is kenmerkend
voor gebieden
die worden samengedrukt of uitgerekt over een groter gebied, een
voorbeeld hiervan
zien we op aarde in het westelijke United States Bassin in de
Verenigde Staten.

Opname oppervlakte Titan flyby 12 mei
De steile hellingen en kliffen zijn een
paar honderd meter hoog en liggen ongeveer 50 kilometer
uit elkaar. Het bevindt zich in het bergachtige gebied Xanadu en
loopt van west naar oost.
Dit geeft aan dat de tektonische krachten
zich in een noord naar zuidrichting bewegen
in het equatoriale gebied. Dit biedt mogelijkheden voor
onderzoekers om
de korst en het binnenste van Titan beter te kunnen begrijpen.
Laatste flyby van de oorspronkelijke vier jaar missie, 27 mei 2008
Op 28 mei zal Cassini voor de 44e keer langs Titan vliegen. De geplande vierjarige missie
is dan voorbij, maar doordat alles nog goed werkt is het met twee
jaar verlengd.
Deze flyby zal weer het gebied Xanadu uitgebreid onderzoeken.
De extra missie, the Saturn
Equinox Mission, start deze zomer met 26 flyby's langs Titan,
7 keer langs Enceladus en een keer langs de ijzige manen Dione,
Rhea en Helene.

44e flyby langs Titan
Cassini flyby langs Titan, 11 mei 2008
Cassini
vliegt op 12 mei op een hoogte van 1000 kilometer langs Titan, dit is de eerste
van de twee flybys over het noordelijk halfrond en het is de
bedoeling dat dit gebied
beter in kaart wordt gebracht dat de eerdere flybys over het
noordelijk halfrond.
De radar zal het heldere gebied
Xanadu uitgebreider in kaart brengen, in het verleden was
dit gebied maar gedeeltelijk gefotografeerd. De overlap van de
foto's geven hopelijk
stereo beelden van dit gebied. Het doel is het gebied Hotei Arcus
en Tortola Facula (of the Snail),
dit gebied heeft ijsvulkaanachtige kenmerken, die zichtbaar waren
op infrarood opnames.

43e flyby langs Titan
Xanadu's slingerende rivieren
Een netwerk van rivieren bevindt zich boven Xanadu, de opname is gemaakt door Cassini op 30 april 2006.
De rivieren gevuld met methaan en/of
ethaan, stromen naar beneden dwars door het gebied
en splitsen zich naar rechts en links op de opname.
Het gebied op de foto is ongeveer 230 kilometer breed en 340
kilometer lang.

Gebied boven Xanadu
Cassini vliegt dicht langs de atmosfeer Titan, 24 maart 2008
Op 25 maart nadert Cassini de atmosfeer van Titan op een afstand van 1000 kilometer.
De spectrometer zal de buitenste
laag van de atmosfeer onderzoeken.
Gelijk na de dichtstbijzijnde nadering van 1000 kilometer zal de
infrarood spectrometer
opnamen maken van het oppervlak dicht bij de landingsplaats van
de Huygens.

42e flyby langs Titan
Ondergrondse oceaan op Titan? 21 maart 2008
Als de ontdekkingen van Cassini juist zijn,
dan bevindt zich op Titan een ondergrondse oceaan van water
en sporen van ammonia. Tussen oktober 2005 en februari 2008 is
Cassini 41 keer langs Titan gevlogen
en daarbij zijn met behulp van de radar een vijftigtal opvallende
meren, kloven, rivieren, duinen en bergen
in kaart gebracht. Met deze kenmerken proberen onderzoekers er
achter te komen wat de rotatietijd van Titan is.
Uit de waarnemingen blijkt dat de
structuren op het oppervlak tijdens de onderzoeksperiode enkele
tientallen kilometers zijn opgeschoven. Deze verschuiving wijst
er waarschijnlijk op dat er onder
de ijskorst een vloeibare onderlaag drijft op een diepte van
ongeveer 100 kilometer.

Oceaan onder ijskorst op Titan
Deze diepte verwacht men gezien de
samenstelling van het oppervlak van Titan en de dichtheid die
gemeten is.
Titan is heel koud en heeft niet de goede samenstelling om een
gesmolten rotsmantel te hebben, zoals op aarde.
Als het klopt dat de oceaan uit water en sporen van ammonia
bestaat, dan volgt onderzoek naar
eventueel leven in de oceaan, die zich onder deze honderd
kilometer dikke ijslaag zou bevinden.
Titan is een van de weinige objecten in
het buitenste zonnestelsel met een atmosfeer en
men vraagt zich al langer af hoe Titan zijn atmosfeer van methaan
blijft voorzien.
Een van de theorieën is dat de ijslaag op
de maan methaan bevat, dat vrijkomt door processen die
zich afspelen in een oceaan onder de ijslaag. Het nieuwe
onderzoek zou deze theorie kunnen ondersteunen.
Titan is nu het vierde hemellichaam in het
zonnestelsel met (vermoedelijk) een verborgen oceaan.
Al eerder had de Galileo tekenen van een oceaan gevonden onder
het oppervlak van
de grote manen van Jupiter: Europa, Ganymedes en Callisto.
Olie en gas op Titan, 22 februari 2008
Volgens berekeningen uit gegevens van Cassini, bevatten de
methaanmeren op Titan honderden keren
meer vloeibare koolwaterstoffen dan alle natuurlijke olie- en
gasvoorraaden op aarde bij elkaar.
De meren zijn ontdekt op radarfoto's van
Cassini, er is tot nu toe 20 procent van het oppervlak van Titan
in kaart gebracht. Een paar van die meren bevatten ruim honderd
miljard ton aan methaan en ethaan.

Oppervlakte Titan
De meeste meren die zijn ontdekt, bevinden
zich op de noordpool en onstaan door regen van
vloeibare koolwaterstoffen, die zich verzamelen in enorme
neerslaggebieden, waaruit zich meren
van soms wel meer dan tien meter diep, en duinen vormen. De
donkere duinen langs de evenaar
bevatten een paar honderd keer meer steenkool dan de
steenkoolreserve op aarde.
Landingsplaats Huygens nogmaals gefotografeerd, 18 februari 2008
Nadat de Huygens-sonde iets meer dan drie jaar geleden op Titan
is geland, zal de radar van Cassini
tijdens de 41e flyby op 22 februari, opnamen maken van het
oppervlak van de
landingsplaats.
Dit gebied van Titan was al
eerder onderzocht door de radar maar toen met een lagere
resolutie.
Men verwacht dat de gegevens van twee flybys meer belangrijke
informatie geeft over de topografie.
De radar onderzoekt ook Hotei Arcus, dit
gebied verschijnt als een heldere vlek op de infraroodcamera van
Cassini.
Opnamen van de radar van dit gebied geven misschien meer
duidelijkheid over deze geheimzinnige plek.

41e flyby langs Titan
Radar opname van de zuidpool van Titan, 9 januari 2008
De zuidpool van Titan is een gebied met brede, vlakke valleien omgeven
door ruwe terreinen.
Op de opname gemaakt tijdens de 39e flyby, zijn ook donkere
vlekken te zien, waarvan men
aanneemt dat het meren zijn gevuld met vloeibaar methaan, net als
op de noordpool.
Er bevinden zich op de zuidpool minder meren dan op de noordpool.

Zuidpool Titan
Cassini's eerste flyby in het nieuwe jaar, 3 januari 2008
Op 5 januari zal Cassini weer langs Titan vliegen en het is de
bedoeling dat de spectrometer
de Huygens landingsplaats in kaart brengt, nu ligt het gebied in
zonlicht dat er rechtstreeks op schijnt.
De flyby wordt ook gebruikt om
met behulp van twee afzonderlijke sterren de atmosfeer
van Titan te onderzoeken. De spectrometer gebruikt het licht van
de ster Alpha Bootes
en de ultravioletcamera zal in de richting van Alpha Lyra wijzen.

40e flyby langs Titan

Ster Antares achter de ringen van Saturnus
Het licht van sterren kan soms gebruikt worden om de ringen van Saturnus of de atmosfeer van Titan te onderzoeken.
Cassini onderzoekt zuidpool van Titan, 19 december 2007
Tijdens de 39e flyby op 20
december maakt het radarinstrument van Cassini opnamen
van de zuidpool en willen onderzoekers het gebied vergelijken met
wat ze
ontdekt hebben in het gebied met meren op de noordpool van Titan.
Het radarinstrument zal opnamen
maken van een nieuw gebied, Tsegihi
en van het gebied ten zuiden van het duinenveld Belet.

39e flyby langs Titan
Op het zuidelijk halfrond van Titan zijn
tijdens de vorige flyby voor het eerst meren ontdekt,
op het noordelijk halfrond waren al honderden meren gezien door
de radar van Cassini.

Meren op de zuidpool van Titan
Het zuiden van Titan, 1 december 2007
Cassini zal op 5
december over het zuidelijk halfrond van Titan vliegen.
De infraroodcamera zal dan opnamen maken van het donkere gebied
Ontario Lacus, waar
zich mogelijk een groot meer bevindt, die voor het eerst in 2005
door de camera is gezien.
De Huygens landingsplaats zal ook gefotografeerd worden.

38e flyby
Opname van Titan, de oranje smog en de hogere nevels zijn zichtbaar door Saturnus op de achtergrond.

Titan en Saturnus
Nieuwe moleculen ontdekt in atmosfeer Titan, 29 november 2007
Onderzoekers hebben gegevens van Cassini onderzocht en bevestigen de aanwezigheid
van zware negatieve ionen in de bovenste regionen van de
atmosfeer van Titan.
Deze deeltjes spelen waarschijnlijk een
belangrijke rol in de vorming en samenstelling van
meer ingewikkelde moleculen. De ontdekking van de nieuwe deeltjes
was heel onverwacht.

Atmosfeer Titan
Titan in het spotlicht, 18 november 2007
Cassini zal
tijdens de 37e flyby op 19 november opnamen maken van Titan,
want de zon staat dan achter Titan en onderzoekers willen van
de gelegenheid gebruik maken
om de dichtheid van de atmosfeer te onderzoeken, die tijdens de
vorige flyby minder dik was.

37e flyby langs Titan
Motregen op Titan, 31 oktober 2007
’s Morgens grondmist en
motregen, later droog maar bewolkt en heiïg.
Dat is het weerbericht op de
westelijke flanken van Xanadu, een bergachtig terrein op Titan.
De landingsplaats van de Huygens,
Xanadu is een helder gebied op Titan.
Onderzoekers denken dat het misschien schoon gehouden wordt door
de regelmatige methaanmiezer.
Met de Keck-telescoop op Hawaii en de Very
Large Telescope in Chili is de motregen ontdekt.
Het gaat echter niet om gewone regen, maar om druppels vloeibaar
methaangas.
Op Titan is het 180 graden onder nul, waardoor water er
stijfbevroren is.

Atmosfeer van Titan
Methaanwolken waren al eerder
ontdekt, maar nu is er voor het eerst ook regen waargenomen.
Vermoedelijk ontstaat de motregen doordat vochtige lucht omhoog
wordt gestuwd tegen
het bergachtige landschap, net zoals dat op aarde gebeurt.
De methaanmiezer is ontdekt dankzij zeer
gevoelige infraroodwaarnemingen, onder andere met
het SINFONI-instrument op de Very Large Telescope. De
waarnemingen zijn verricht door een team
astronomen van de Universiteit van Californië in Berkeley,
waaronder de Nederlandse Imke de Pater.
Het bestaan van methaanregen op Titan
wordt al langer verondersteld, maar het is voor
het eerst dat er neerslag is waargenomen op een ander
hemellichaam dan de aarde.
Meren op de zuidpool van Titan, 12 oktober 2007
Opnamen van de radar van Cassini laten zien dat ook op de zuidpool van Titan kleine
onregelmatige donkere gebieden zijn die over het algemeen gezien
worden als meren.
Tot nu toe hadden we geen beelden van het
zuidelijk halfrond en kon men alleen vermoedden dat
meren ook daar zouden bestaan. Op de noordpool van Titan zijn al
veel van zulke gebieden ontdekt.
Het is nu zomer op de
zuidpool van Titan en op het noordelijk halfrond is het winter.
Tot nu toe is ongeveer 60% van het oppervlak in kaart gebracht.
Ongeveer 14% ervan lijkt bedekt met koolwaterstof-meren.

Meren op zuidpool Titan
36e flyby langs Titan, 27 september 2007
Cassini nadert de zuidelijke helft van Titan en maakt zich klaar voor de volgende flyby op 2 oktober.
Tijdens deze flyby heeft Cassini weer een
kans om van het oppervlak opnamen te maken.
De radar zal een deel van het zuiden onderzoeken en tijdens de
volgende passages
zal de Cassini dichter bij de zuidpool komen en kan de radar op
zoek naar meren
of zeeën als die zich hier bevinden net als op de noordpool van
Titan.

36e flyby langs Titan
Flyby langs Titan en Rhea, 31 augustus 2007
Op 31 augustus vliegt Cassini vlak langs Titan en zal proberen om een opname te
maken van de landingsplaats
van de Huygens. Ook wordt de geologische samenstelling van het
oppervlak in kaart gebracht.
Deze flyby brengt Cassini ook op weg voor
een flyby dicht langs Iapetus op 10 september,
dan zal Cassini op een afstand van 1640 kilometer langs het
oppervlak van Iapetus vliegen.
Iapetus is een maan met veel verschillen,
een deel van het oppervlak is bijna zwart en de andere helft
lijkt op
vers gevallen sneeuw. Onderzoekers willen meer weten over de
samenstelling van het donkere materiaal
dat Iapetus bedekt, over de walnootvorm en de bergketen die langs
de evenaar loopt.

35e flyby langs Titan
34e flyby langs Titan, 19 juli 2007
Cassini
gaat tijdens de 34e flyby langs Titan op 19 juli,
het gebied net ten westen van de landingsplek van de Huygens
onderzoeken, dit wordt gedaan om de samenstelling waaruit het
opppervlak bestaat vast te stellen.


Opnames van de oppervlakte van Titan tijdens de afdaling op 14
januari 2005
33e flyby langs Titan en flyby langs Tethys, 26 juni 2007
Cassini zal deze week op 27 juni langs Tethys vliegen en langs Titan op 29 juni.
Cassini zal op 27 juni een opname
van dichtbij maken van de grote krater Odysseus op Tethys,
deze heeft een doorsnede van 450 kilometer, en opnames van de
canyon Ithaca Chasma,
die vier keer zo lang is als de Grand Canyon op aarde.
Onderzoekers proberen erachter te komen hoe de canyon is ontstaan
en of Tethys in het verleden actief was, net als Enceladus nu is.
Er worden ook opnames gemaakt van
de geheimzinnige donkere plekken op Tethys
en er wordt onderzocht waar de oppervlakte uit bestaat.
Is de oppervlakte van Tethys alleen waterijs of verontreinigt met
organisch materiaal,
zoals het materiaal dat de donkere kant van Iapetus bedekt.

33e flyby langs Titan
Twee dagen na de flyby langs Tethys zal
Cassini op 29 juni Titan passeren en zal radiogolven terugzenden
naar de aarde, als de aarde achterlangs Titan gaat, gezien vanuit
Cassini. Met als doel om op het oppervlak
naar aanwijzingen voor een ondergrondse oceaan te zoeken en ook
om de atmosfeer van Titan te onderzoeken.
Oceanen onder de grond op Titan, 13 juni 2007
Wetenschappers hebben misschien het eerste
bewijs van het bestaan van een ondergrondse oceaan op Titan gevonden.
Huygens pikte het radiosignaal een paar uur voor de afdaling in
de atmosfeer op,
maar wetenschappers wisten het de afgelopen jaren nog niet te
plaatsen.

Huygens landing
Het waterijs op het oppervlak van Titan is
een slechte geleider, waardoor radiogolven moeilijk worden
teruggekaatst.
Dit gebeurde wel bij een bepaald gebied op Titan, vermoedelijk
zit hier iets wat de radiogolven reflecteert, mogelijk een oceaan.
Toch is de conclusie dat er een oceaan is
nog te voorbarig, hiervoor is meer onderzoek vereist.
Het team gelooft er in ieder geval in dat er een ondergrondse
oceaan bestaat op Titan.
Mogelijk ligt deze 50 kilometer onder het oppervlak van Titan.
Als deze oceaan van water bestaat,
dan zal deze vermoedelijk gemengd zijn met een natuurlijke
antivries in de vorm van ammoniak.
Een dergelijk mengsel is in staat het bestaan van leven mogelijk
te maken.
Zonsondergang en opgang op Titan, 9 juni 2007
Tijdens de 32e flyby van Cassini langs Titan op 13 juni
2007, zullen de onderzoekers van deze
gelegenheid gebruik maken om gedetailleerde metingen aan de
atmosfeer te verrichten, door opnames
van de zon te maken als de zon achter Titan langs passeert
met zijn dikke, gelaagde atmosfeer.

32e flyby langs Titan
De onderzoekers zullen proberen om met de
ultraviolet spectrograafcamera van Cassini,
de hoogste delen in de atmosfeer van Titan te onderzoeken.
Cassini onderzoekt Titan van top tot teen, 28 mei 2007
Cassini zal op 28
mei wetenschappelijke waarnemingen uitvoeren op Titan.
Vanaf de aarde gezien zal Cassini in de buurt van de zuidpool
achter Titan verdwijnen
om vlakbij de noordpool weer te voorschijn te komen.
Vanuit deze unieke plek zal Cassini
radiosignalen gebruiken om de samenstelling van de atmosfeer
van Titan te onderzoeken. De infrarood- en zichtbaarlichtcamera's
zullen het heldere gebied Dilmun fotograferen.

31e flyby langs Titan
Grote zee op Titan, 24 mei 2007
Cassini maakte
opnames tijdens de 30e flyby van Titan, deze opnames laten de kustlijn, een aantal
eilandengroepen
als onderdeel van een grote zee, die weer in verbinding staat met
de grote zee die door Cassini was gezien.
Net als bij andere meren en zeeën met
vloeistof op Titan, laat deze zee kanalen, eilanden, baaien en
andere kenmerken zien,
net als de kustlijn op aarde. De donkere vloeistof is waarschijnlijk een
combinatie van methaan en ethaan.
Wat opvalt aan dit deel van de zee in
vergelijking met andere meren en zeeën, is de afwezigheid erin
van lichtere gebieden,
wat betekent dat de diepte tientallen meters kan zijn.

Grote zee met kustlijnen op Titan tijdens de 30e flyby
Ook de aanwezigheid van de aparte eilanden
links, die in dezelfde richting lopen als de hogere eilanden naar
rechts, dit is
waarschijnlijk een deel van een bergrug die is overstroomd,
vergelijkbaar met Catalina Eiland buiten de kust van Zuid-California.
De opname die je ziet van de zee is ongeveer 160 bij 270 kilometer groot.
Cassini ontdekte, met verschillende deeltjesspectrometers,
dat organische verbindingen op Titan op veel grotere hoogte
in de dampkring ontstaan dan tot nu toe werd aangenomen. Uit
metingen blijkt dat simpele organische verbindingen,
die voornamelijk koolstof, stikstof en waterstof bevatten, op
hoogten van meer dan duizend kilometer kunnen ontstaan.

Atmosfeer Titan
Men ging er vanuit dat deze organische
verbindingen, ook gekend onder de verzamelnaam tholins, op
hoogten van maximaal
een paar honderd kilometer zouden ontstaan, maar Cassini heeft op
grote hoogte benzeenringen en grote ionen gevonden,
dit zijn elektrisch geladen atomen en moleculen, die aangeven dat
de tholins waarschijnlijk geproduceerd worden
door eerdere ion-neutrale scheikundige reacties tussen koolstof-
en stikstof.
Tholins vormen de belangrijke bouwstenen
voor complexere organische moleculen, waardoor in een later
stadium leven kan ontstaan.
Als men het ontstaan van tholins beter begrijpt, komt er
misschien meer inzicht in de manier waarop het leven op aarde ontstond.
Tijdens
de 30e flyby op 12 mei gaat Cassini onderzoeken of er
vloeistof aanwezig is,
in waarschijnlijk de grootste zee op Titan.
De onderzoekers wijzigden het radar instrument van richting, want
deze stond noordwaarts
gericht en de grote, uitgestrekte donkere zee bevindt zich in het
zuidelijke deel van Titan.

30e flyby langs Titan
Cassini brengt oppervlak Titan verder in kaart, 23 april 2007
De radar van Cassini zal nog meer gebieden dichtbij de noordpool van Titan onderzoeken tijdens de 29e flyby op 26 april 2007,
het is de bedoeling dat er een gebied wordt onderzocht met de
naam de zwarte zee.
De infrarood spectrometer moet de lichte en donkere kanten van Titan onderzoeken op warme plekken en bliksems.

29e flyby
28e flyby langs Titan, 6 april 2007
Op 10 april vliegt Cassini voor de 28e keer langs Titan en zal nieuwe gebieden verkennen op de noordpool
van Titan.
Tijdens deze flyby hoopt men met de radar meer meren en zeeën te
vinden.


Mozaïekfoto van het oppervlak van Titan tijdens de 28e flyby
Gigantisch meer op Titan, 13 maart 2007
Cassini heeft op 25
februari een opname gemaakt van een gigantisch meer in het
noorpoolgebied op Titan.
Het meer is 1100 kilometer lang, de oppervlakte is iets kleiner
dan de Kaspische zee op aarde.
Deze grote meren op Titan worden zeeën genoemd.


Gigantisch meer op Titan
Op de opname hieronder zie je
een opname van nog een heel groot meer (links) in de buurt
van de noordpool van Titan, gevuld met vloeibaar methaan of
ethaan, vergeleken met
de Grote Meren in Noord-Amerika (rechts) op aarde, dit is
ongeveer 1/5 van de Noordzee.
Dit meer op Titan heeft een oppervlakte
van tenminste 100.000 duizend vierkante kilometer
en is groter in omvang dan het Grote Meer op aarde, 82.000
duizend vierkante kilometer.

Meer op Titan in vergelijking met een meer op aarde
26e flyby langs Titan, 7 maart 2007
Op 10 maart vliegt Cassini langs Titan en zal opnames maken van het gebied net ten
noorden van de evenaar,
de temperatuur in kaart brengen en de bewegingen van de wolken
bekijken.

26e flyby
Landingsplaats Huygens genoemd naar Hubert Curien, 5 maart 2007
De landingsplaats van de
Huygens, die op 14 januari 2005 een zachte landing maakte op Titan,
was Xanadu en wordt nu
officieel het Hubert Curien Memorial Station genoemd.
Dit is besloten door de ESA, NASA en de internationale commissie voor
ruimteonderzoek COSPAR.

Landingsplaats Huygens
Hubert Curien (1924-2005)
overleed drie weken na de Huygens-landing op 6 februari 2005.
Hij was een belangrijke promotor van het Franse en het Europese
ruimteonderzoek en speelde een belangrijke rol bij
het tot stand komen van het ESA-programma, Horizons 2000, waar
ook de Huygens-missie deel van uitmaakte.

Hubert Curien
Van 1981-1984 was hij
voorzitter van de ESA Council, van 1984 tot 1993 was hij Franse
minister van ruimte
en wetenschappelijkonderzoek en van 1994-1996 directeur van CERN,
het Europese laboratorium voor deeltjesfysica.
Op 14 maart is er op het ESA-hoofdkwartier in Parijs een
officiële naamgeving.
Flyby Titan over bekend terrein, 16 februari 2007
Tijdens de 25e flyby
van Cassini langs Titan op 22 februari zal de radar het oppervlak
van Titan
in kaart brengen van zes gebieden die al eerder in kaart zijn
gebracht.

25e flyby langs Titan
Cassini's radar zal voornamelijk
het gebied rond de noordpool onderzoeken, waar de meren zijn
gezien.
Op de tweede serie opnames van het merengebied zullen
onderzoekers zoeken naar veranderingen
en misschien vinden ze nieuwe meren, door de overlap van de
opnames van hetzelfde gebied kan
met een speciale techniek, misschien de hoogte en kenmerken van
het oppervlak worden vastgesteld.

Grote meren op Titan
Deze opname is
gemaakt tijdens de 25e flyby en laat een groot eiland zien in het
midden van één van de grotere
meren op Titan. Het eiland is ongeveer 90 bij 150 kilometer en
bevindt zich op de hoogste geografische breedte.
Reuzenwolk rond de noordpool van Titan, februari 2007
Cassini heeft een
gigantische wolk ontdekt op Titan. Deze wolk heeft een doorsnede
van 2400 kilometer en bedekt bijna de hele noordpool,
waarschijnlijk veroorzaakt de wolk een
methaancyclus, die de meren op Titan vult en is te vergelijken
met de watercyclus op aarde.
Deze meren werden vorig jaar ontdekt met het radarinstrument van
de Cassini.
De verwachting is dat de
methaanwolk nog enkele jaren intact zal blijven, maar als de
seizoenen op Titan
voorbijgaan zal de wolkenactiviteit zich verplaatsen naar de
zuidpool en zullen op het zuidelijk halfrond
van Titan methaanmeren ontstaan. Een seizoen duurt ongeveer zeven
aardse jaren op Titan.

Wolken op de noordpool van Titan
De reuzenwolk bestaat uit
methaan, ethaan en andere organische moleculen.
De wolk was nog niet goed zichtbaar, omdat de noordpool van Titan
in de schaduw lag.
De foto werd gemaakt op 29 december 2006 door de spectrometer van
Cassini.
Op 13 januari 2007 werd de wolk weer gezien, maar hier zijn nog
geen foto's van uitgebracht.
Straalstroom op Titan, 26 januari 2007
Een samenstand, waarbij een
ster achter langs lijkt te bewegen heeft tot nieuwe ontdekkingen
van de
atmosfeer van Titan geleid, het licht van de ster werd langzaam minder, in plaats van in één keer
te verdwijnen.
Met de gegevens van de
sterbedekking, heeft men ontdekt dat Titan, net als op aarde, een straalstroom kent,
dit is een voortdurende, harde wind op grote hoogte, die de hele
maan omcirkelt.

Straalstroom op Titan
De straalstroom waait op een
hoogte van 200 kilometer boven het oppervlak van Titan en heeft
een snelheid
van 700 kilometer per uur. Met deze snelheid kan de wind in één
dag om Titan heen draaien.
Waarnemingen van de Huygens lieten in
januari 2005 al zien dat op een hoogte van 510 kilometer
een plotselinge temperatuurswisseling plaatsvindt en de gegevens
van de sterbedekking
laten deze temperatuurswisseling inderdaad zien.
24e flyby langs Titan, 25 januari 2007
Tijdens de 24e flyby van Cassini langs Titan op 29 januari
zullen de infrarood camera's de duistere,
dikke mistige atmosfeer onderzoeken, er door heen kijken en de
oppervlakte in kaart brengen.

24e flyby
23e flyby langs Titan, 10 januari 2007
Cassini begint 2007 met de 23e flyby langs Titan op 13 januari.

23e flyby

Duinen op Titan tijdens de 23e flyby
Op 14 januari is het twee jaar geleden dat de Huygens op Titan landde.
Dit
jaar zullen er 17 flyby's langs Titan plaatsvinden en een flyby
langs Tethys op 27 juni, Rhea op 30 augustus,
Iapetus op 10 september, dit zijn meer flyby's dan in één van
de andere vier jaren van Cassini.
Methaanmeren op Titan, 5 januari 2007
Cassini heeft op 22 juli 2006 radarfoto's gemaakt van het
oppervlak van Titan.
Op deze foto's zijn 75 donkere vlekken te zien, waarvan
onderzoekers met zekerheid zeggen,
dat er methaanmeren op Titan zijn. Eerder werd al aangenomen dat
er methaanmeren
van vloeibaar methaangas op het oppervlak van Titan waren, maar
er werd nooit bewijs gevonden.
Deze meren
hebben afmetingen van 3 tot 70 kilometer, er zijn meren die
gedeeltelijk droog staan,
terwijl andere meren volledig gevuld zijn, ook zijn er meren met
een steile kustlijn,
terwijl sommige meren heel geleidelijk aflopen.
De meren komen
op hoge noordelijke breedtegraden voor. Dit komt omdat het daar
nu winter is.
Onderzoekers vermoeden dat het methaangas condenseert bij lage
temperaturen,
waarna het weer verdampt als de temperatuur stijgt.
Als het zomer
wordt op het noordelijk halfrond van Titan, verdampen de meren
vermoedelijk weer,
maar dit duurt nog wel vijftien jaar en dan is het op het
zuidelijk halfrond weer winter,
waardoor er daar weer methaanmeren vormen.


Methaanmeren
Ooit werd
aangenomen dat er op Titan misschien een uitgestrekte oceaan van
vloeibaar methaan zou zijn,
maar die werd niet gevonden, waardoor de aanwezigheid van grote
hoeveelheden methaangas
in de dampkring van Titan moeilijk te verklaren was.
Onderzoekers
dachten dat er reservoirs van methaan onder het ijs zouden
bestaan, dat via ijsvulkanen
naar de dampkring kon ontsnappen en weer door het zonlicht wordt
afgebroken.
Maar de radarmetingen wijzen nu uit dat er vloeibaar methaan op
het oppervlak is en niet in een oceaan maar in meren.
De meren zijn
onderdeel van een methaankringloop op Titan, met neerslag en
verdamping.
Daarmee is Titan een ijzig evenbeeld van de vroege aarde, met een temperatuur van 180 graden onder nul.
Alleen is het verloop van de kringloop veel trager dan op aarde,
Saturnus draait in 29,5 jaar om de zon
en die omlooptijd is ook de lengte van de seizoenscyclus op Titan.
22ste flyby langs Titan, 23 december 2006
Cassini sluit 2006 af met de 22ste flyby langs Titan op 28 december.
Tijdens deze flyby zal de radar het magnetisch veld van Titan meten en zoeken naar ondergrondse oceanen.

22e flyby langs Titan

Duinen op Titan tijdens de 22ste flyby
Enorme bergketen op Titan ontdekt, 12 december 2006
Cassini heeft een
enorme bergketen ontdekt op Titan, deze is ongeveer 150 kilometer lang, 1,5
kilometer hoog,
30 kilometer breed en is bedekt met organisch materiaal,
waarschijnlijk ethaansneeuw door wolken omgeven.

Bergketen op Titan
De ontdekking ervan is gedaan op 25
oktober tijdens de 20e flyby, toen Cassini op korte afstand
langs Titan vloog en gedetailleerde infraroodbeelden van het
oppervlak kon maken.
De bergketen is waarschijnlijk ontstaan uit omhoogkomend
organisch materiaal,
dat door de openingen tussen de bewegende platen van Titan omhoog
werd geperst,
dit is te vergelijken met de mid-oceanische ruggen op aarde.
Op de beelden is ook een waaiervormige
structuur te zien, die eruit ziet als een oude lavastroom
de cirkelvormige structuur die ernaast ligt zou wel eens een
vulkaan kunnen zijn.
21e Flyby langs Titan, 6 december 2006
Cassini onderzoekt
tijdens de 21e flyby, op 12 december, de verdeling van aerosols (kleine
stofdeeltjes)
en koolwaterstofdeeltjes in de oranje atmosfeer van Titan.

Titan 21e flyby
20e Flyby langs Titan, 25 oktober 2006
Vandaag is de 20e flyby langs Titan. Cassini gaat onderzoeken waar de duinen, bergen en meren
uit bestaan.
Cassini vliegt langs Titan op een afstand van 1030 kilometer.

20e Flyby langs Titan
19e Flyby van Cassini langs Titan, 7 oktober 2006
Maandag 9 oktober 2006 is de 19e flyby langs Titan.

19e Flyby Titan
Het grote donkere oppervlak op de foto is
waarschijnlijk een meer van koolwaterstof.
Je ziet verschillende kanalen, de langste aan de linkerkant
slingert over een lengte van ongeveer 100 kilometer
en lijkt in het meer uit te komen, andere kanalen lijken recht,
misschien door verschuiving van de ondergrond.
De heldere plekken in de meren zijn waarschijnlijk oude,
verweerde stukken land die zijn overstroomd.

Grote meren op Titan

Meren op Titan, 26 september 2006
Cassini heeft
tijdens de flyby van 23 september opnamen gemaakt van het
oppervlak van Titan,
waarop twee meren te zien zijn, die samen ongeveer 60 kilometer
breed en 40 kilometer hoog zijn.

Twee meren op Titan
De onderzoekers waren verbaasd om meren te
zien die op aardse meren lijken.
Door de lage temperaturen op Titan en de methaanrijke atmosfeer,
bevatten de meren
waarschijnlijk een combinatie van methaan en ethaan en geen water.
18e Flyby langs Titan, 23 september 2006
Vandaag 23 september is de 18e flyby langs
Titan.
De Cassini vliegt op
een afstand van 960 km langs Titan,
dit zal één van de dichtstbijzijnde flyby's zijn.

18e flyby
Ethaanwolken op Titan, 14 september 2006
Cassini heeft een
grote wolk waargenomen in de richting van de noordpool van Titan,
waar mogelijk ethaansneeuw omlaag valt.
Voor de aankomst van Cassini bij Titan
werd nog verwacht dat de atmosfeer van Titan
veel ethaanwolken zou hebben, ethaan ontstaat namelijk bij de
afbraak van methaan,
dat een belangrijk bestanddeel van de atmosfeer van Titan is.
De ethaanwolken zouden zelfs zo veel regen
moeten geven, dat zich grote meren of zelfs zeeën
konden vormen, eind 2004 werden de eerste aanwijzingen van de
polaire ethaanwolk ontdekt.
De ethaanwolk is een uitgestrekte wolk op het noordelijk halfrond
en heeft een roodachtige tint.

Ethaanwolk op Titan
Het is een soort sluierwolk op dertig tot
zestig kilometer hoogte langs de noordelijke poolcirkel,
waar het op dit moment winter is, misschien dat het ethaan zich
in de winter boven de polen verzamelt
en daardoor geen neerslag kan geven op meer gematigde breedten.
Als er meren of sneeuwvelden zouden zijn,
bevinden ze zich waarschijnlijk in de poolstreken,
maar tot nu toe zijn deze nog niet gevonden.
17e Flyby langs Titan, 7 september 2006

17e Flyby langs Titan

Foto van Titan tijdens de 17e flyby

Krater met een doorsnede van 30 kilometer

Lange op duinen lijkende richels, met een tussenruimte van 3
kilometer
Opname van Titan tijdens de 17e flyby
Cassini maakte deze
opname van het oppervlak van Titan op 7 september 2006 tijdens de 17e flyby.
Het laat langgerekte duinen zien en een inslagkrater aan de
linkerkant van de opname.

Krater en duinen op Titan
De 18e flyby langs Titan is
op 23 september 2006.
De Cassini vliegt dan
op een afstand van 960 km langs Titan,
dit zal één van de dichtstbijzijnde flyby's zijn.
Methaanmotregen op Titan, 27 juli 2006
Op Titan motregent het
voortdurend vloeibaar methaan, koolwaterstof.
In totaal valt er ongeveer vijftig millimeter neerslag per jaar.
Door de methaanmotregen is het oppervlak van Titan vochtig en
modderig.
De motregen is afkomstig uit laaghangende bewolking die uit
vloeibare methaandruppeltjes bestaat.
Op grotere hoogte in de
dampkring bevinden zich wolken waarin kristallen van bevroren
methaan voorkomen.
De neerslag op Titan kan geen vloeibaar water zijn, daarvoor is
het te koud,
de temperatuur schommelt rond 183 graden Celsius onder nul.
Andere stoffen kunnen wel
vloeibaar blijven bij deze lage temperaturen, zoals methaan en
stikstof.
Deze stoffen veroorzaken de motregens op Titan.
Methaan en stikstof zijn op
Titan in vaste, vloeibare en gasvorm aanwezig.
Hierdoor kan een methaancyclus ontstaan die zorgt voor wolken.
Tussen acht en vijftien kilometer hoogte vinden we wolken van
vloeibare methaan en stikstof.
Het tweede wolkendek erboven bestaat uit bevroren methaandeeltjes.

Wolkenvorm op Titan
De onderzoekers vermoeden dat op de
landingsplaats van Huygens, in het gebied Xanadu,
ongeveer vijftig millimeter methaanregen per jaar naar beneden
valt.
Dit is geen grote hoeveelheid, zo'n hoeveelheid water op aarde
zou een woestijn betekenen.
De regen verklaart dus niet waarom het maanoppervlak er
geërodeerd uitziet.
Onderzoekers onderzochten dit en kwamen
tot de conclusie dat er flinke stormen konden ontstaan.
Deze stormen worden gevormd onder invloed van kleine
temperatuurschommelingen of een juiste opwaartse wind.
Het methaan wordt omhoog gebracht door opwaartse winden, met
snelheden tot boven de zeventig kilometer per uur.
De wolken die ontstaan kunnen daardoor tot
zo'n dertig kilometer hoog komen.
Uit deze wolken kan vervolgens flink wat regen vallen, met
druppels tot bijna vijf millimeter groot kan er binnen
vier uur meer dan honderd kilo methaanregen per vierkante meter
neerdalen op het maanoppervlak.
Meren van koolwaterstoffen op Titan, 25 juli 2006
Titan bevat waarschijnlijk
meren van vloeibare koolwaterstoffen, zoals methaan of ethaan.
Dat blijkt uit recente radarwaarnemingen van de 16e flyby van Cassini.
Op twee foto's van de hoge noordelijke
breedten, die afgelopen vrijdag werden gemaakt door Cassini
denken onderzoekers
het bewijs te zien voor meren vol vloeibaar methaan, op de foto's
zijn duidelijk zwarte plekken zichtbaar.
De zwarte kleur op radarbeelden ontstaat als de radiostralen
weerkaatst worden door een glad oppervlak, zoals een vloeistof.
Aan de randen van de donkere vlekken op de
radarbeelden gaat het zwart scherp over in grijs, ook een
eigenschap
van vloeibare meren en tussen sommige van de meren lopen kanalen,
waarvan de vorm van de stromingspatronen
sterk doet vermoeden dat ze door een vloeistof zijn uitgesleten.

Meren op Titan
Het bestaan van methaanmeren
op Titan werd jaren geleden al voorspeld, maar nog niet gevonden
door Cassini .
Toekomstige radarwaarnemingen en infraroodfoto's zullen hopelijk
meer uitsluitsel kunnen geven.
De methaanmeren kunnen in de loop van de tijd van omvang
veranderen
en de ruwheid van het oppervlak kan variëren als gevolg van de
wind.
Als de donkere vlekken op de
radarbeelden inderdaad vloeistofoppervlakken zijn,
is Titan het enige hemellichaam in het zonnestelsel naast de aarde waarop meren voorkomen.
IJskiezels op Titan waargenomen door radio-instrument van Huygens, 25 juli 2006
De Huygens, die op 14 januari
2005 een zachte landing maakte op het oppervlak van Titan,
fotografeerde ijskiezels met afmetingen van enkele centimeters.
Het bestaan van deze stenen
is nu ook afgeleid uit een nauwkeurig onderzoek van de
radiosignalen van de Huygens.
Een deel van het op aarde opgevangen radiosignaal van de Huygens-lander
blijkt eerst door het oppervlak van Titan te zijn weerkaatst.

Huygens meet kiezels
16e flyby van Cassini langs Titan, 19 juli 2006

Titan 16e flyby
Op 22 juli vervolgt Cassini zijn zoektocht naar meren en rivieren van methaan
en/of ethaan op Titan.
In april en mei werden land, rivieren en bergen dichtbij de
evenaar van Titan onderzocht.
De radar van Cassini zal
tijdens de 16e flyby, de hogere noordelijke gebieden van Titan
onderzoeken.
Misschien dat er in het noorden van Titan methaan meren zijn, die
in de winter groter en in de zomer kleiner worden.

Bergen en meren op Titan, in het gebied Xanadu bij de
evenaar
De lichte gebieden zijn
heuvels of bergketens, de donkere gebieden kunnen bestaan uit
vloeibaar methaan en/of ethaan.
Het gebied op de foto is ongeveer 150 kilometer breed en 400
kilometer lang.
15e flyby langs Titan, 2 juli 2006
Twee jaar draait Cassini nu om Saturnus en is op de helft van zijn missie.
Op 2 juli vliegt Cassini voor de 15e keer langs Titan.

15e flyby langs Titan
Cassini zal onderzoek doen naar de
wisselwerking tussen de atmosfeer van Titan
en de grote aantrekkingskracht van Saturnus.
Cassini zal ook het oppervlak onderzoeken om de eigenschappen
en de samenstelling van het oppervlak beter te kunnen begrijpen.
Titan en Enceladus, 23 juni 2006
Cassini heeft een
mooie foto van Titan en Enceladus gemaakt.
Titan en Enceladus zijn geologisch actief.
De foto is genomen op een afstand van 4,1
miljoen kilometer van Enceladus
en 5,3 miljoen kilometer van Titan.

Titan en Enceladus
Saturnus met op de achtergrond Titan, 9 juni 2006
Cassini maakte een
mooie opname van Saturnus en Titan.
In de verte, achter Saturnus en zijn donkere ringen zie je Titan.

Saturnus en Titan
De opname is boven de ringschijf genomen
en kijkt op de schaduwkant van de ringen.
De afstand tot Saturnus is 2,9 miljoen kilometer en tot Titan 4,1
miljoen kilometer.
Cassini heeft tot nu toe vijf keer zijn
radar op het oppervlak van Titan gericht, waarbij telkens een
smalle strook land
in kaart werd gebracht, na onderzoek blijkt nu dat er veel minder
kraters zijn dan men had verwacht.
Er zijn pas twee kraters gevonden, terwijl er ongeveer 100
kraters met een doorsnede van meer dan
20 kilometer werden verwacht, want alle manen worden getroffen
door inslagen, dus ook Titan.
Eén van de twee gevonden kraters is
Minerva, is een enorme inslagkrater met een doorsnede van 450
kilometer.
Minerva heeft waarschijnlijk vloeistofstromen, de andere is de 80
kilometer brede krater Sinlap.
14e Flyby langs Titan, 20 mei 2006
Cassini zal vandaag
weer de dunne atmosfeer van Titan van binnenuit onderzoeken, net
als bij de vorige flyby
als Cassini achter Titan vliegt en de gegevens via radiogolven
doorzenden naar de aarde.
De radiogolven gaan op deze manier door de
atmosfeer van Titan heen en onderzoeken de samenstelling
van de atmosfeer, de temperatuur, de structuur en de wind.
Tijdens de flyby worden ook radiogolven
naar het oppervlak van Titan gestuurd en weer terug naar de aarde,
om gegevens over de samenstelling en de ruwheid van het oppervlak
te verzamelen.

14e flyby langs Titan
13e Flyby langs Titan, 30 april 2006
De radar van Cassini zal door de dikke smog die Titan omringd, opnames
maken van het gebied Xanadu.
Het is nog niet duidelijk of Xanadu een berggebied, een enorm
bekken,
een gelijkmatige vlakte of een combinatie van alledrie is.

13e Flyby
Tijdens de flyby werden delen van het
gebied Xanadu in kaart
gebracht, een helder gebied op Titan.
Hoe Xanadu is ontstaan, is nog onduidelijk, maar de radarbeelden
tonen details die nog niet eerder zijn gezien,
zoals golvende kenmerken waar mogelijk vloeibare stoffen stromen.
Daarnaast zijn er nog twee ringvormige structuren gefotografeerd.
Waarschijnlijk zijn dat inslagkraters of vulkanen.

Gebied Xanadu met kraters of vulkanen
De ESA heeft nieuwe foto's samengesteld van de zachte
landing op Titan, op 14 januari 2005,
door de Huygens.
Op basis van honderden foto's en gegevens van verschillende
meetinstrumenten aan boord van Huygens is hiermee
een zo compleet mogelijk beeld gemaakt van de landing.
De camera's van de Huygens zagen eerst
alleen nevelige lagen in de dikke dampkring van Titan, maar toen
de capsule
op een hoogte van ongeveer zestig kilometer kwam, konden
oppervlaktedetails worden vastgelegd.
Na de landing waren ijsblokken, kiezels, van enkele centimeters
groot te zien.
Huygens landde op de grens van een helder
en een donker gebied op Titan.
De donkere gebieden zijn vermoedelijk gestolde vlaktes van teer-achtige
koolwaterstofverbindingen.

Langingsfoto Huygens van Titan
Duinen op Titan werden eerder al ontdekt
en zijn nu opnieuw te zien op de foto.
Met het radarinstrument van Cassini zijn zandduinen ontdekt, die
veel weg hebben van soortgelijke duinen
in woestijnen op aarde, zoals die in Namibië en de Sahara, de
duinenvelden op Titan hebben afmetingen tot
1500 bij 200 kilometer en de afzonderlijke duinen bereiken
hoogtes van honderd à honderdvijftig meter.
De duinenrijen lopen honderden kilometers
lang paralel aan elkaar, op onderlinge afstanden van één à
twee kilometer.
Ze komen rond de evenaar veel voor en ontstaan door de wind in de
atmosfeer van Titan, de wind ontstaat door
sterke getijdenwerking, die wordt veroorzaakt door de
aantrekkingskracht van Saturnus op Titan.
De getijdenwerking is op Titan bijna 400
keer groter dan de getijdenwerking die de maan uitoefent op de
aarde.
De duinenrijen lopen van oost-west en bestaan uit korrels met een
grote van tienden van millimeters, (een zandkorrel).
Deze korrels bestaan waarschijnlijk uit gestolde koolwaterstoffen
of ijskorrels.

Duinen op Titan vergeleken met duinen op de aarde

Dit is Shikoku Facula (in Xanadu) en lijkt op Groot-Brittannië
Cassini en 12e flyby langs Titan, 17 maart 2006
Op 18 maart zal Cassini tijdens de 12e flyby,
van binnenuit de nevelige atmosfeer en het oppervlak van Titan
onderzoeken.
Cassini zal radiogolven door de atmosfeer heenzenden naar de aarde, als hij achter Titan vliegt,
dit om gegevens te verzamelen over de temperatuur, wind en
structuur van de atmosfeer.

12e flyby langs Titan
Cassini heeft dit nog niet eerder gedaan,
de gegevens van het experiment kunnen dan vergeleken worden
met de gegevens van de Voyager 1 in 1980.
Tijdens de flyby, zal Cassini ook
radiogolven op het oppervlak laten weerkaatsen naar de aarde, om uit
de verschillende golflengten op te maken hoe de samenstelling en
onregelmatigheid van het oppervlak is.
Methaan in atmosfeer Titan, 2 maart 2006
Wetenschappers hebben door
onderzoek en dit vergeleken met de gegevens van de Huygens
tijdens de landing in januari 2005 en van Cassini, wellicht het vraagstuk van de aanwezigheid
van methaangas in de atmosfeer van Titan, opgelost.
Methaan wordt onder invloed
van zonlicht in de loop van de miljoenen jaren afgebroken,
dus moet er een bron zijn vanuit Titan die de voorraad af en toe
aanvult.

Binnenste lagen van Titan, waaruit het methaan vrij komt
Volgens de wetenschappers zit
het methaan, dat op Titan ongeveer dezelfde rol vervult als water
op aarde, misschien
opgesloten in methaanrijk waterijs dat een korst vormt op een
oceaan van vloeibaar water, vermengd met ammoniak.
Er zijn in het verleden drie
periodes geweest waarbij het methaan uitgaste en in de atmosfeer
terecht is gekomen.
De eerste methaanontsnapping zou het gevolg zijn van vulkanische
activiteit vroeg in de geschiedenis van Titan,
toen het binnenste van de maan nog warm was ten gevolge van de
afbraak van radioactieve elementen.
Een tweede periode van
uitgassing heeft twee miljard jaar geleden plaatsgevonden.
De meest recente en derde methaanuitstoot begon ongeveer 500
miljoen jaar geleden en zou het gevolg kunnen
zijn van afkoeling, doordat gas zich verplaats via
energiestromingen, van warm naar koud, in de vaste ijskorst.
Hoewel de uitgassing
voldoende is voor het aanvullen van methaan in de atmosfeer, is
het niet genoeg voor
het ontstaan van oceanen van methaan, die zouden er in het
verleden wel geweest kunnen zijn.
Men vermoed dat over enkele honderden miljoenen jaren het
uitgassen stopt en Titan bijna geen methaan meer zal bevatten.
11e Flyby langs Titan, 27 februari 2006
Cassini vliegt op 27
februari dicht langs Titan, op een afstand van 1813 kilometer.
Dit is de eerste van vier flyby's om het magnetisch veld van
Titan te meten en te onderzoeken en om een antwoord
te vinden op de vraag of er zich onder het oppervlak een oceaan
bevindt.

11e Flyby langs Titan
De volgende flyby's dicht
langs Titan zijn: 22e flyby, 33e flyby en 38e flyby.
Deze vier flyby's vinden plaats als de afstand tussen Titan en
Saturnus bijna op zijn grootst is.
In totaal zal Cassini 45 flyby's langs Titan maken, soms op een afstand van slechts een paar honderd kilometer.
Het weer op Titan, 23 januari 2006
Door waarnemingen van Titan,
vanaf de aarde en door gebruik te maken van waarnemingsgegevens
van Cassini, zijn
wetenschappers erin geslaagd een weercomputermodel van Titan te
maken, dat de vorming
van stikstof en de verschillende soorten ethaan en methaanwolken
op Titan verklaart.
Doordat de atmosfeer van Titan in
zichtbaar licht ondoorzichtig is, gebruikte men infraroodbeelden.
De Cassini draait nu anderhalf jaar om Saturnus.

Infraroodfoto van Titan
Het computermodel model is in staat om op
afstand het klimaat op Titan te onderzoeken.
Het is ook mogelijk om de aanwezigheid van wolken te voorspellen
voor één Titan jaar, dit is 30 jaar op aarde.
De komende jaren zal Cassini nog enkele malen een kort bezoekje aan de maan van Saturnus brengen.
Al sinds de jaren 80 weten we, dat door de
koude temperaturen in de atmosfeer van Titan,
de meeste organische verbindingen, gevormd worden in de bovenste
atmosfeerlagen
en wolken gaan vormen terwijl ze zakken in de atmosfeer.
Het methaangas in de atmosfeer daarentegen
zou vanaf het oppervlak
verdampen in wolken en zo opstijgen in de atmosfeer.

Atmosfeer en witte wolkentoppen
De methaanwolken die door Cassini zijn
waargenomen, blijken inderdaad te ontstaan op plaatsen,
die door het computermodel worden voorspeld, onder andere boven
de zuidpool van Titan.
De gegevens van het nieuwe wolkenmodel
zullen de komende jaren vergeleken worden
met de waarnemingsgegevens van Cassini en met waarnemingen van
telescopen op aarde.
Eén jaar geleden landing Huygens, 13 januari 2006
Op 14 januari 2005 landde de Huygens na een afdaling van twee uur en 28 minuten op Titan.

Huygens geland op Titan
Foto's van
Cassini tijdens de 8ste flyby en van de Huygens tijdens de
landing laten zien
dat geologische processen op Titan hetzelfde zijn als op aarde.
10e flyby langs Titan, 13 januari 2006
Op 15 januari is de 10e flyby van Cassini langs Titan.

10e flyby langs Titan
9e flyby langs Titan, 22 december 2005
Tijdens de 9e flyby van Cassini langs Titan, op 26 december, zal het
ruimtevaartuig zich in
hetzelfde gebied bevinden als de Voyager 1 in 1980, toen deze langs Titan vloog.
Cassini's baan door het
magnetisch veld van Titan zal voor de wetenschappers nieuwe
gegevens
opleveren om te onderzoeken en te vergelijken met de gegevens van
de Voyager 1, 25 jaar geleden.

Links Cassini en rechts Voyager 1
Landingsplaats van de Huygens-sonde is bekend, 1-12-2005
Op de nieuwe mozaïekfoto's,
gemaakt door Cassini tijdens de
achtste flyby op 28 oktober 2005,
is door een rood kruis aangegeven wat de landingsplaats van de
Huygens op Titan is geweest.
Tijdens de afdaling op 14 januari 2005 maakte de Huygens foto's van het oppervlak waar hij landde.

Landingsplaats van de Huygens
Door deze foto's te
vergelijken met de mozaïekfoto's van 28 oktober en doordat
wetenschappers
steeds meer te weten zijn gekomen over het oppervlak van Titan,
kon de landingsplaats worden bepaald.
De voorspelde landingsplaats lag ongeveer 7 kilometer verwijderd van de uiteindelijke landingsplaats.
Ultraviolette nevel op Titan, 8-11-2005
Er hangt een ultraviolette nevel, op een hoogte van 500 kilometer, om Titan heen.

Ultraviolette nevel op Titan
Wetenschappers proberen
erachter te komen,
welke processen de dunne, hoge nevel veroorzaken.
De nevel bestaat uit heel
kleine deeltjes, die het zonlicht weerkaatsen.
Waarschijnlijk verdicht materiaal, mogelijk waterijs.
De foto is gemaakt door Cassini op een afstand van 917.000 kilometer vanaf Titan.
Nieuwe gebieden op Titan krijgen namen, 04-11-2005
Een mozaïekfoto van de achtste flyby langs Titan op 28 oktober.
De onbekende gebieden zijn in
kaart gebracht,
hierdoor veranderen de geheimzinnige gebieden in bekendere
gebieden met een naam.

Mozaïekfoto's van de landingsplaats Xanadu
Het donkere gebied heet Shangri-La, het lichte gebied Xanadu.
De radar van Cassini heeft de kustlijn van Titan in beeld gebracht.
Na hevige regenbuien komen op Titan tijdelijk meren en zeeën van
vloeibare koolwaterstoffen (methaan) voor.
8e flyby langs Titan, 28-10-2005
De achtste flyby van Cassini op een afstand van ongeveer 1400 kilometer, heel
dicht langs Titan.
De Cassini heeft de landingsplaats van de Huygens, Xanadu en
de omgeving gefotografeerd.

Titan 8e flyby
De methaanwolken van Titan, 20-10-2005
Methaanwolken in de dampkring
ontstaan waarschijnlijk uit het binnenste van Titan.
De astronomen trekken deze conclusie uit de waarnemingen van de Keck-2 telescoop.

Methaan op Titan
De wolken verschijnen steeds
boven hetzelfde gebied op Titan, waarschijnlijk is het methaangas
in de wolken afkomstig uit scheuren en barsten in het ijzige
oppervlak van Titan of van ijsvulkanisme.
Waar het methaan in de
dampkring precies vandaan komt is nog steeds raadselachtig,
want het wordt door ultraviolet zonlicht snel afgebroken, dus het
moet steeds ververst worden.
Kustlijnen op Titan, 16-09 2005
Het lichte, ruwe gebied links
lijkt op kustlijnen met hoger bergachtig gelegen land,
dat is doorsneden door kanalen en baaien.
De baaien zijn waarschijnlijk door methaanregen uitgesleten.

Kustlijnen op Titan
De kanalen zijn ongeveer 1 kilometer breed en 200 meter diep en worden veroorzaakt door breuken in de korst.
Het donkere gebied (vlakte)
is mogelijk een oude zeebodem en lijkt overstroomd geweest te
zijn,
maar het vloeibare methaangas is weer gedeeltelijk verdwenen.
7e flyby langs Titan, de letter H, 13-09-2005

De letter H
Dit wordt zo genoemd omdat het zwarte gebied op een H lijkt die op zijn kant ligt.
De noordelijke helft wordt
Fensal genoemd, hierin liggen eilandjes die 5 tot 40 kilometer
groot zijn.
De zuidelijke helft heet Aztlan, hierin liggen grotere eilanden
deze zijn 120 bij 240 kilometer.
Het grootste eiland is Sotra Facula.

Het gebied Fensal-Aztlan is de letter H

Titan 7e flyby
Cassini vliegt op een afstand van 1075 kilometer langs Titan.
Windduinen op Titan, 05-09-2005
De foto van Titan laat een jong en dynamisch oppervlak zien, die door vulkanisme, erosie en inslagkraters is gevormd.
De krassen worden gezien als windduinen, die worden gevormd door de wind en ze lijken op aardse sneeuwduinen.

Duinen op het oppervlak van Titan
6e flyby Cassini langs Titan, 23-08-2005

6e flyby Titan
De foto is genomen op een
afstand van ongeveer 3800 kilometer.
Op 7 september is de volgende flyby langs Titan.

6e flyby titan
Land of meren, 28-06-2005
Op de zuidpool van Titan is
een donker gebied ontdekt door de Cassini.
Het is waarschijnlijk een meer van vloeibaar koolwaterstof, dat
afkomstig is uit de atmosfeer.
Het meer is ongeveer 235 bij 75 kilometer groot.
De witte vlekken zijn methaanwolken.
De kustlijnen lijken op die
van aardse meren die te maken hebben gehad met watererosie en
afzetting,
maar het kan ook een opgedroogd meer zijn.
De andere kleine donkere gebieden zijn waarschijnlijk ook meren.

Donker gebied op de zuidpool van Titan
Oude vulkaan op Titan, 08-06-2005
Cassini heeft op Titan een oude vulkaan ontdekt, die
waarschijnlijk methaan heeft gespuwd.
Dit zou ook kunnen verklaren hoe het methaan in de atmosfeer is
gekomen.
De vulkaanuitbarstingen
zouden zijn ontstaan door hitte als gevolg van getijdenwerking op
Titan.
Dit komt door de elliptische baan van Titan rond Saturnus,
die ervoor zorgt dat de vorm van Titan om de 16 dagen verandert.
Ook blijkt dat er geen zeeën van koolwaterstoffen zijn op Titan.

Vulkaan op Titan
Heldere vlek op Titan, 25-05-2005

Heldere vlek op Titan
Er is een heldere (infrarode)
vlek op Titan ontdekt.
De vlek is waarschijnlijk veroorzaakt door landverschuiving,
vulkanisme of atmosferische processen.
De linker is een infrarode
foto.
De middelste foto is gemaakt met de camera ISS.
De rechter is een combinatie van de linker + de middelste foto.

ISS-camera
Serie foto`s van het hele oppervlak van Titan, 13-05-2005

Oppervlak Titan
Dit zijn 60 foto`s van Titan gemaakt op 3 kilometer hoogte.
De lichtere gebieden in het
noorden en westen zijn hoger dan de rest van het oppervlak.
De donkere lijnen in het noordwesten lijken op afvoerrivieren
naar het donkere midden.
Nieuwe foto's van Titan, 22-04-2005

Drie verschillende opnamen van Titan
De linker foto is zoals Titan in het echt uitziet.
De middelste foto is genomen met een camera die door de atmosfeer heeft fotografeerd.
De rechter foto is in onechte
kleuren, de groene kleur is het oppervlak,
de rode kleur is het methaan hoog in de atmosfeer en blauw is de
buitenste rand van de atmosfeer.
Vijfde flyby langs Titan, 16-04-2005
Op 16 april was de vijfde flyby langs Titan.
Cassini vloog op 1025 kilometer langs Titan.

5e flyby Titan

Titan
4e flyby, nieuwe gebieden op Titan, 05-04-2005
Op 31 maart vloog de Cassini op 2400 kilometer afstand langs het oppervlak van Titan.
Er zijn door de Cassini nieuwe gebieden en kraters ontdekt.
Rechts van het midden zie je een krater
van 80 kilometer doorsnede.
Witte buitenkant met een zwarte vlek aan de binnenkant.

Oppervlakte Titan

4e flyby Titan
Foto van de wolken op de zuidpool van Titan door Cassini, 09-03-2005
Deze foto is gemaakt op een afstand van 340.000 kilometer.

Witte wolken op de zuidpool van Titan
Titan laat eerste geheimen zien, 23-02-2005
Ammoniak kan de atmosfeer van Titan hebben vormgegeven.
Volgens onderzoekers van de
Universiteit van Arizona,
heeft Titan grote hoeveelheden ammoniak en water verzameld.
De onderzoekers zijn er zeker
van dat de instrumenten van Cassini
een vloeibare laag van ammoniak en water onder het oppervlak van
waterijs gaan vinden.
3e flyby van Cassini langs Titan, 18-02-2005
Cassini vloog op 14 februari voor de derde keer langs Titan (flyby) op een afstand van 1580 kilometer.
Op 18 februari werden de
eerste foto`s vrijgegeven.
Hieronder zie je de foto`s.


Minerva, inslagkrater op Titan
Men vermoedt dat het van tijd tot tijd
methaan regent op Titan. De regen is nog niet aangetroffen,
maar men heeft aanwijzingen gevonden dat het in ieder geval soms
regent op Titan.
Vloeistofstromen zullen de kraters
uitslijpen en er verzakkingen veroorzaken.
Deze vloeistofstromen komen waarschijnlijk van cryovulkanen, dit
zijn ijsvulkan die geen lava maar water spuwen.
Als dit vlak bij een krater plaatsvindt, kan de krater vollopen
en dit verklaart misschien waarom er weinig kraters zijn op Titan.
Ook regent het voortdurend vaste deeltjes, roet, op Titan die de
kraters kunnen bedekken.
De Minerva-krater heeft een doorsnede van
440 kilometer en is waarschijnlijk ontstaan door een inslag van
een komeet of een planetoïde.
Dit is de eerste inslagkrater die is waargenomen door de radar
van Cassini.

Witte kanalen in het gebied waar Huygens is geland

3e flyby Titan
Windkracht zeventien op Titan, 17-02-2005
Op vrijwel alle hoogtes stond een westenwind, dit is de richting waarin Titan om zijn as draait.
Het hardst waaide het op 120
kilometer hoogte, met ruim 400 kilometer per uur.
Dat is bij ons op aarde meer dan windkracht 12.
Aan het oppervlak stond maar weinig wind.
Deze foto hieronder was op 151.000 kilometer afstand genomen door Cassini.

Atmosfeer van Titan
Ook op Titan is wind, mist en regen, 22-01-2005
De atmosfeer en de
oppervlakte van Titan vertonen grote overeenkomsten met die van
de aarde.
Op Titan regent het, er staat wind, er hangen mistflarden, op de
bodem slaat donkere smog neer, het landschap is doorsneden met
kloven en rivieren.
Er zijn duidelijke sporen van erosie.
Er zijn donkere en lichte gebieden, kronkelende rivieren die naar laagvlaktes stromen, ijskammen, kustlijnen, eilanden en een landschap bezaaid met keiharde ijsbrokken.
Het grote verschil tussen
Titan en de aarde is dat het op Titan geen water regent maar
vloeibaar methaan.
De atmosfeer bevat geen zuurstof, maar bestaat vooral uit
stikstof.
Het methaan neemt aan het oppervlakte toe.
Daardoor ontstaat in de hogere delen van de Titanatmosfeer de
oranje kleur (smog).
Het zou 21 januari geregend kunnen hebben op Titan.
Methaan op Titan, 21-01-2005
Foto`s tijdens de afdaling van de Huygens
tonen een heel netwerk van kanalen, die overgaan in rivieren die
uitmonden in een meer.
Tevens vond de sonde afgeronde kiezelstenen van waterijs op
rivierbeddingen.
Een andere ontdekking is dat er
vulkanische activiteit op Titan is geweest.
Er werd echter geen lava gespuwd zoals op aarde, maar waterijs en
ammoniak.
Er is ook vloeibaar methaangas (aardgas)
aangetroffen, dit bedekt een groot deel van het oppervlak van
Titan.
Het zou er zelfs methaan (koolwaterstof) regenen.
Het methaan op Titan heeft een belangrijke rol gespeeld op Titan,
zoals het water op onze aarde.
De missie kost in totaal 460 miljoen euro.
Deel van de foto`s van Titan mislukt, 17-01-2005
De helft van de 700 foto`s is niet
aangekomen doordat één van beide communicatiekanalen tussen
Huygens en Cassini het niet deed.
Aan boord van Cassini stond de betreffende software niet aan.
Maar later bleken de signalen door zeventien radiotelescopen op aarde toch nog waarneembaar ondanks de enorme afstand.
De radiotelescopen in Westerbork werden ook op Titan gericht, maar deze ontvingen geen signalen.
Vanaf 16 kilometer hoogte zijn er op Titan
geulen te zien die naar een donkere vlakte lopen.
Misschien een methaanzee.
Het lijkt erop dat Huygens op zachte
bodem is geland, te vergelijken met nat zand of klei.
De warmtevoeler van Huygens heeft -180°C gemeten.
De eerste foto`s van Huygens, 15-01-2005
De eerste foto`s van de
oppervlakte van Titan zijn ontvangen.
Daarop zijn een soort canyons en gedrongen rivieren te zien die
naar een kustlijn voeren van wellicht een Methaanzee
en een bodem bezaaid met ijs- en rotsblokken.
Het gebied waar Huygens is neergekomen heet Xanadu.
Titan heeft een dichte atmosfeer die door
de aanwezigheid van stikstof en ook methaan en ethaan,
veel lijkt op die van onze aarde 4 miljard jaar geleden.
Er werd verwacht dat na de landing, de
Huygens nog een paar minuten foto`s kon maken,
maar hij heeft nog twee uur lang foto`s gemaakt en doorgestuurd
naar Cassini.
Huygens geland op Titan, 14-01-2005
Bij de NASA werd om 11.30 uur het bericht ontvangen dat de
Huygens was losgekoppeld.
Om ongeveer twee uur 's middags is de Huygens geland op Titan.
Waarschijnlijk heeft het de landing overleefd, want er komen ook
nu nog radiosignalen door.
De atmosfeer van Titan lijkt op die van de
aarde, kort na haar ontstaan.
De afstand van Titan naar de aarde is 1,5 miljard kilometer.

Wolkenbanden van Saturnus, gefotografeerd op 14 december 2004
door de Cassini
2e flyby Cassini langs Titan lost mysterie methaanzee niet op, 26-10-2004
De vraag of zich op Titan zeeën van vloeibaar methaan bevinden, is met de tweede flyby van de Cassini-sonde niet definitief beantwoord. Dinsdag passeerde de Cassini de in oranje nevel gehulde, grootste Saturnusmaan op een afstand van 1200 kilometer, 300 keer dichterbij dan juli 2004.
Sommige delen van het oppervlak zouden wel eens bedekt kunnen zijn met een drap van bevroren en vloeibare koolwaterstoffen. Sommige gebieden zijn ruig, andere juist glad. Het Titan-oppervlak is plat en streeppatronen wijzen op wind.

2e flyby Titan

1e flyby Cassini langs Titan, 25-10 2004
De eerste flyby van Cassini langs Titan.

1e flyby Titan