TITAN

 

Titan is ontdekt door Christiaan Huygens op 25 maart 1655.

In de Griekse mythologie waren de Titanen een familie van reuzen, de kinderen van Uranus en Gaia.
De Titanen overheersten de hemel, maar werden overwonnen door de familie van Zeus.

Titan heeft een doorsnede van 5150 kilometer, dit te vergelijken is met 40% van
de doorsnede van de
aarde en draait in 15.94 dagen om Saturnus en om zijn eigen as, zodat
steeds hetzelfde halfrond naar de planeet is gekeert net zoals de maan dat doet bij de aarde.

 


Titan

 

Titan is de grootste maan van Saturnus.

Op Titan is het gemiddeld -178°C.

Op het oppervlak komen vloeibare of vaste koolwaterstoffen (methaan) en ethaan voor.

Binnenste

De binnenmantel en de buitenmantel scheiden de korst van Titan, van de rotsachtige kern.

Onder de ijskorst, waarin zich methaan en water bevinden, ligt de buitenmantel, waarschijnlijk een
50 tot 200 kilometer diepe oceaan van ammonia (oplossing van ammoniak in water) verborgen,
die door het warme binnenste vloeibaar wordt gehouden.

De 300 kilometer dikke laag hieronder, de binnenmantel,
bestaat waarschijnlijk grotendeels uit ijzige materialen.

Onder deze lagen bevindt zich tenslotte nog een 3500 kilometer grote kern.
Deze is na ruim 4,5 miljard jaar nog steeds niet volledig afgekoeld, dit duurt nog wel 3 miljard jaar
en wordt veroorzaakt door radioactieve afbraak in de kern van Titan.

Atmosfeer

Met uitzondering van Venus, is de atmosfeer van Titan dikker dan die van de overige vaste hemellichamen.
Foto's van ruimtesondes tonen een heldere oranje gloed om de maan, dit wordt smog (dichte mist) genoemd.
Van de zon ontvangt Titan maar 1/1000 deel van wat wij ontvangen op aarde.

 

Titan in oranje gloed
Titan en de oranje smog

 

Door de foto's ontdekten de astronomen dat de atmosfeer van Titan heel dik is, tien keer dikker dan op aarde.
De atmosferische druk aan het oppervlak is 1/2 bar, de aarde heeft een druk van 1 bar.

De doorsnede van de maan is iets kleiner dan Ganymedes (maan van Jupiter).
Eerst dacht men dat Titan groter was, maar dit leek zo door de dikke atmosfeer.

Titan is dus de op één na grootste maan van ons zonnestelsel,
maar hij is wel groter dan de planeten
Mercurius en Pluto.

De atmosfeer bestaat grotendeels uit:

Ook zijn er sporen van ethaan en koolstofdioxide.
Doordat het er zo koud is, is waterdamp en daarmee ook zuurstof en kooldioxide bijna niet aanwezig.
Rond de temperatuur van -180°C kan methaan, vloeibaar of vast ijs zijn.

Dit betekent dat methaan dezelfde rol in Titans atmosfeer zou kunnen spelen,
als water in de atmosfeer van de
aarde.

 


Atmosfeer van de aarde en Titan

 

Dus op Titan zouden er meren en rivieren van vloeibaar methaan kunnen zijn in een landschap van methaanijs.
Afhankelijk van de temperatuur zou het methaan kunnen regenen of sneeuwen.

Titan heeft geen steenrotsen maar keihard bevroren water,
het weer en de rivierlopen lijken sprekend op die van de aarde.

 


Eerste foto door de Huygens van het oppervlak van Titan

 

De rivieren en meren op de foto's van Titan staan op dit moment droog.

Wel ligt de bodem bezaaid met ooit door stromend methaan meegesleurde ijskorrels,
zo groot als kiezelstenen van 10 tot 15 centimeter groot.

Als enige maan in het zonnestelsel heeft Titan een atmosfeer, de vorming van wolken concentreert zich op
de 40° breedtegraad, mogelijk veroorzaakt door vulkanen die langs deze breedtegraad liggen.
Naast wat methaanwolkjes bij de polen zijn er geen wolken te vinden. De wolken liggen hoger dan
de tropopauze, wat op aarde zelden voorkomt en er bevinden zich geen wolken langs de evenaar.

De organische stoffen zoals methaan, die in het bovenste deel van de atmosfeer van Titan overheerst,
worden door het zonlicht afgebroken en deze chemische samenstellingen veroorzaken de oranje kleur.

Het resultaat is dat er een smog gevormd wordt, die tien keer dikker is dan de smog
die zich vormt boven de steden op aarde.
Dit is hetzelfde proces dat plaatsvond op de
aarde in de periode dat het eerste leven ontstaan is.

Uit metingen van de stikstof in de atmosfeer blijkt dat de atmosfeer ooit nog dichter is geweest
en dat de meeste stikstof ontsnapt is naar de ruimte.
De smog strekt zich uit tot aan het oppervlak waar een temperatuur heerst van -180°C.

 


Atmosfeer Titan

 

Door de hoge dichtheid heeft de afdaling van de Huygens-sonde 2½ uur geduurd.
Tijd genoeg dus om de atmosfeer te onderzoeken.

Er is een troposfeer en een stratosfeer, deze worden gescheiden door een temperatuurovergangslaag,
de tropopauze. Op 500 kilometer boven het oppervlak zijn nog meer van deze overgangslagen.

Op 200 tot 250 kilometer bevindt zich een dikke laag oranje smog aan de bovenkant
van de troposfeer en een dunnere mistlaag op 20 kilometer hoogte.

De windsnelheid op 120 kilometer hoogte bereikt een snelheid van 430 kilometer per uur.

Onder de 120 kilometer werden de stormen minder en op 80 kilometer hoogte was het windstil.
Naarmate de sonde afdaalde nam de wind weer toe tot 4 kilometer per uur of minder.

Er zijn elektrische ontladingen waargenomen waarschijnlijk veroorzaakt door bliksem
en grote hoeveelheden methaan. Dat is een interessant gegeven, omdat bliksemontladingen
de vorming van complexe organische moleculen bevorderen.

Daar methaan door het zonlicht wordt afgebroken, hierdoor ontstaat de oranje smog,
moet het methaan door Titan zelf worden aangevuld, dit is waarschijnlijk aanwezig in de korst.

Misschien door vulkanische ijsuitbarstingen die behalve methaan ook een mengsel van ammoniak en water
de atmosfeer inblazen, of door het vrijkomen van methaangas onder de ijskorst, via spleten en kieren in de korst.

Xanadu
Xanadu is een gebied op Titan dat lichter is van kleur dan het omliggende oppervlak.
Het gebied werd in 1994 ontdekt met behulp van infraroodfoto's gemaakt door de
Hubble Space Telescope.

 


Xanadu

 

De grootte van het gebied is vergelijkbaar met de oppervlakte van Australië.
Op foto's van de
Cassini-Huygens genomen op 26 oktober 2004, lijkt het te gaan om landmassa,
omringd door een zee van vloeistof.

Het grote lichte gebied rechtsboven op de foto is Xanadu.

Op 14 januari 2005 vond in dit gebied de landing plaats van de Huygens.

Tijdens de landing zakte de Huygens 10 centimeter weg in de bodem,
een verende moerasachtige ondergrond, waarschijnlijk een mengsel van ijs en methaan.

Na de landing bleven er nog 70 minuten over om foto's te maken en onderzoek te doen.

 

FOTO`S VAN TITAN DOOR HUYGENS

 

Eerste kleurenfoto van Huygens (ijsbrokken en rotsen)
Eerste kleurenfoto van Huygens
(ijsbrokken en rotsen)

 

Landschap van Titan
Landschap van Titan

 

Kustlijn op Titan
Kustlijn op Titan

 

IJsbrokken en rotsen met afmetingen
IJsbrokken en rotsen met afmetingen

 

Heuvels en dalen op Titan
Heuvels en dalen op Titan

 

Rivieren op Titan
Rivieren op Titan

 

30 foto`s van de Huygens toen hij aan het afdalen was
30 foto`s van de Huygens toen hij aan het afdalen was

 

Rivierbeddingen die in een meer uitmonden
Rivierbeddingen die in een meer uitmonden

 

Het regent koolwaterstof (methaan) op Titan
Het regent koolwaterstof (methaan) op Titan

 

Hier is de Huygens geland
Hier is de Huygens geland, Xanadu

 

Eilanden in een methaanrivier op Titan
Eilanden in een methaanrivier op Titan

 

NIEUWS TITAN

Nieuwe strepen op Titan, 27 januari 2010

Cassini maakte van Titan een opname waarop groeven boven-midden en rechts onder zijn te zien.
De groeven kunnen ontstaan door krachtbewegingen die onder het oppervlak plaatsvinden
en de korst uit elkaar trekt/scheurt. Of door wind en regen net als op de
aarde.



Bergketens op Titan




Cassini kijkt naar Titan, 23 januari 2010

De Imaging Science Subsystem camera van Cassini zal het oppervlak van het zuidelijk
halfrond op hoge breedtegraad waarnemen tot het equatoriale gebied Adiri.
De
Infrared Mapping Spectrometer zal de samenstelling en eigenschappen van de atmosfeer verzamelen.



66e flyby langs Titan

Op de onderstaande opname zie je in het midden het heldere
gebied Adiri met een breedte van 1700 kilometer.
De Huygens landde hier in januari 2005 aan de noordoostelijke rand van het gebied




Titan en gebied Adiri





Zuidpool van Titan, 9 januari 2010


Cassini vliegt tijdens de 65e flyby op 12 januari weer over het zuiden van Titan.
De radar onderzoekt de verdamping van methaan en ethaan
in het meer Ontario Lacus, in de buurt van de zuidpool.

De spectrometer zoekt diep in de zuidelijke atmosfeer om eventuele seizoensgebonden
veranderingen te meten. De gegevens van de 59e en 60e flyby in juli en augustus vorig jaar,
kunnen een goede vergelijking geven met de onderzoeks gegevens van deze flyby.



65e flyby langs Titan




Cassini weer naar het noorden van Titan, 25 december 2009

Cassini vliegt tijdens de 64e flyby op 27 december (28 december kort na middernacht
Universal Time) over het noorden van Titan, afstand 960 kilometer.

De noordelijke meren worden onderzocht en opgemeten om te kijken of er
veranderingen zijn in grootte, diepte of samenstelling van de meren.
Andere instrumenten onderzoeken de hoge noordelijke atmosfeer,
om mogelijke seizoenswisselingen te vinden.


64e flyby langs Titan


Cassini verzameld ook opnames voor een mozaïekfoto van het heldere gebied Adiri,
waar de Huygens precies vijf jaar geleden landde, 24 december (25 december Universal Time)
en bereikte het oppervlak op 14 januari 2005.



Mist op Titan, 25 december 2009

Titan is na de aarde, waarschijnlijk de enige plek in het zonnestelsel waar vloeistof
op het oppervlak aanwezig is en er is nog een overeenkomst, op Titan komt mist voor.
De mist, wolken op lage hoogte, is het bewijs voor het bestaan van een kringloop van methaan en ethaan.

Onderzoekers zijn er in geslaagd om afzonderlijke wolken op 750 meter boven de grond
op te sporen en niet op grotere hoogten waar zich normale bewolking (mist) vormt.
De mist ontstaat wanneer de luchtvochtigheid ongeveer honderd procent is.

Mist ontstaat doordat vocht aan de lucht wordt toegevoegd of door de lucht af te koelen,
zodat deze minder vocht vasthoudt. Er is weinig zonnewarmte op Titan,
waardoor de temperatuurverschillen klein zijn en de mist ontstaan moet zijn
door de verdamping van methaan uit de meren op het oppervlak.


Mist op Titan


De donkere mistvlekken zijn te zien op de zuidpool van Titan.



Meer op Titan glinstert in de zon, 18 december 2009

Cassini heeft tijdens de 59e flyby op 8 juli 2009 voor het eerst een opname gemaakt
van een meer op Titan dat zonlicht weerspiegeld. Dit is het bewijs dat de grote meervormige
bekkens op Titan gevuld zijn met vloeibare methaan en andere koolwaterstoffen.

Sinds eind 2008 ontvangen de noordelijke meren weer wat zonlicht, hiervoor heerste er
winterse duisternis en de dichte atmosfeer van Titan liet weinig zonlicht door.


Reflecterend meer op Titan


Op 8 juli werd de glinstering van het 400.000 vierkante kilometer grote meer Kraken Mare waargenomen.


Magnetosfeer van Titan, 12 december 2009


Tijdens de 63e flyby op 12 december 2009 onderzoekt Cassini de magnetosfeer
van Titan op een hoogte van 5200 kilometer en de magnetische wisselwerking
met Saturnus, waarvan de veldlijnen veranderen als Titan passeert.
De wolken worden ook weer door meetinstrumenten onderzocht.


63e flyby langs Titan

De Voyager heeft in november 1980 en augustus 1981 en Cassini tijdens de
T-9 (flyby) in december 2005 een vergelijkbare ontmoeting gehad met Titan.



Meren op Titan asymmetrisch verdeelt, 2 december 2009


Op de noordpool van Titan komen veel meer meren voor dan op de zuidpool.
Dit kan worden veroorzaakt door de wisselende langwerpige baan van Saturnus om de zon,
waardoor Titan gedurende bepaalde periodes meer of minder zonlicht ontvangt.

Volgens onderzoekers staat Saturnus, wanneer het zomer is op het zuidelijke halfrond van Titan,
ongeveer 12 procent dichter bij de zon dan wanneer het zomer is op het noordelijke halfrond.
Hierdoor zijn de noordelijke zomers langer en gematigder
dan de zuidelijke zomers, die korter en intensiever zijn.


Noord- en zuidpool van Titan

Het gevolg van deze asymmetrie is dat de verdamping op het zuidelijk halfrond
sterker is en op het noordelijk halfrond meer neerslag valt.
De meren zijn niet gevuld met vloeibaar water, omdat het veel te koud is op Titan,
maar met de vloeibare koolwaterstoffen ethaan en methaan.

Een jaar op Titan is gelijk aan 29,5 jaar op aarde,
iedere 15 jaar wisselen de zomer- en winterseizoenen.



Wolken en atmosfeer van Titan, 13 oktober 2009

Tijdens de 62e flyby op 12 oktober worden de wolken en de atmosfeer van
Titan onderzocht,
terwijl
Cassini achter Titan langs vliegt en hiervoor gebruik maakt van het zonlicht.

Ook wordt de baan van Cassini weer verplaatst naar het gebied rond de evenaar,
om in de toekomst flyby's langs de ijsmanen te maken.


Titan tijdens de 62e flyby

De opname van de mysterieuse nevel en ring om Titan is gemaakt op 12 oktober en is een
samengestelde mozaïek van zes foto's, gemaakt op een afstand van 145.000 kilometer.


Propaangas op Titan opgemeten, 8 september 2009

Propaangas in de dampkring van Titan is door onderzoekers voor het eerst opgemeten.
Door het verzamelen van de meetgegevens van de Infrared Spectrometer, die het infrarode licht
aan de rand van de atmosfeer meette, kon men de hoeveelheid samenstellen.

De metingen zijn verricht tijdens flybys tussen juni 2004 en juni 2008, de hoeveelheid propaan
die is gemeten, zou genoeg zijn voor de totale propaanconsumptie gedurende 18 maanden in Amerika.



Titan 31 maart 2005

Propaan is een behoorlijk complex koolwaterstofmolecuul.
Op aarde wordt het gebruikt in vlammenwerpers en gasbranders. 



Cassini maakt gedetailleerde opnamen van Titan, 23 augustus 2009

Tijdens de 61e flyby langs Titan staan opnamen van de Shangri duinen,
bergen en wolken van het zuidelijk halfrond op het programma.
Metingen en onderzoek van seizoenswisselingenen in de atmosfeer, ook de ionen
en elektronen die in de atmosfeer terecht komen worden opgemeten.



61e flyby langs Titan



Anders gevormde meren op Titan, 23 augustus 2009


Op de mozaiekopname van de flyby's T39, T55, T57, T58 en T59, verzameld
tussen december 2007 en juli 2009, is een groot donker gebied te zien
met een doorsnede van een paar honderd kilometer. Dit merengebied is behoorlijk
anders gevormd en samengesteld, dan de andere gebieden met meren op Titan.

Boven, het noorden, is een kustlijn te zien met ronde baaiachtige grenzen,
waar rivieren in uitkomen. Links en rechts is begrensd door helder vertakte rivieren,
die soms lengten van tientallen kilometers bereiken. In het donkere gebied
zijn details te zien, die op rivieren lijken en in het donkere gedeelte uitkomen.


Groot donker gebied op Titan


Cassini meet het oppervlak van Titan, 6 augustus 2009


De radar van
Cassini meet tijdens de 60e flyby, de hoogtes van het oppervlak
van het gebied Xanadu en overlapt ook Ontario Lacus. Het is de bedoeling dat
deze topografische metingen meer informatie geven over de vorm van Titan.


60e flyby langs Titan

Het is voor het eerst dat de hoogste zuiderbreedte wordt gepasseerd,
om de atmosfeer boven de zuidpool te meten.



De zuidpool van Titan, 22 juli 2209

De baan van Cassini kruist tijdens de 59e flyby de zuidpool van Titan
en wordt verder in kaart gebracht net als bij de flyby's 55-58.

Er worden ook waarneming met de spectrometer verricht tijdens de dichtste nadering van de ionensfeer.



59e flyby langs Titan


Op 22 juni maakte Cassini een opname van een inslagbassin op de zuidpool van Titan
met een doorsnede van 100 kilometer. Het bassin is waarschijnlijk ontstaan
door een inslag of door vulkanische aktiviteit en daarna volgelopen met methaan.




Inslagbassin op zuidpool van Titan




Titan flyby, 8 juli 2009

De Spectrometer van 
Cassini onderzoekt Titan als de zon achter Titan
langs gaat en hierna volgt nog een sterbedekkking.




58e flyby langs Titan


De RADAR maakt opnamen van de westelijke kant van Xanadu, die grenst aan Shangri-La.
De banen lopen parallel aan de opnamen van de T-55/56/57 flyby's om Titan
verder in kaart te brengen en bedekt ook het gebied Ontario Lacus.



Opname van duinen op Titan gemaakt op 21 mei 2009


Het duinen
gebied is 225 bij 636 kilometer groot.





Op zoek naar onbekend terrein, 22 juni 2009


De radar gaat weer onbekende gebieden voor de kaart vastleggen, die paralel lopen aan
de gebieden op het zuidelijk halfrond, die tijdens de vorige twee flyby's zijn gemaakt.

Tijdens deze flyby zal
Cassini tot ongeveer 955 kilometer Titan naderen en
de buitenkant van het magnetischveld aan de achterkant opmeten.




57e flyby langs Titan






Canyons op Titan, 14 juni 2009

De radar van Cassini maakte op 21 maart opnamen van een complex en uniek canyon
systeem op
Titan. De gleuven in de canyon zijn veroorzaakt door de stroming van
vloeibaar methaan via de rivieren. Het stroomde van de hoge plateaus aan
de rechterkant van de opname naar het laag gelegen gebied links.




Canyons op Titan


In het midden van de opname is de grote spreiding van de rivieren waarschijnlijk
veroorzaakt door regen, erosie van het oppervlak. Meer onderin is helder terrein
te zien wat waarschijnlijk hoge kliffen en bergruggen zijn.




De duinen op Titan



De duinen op Titan bestaan waarschijnlijk uit deeltjes ter grootte
van zandkorreltjes, die gevormd zijn uit organisch materiaal.






Wolken op Titan reageren langzaam, 6 juni 2009

Cassini maakte tussen juli 2004 en december 2007 infraroodfoto's van Titan,
en ontdekte in totaal meer dan tweehonderd wolken.


Uit deze atmosferische modellen blijkt dat de wolken in de dampkring van Titan veel
langzamer op de seizoenswisselingen reageren dan men dacht. De meeste wolken
bevinden zich rond de zuidpool van Titan, waar het de afgelopen jaren zomer was.
Er zijn ook wolken zichtbaar op veertig graden zuiderbreedte.



Wolken op Titan


Uit de circulatiemodellen is het ontstaan van die wolken te verklaren,
maar de zomerwolken op het zuidelijk halfrond, zouden in de loop van
2005 verdwenen moeten zijn, omdat het herfst begint te worden.

Op veertig graden noorderbreedte zouden ook wolken zichtbaar moeten zijn.
Dit geeft aan dat de dampkring van Titan veel trager reageert op de seizoenswisselingen
dan de theoretische modellen laten zien. Misschien is het temperatuurverschil tussen
de polen en de evenaar van Titan kleiner dan wordt aangenomen.




Cassini onderzoekt zuidelijk halfrond van Titan, 19 mei 2009

De radar van Cassini Cassini onderzoekt tijdens de 55e flyby het noordwestelijke deel
van het Shangri-La duinengebied op het zuidelijk halfrond van Titan.



55e flyby langs Titan

Tegelijkertijd verricht de spectrometer metingen aan de
magnetische wisselwerking tussen Saturnus en Titan.



Titan in kaart gebracht januari 2009

Kaart van Titan, samengesteld uit de gegevens die tot nu toe van Cassini zijn ontvangen.

 

lyby langs Titan, 3 mei 2009

Op 5 mei is de 54e flyby van Cassini langs Titan, er volgt onderzoek naar de samenstelling
van de vaste en -vloeibare deeltjes en de temperatuur in de atmosfeer.

Cassini gaat de hoge wolken op het zuidelijk halfrond, in de richting van de zuidpool,
de warmtestijging van plasma in de ionensfeer, het onweer en de wisselwerking met
het magnetische veld van Saturnus en Titan waarnemen en meten.



54e flyby langs Titan




Atmosfeer Titan onderzocht met ultraviolet licht, 18 april 2009

Cassini onderzoekt tijdens de 53e flyby langs Titan, de atmosfeer van Titan terwijl
de maan voor de
zon langs gaat, met de Ultraviolet Imaging Spectrograph (UVIS).


53e flyby langs Titan


Deze zeldzame gebeurtenis geeft de gelegenheid om de hoge ultraviolette straling
te onderzoeken, met de Composite Infrared Spectrometer (CIRS) wordt gedurende
de bedekking van de zon de maanrand van Titan gemeten.



Hoge atmosfeer boven het zuidpoolgebied van Titan


Wisselend, hoge stratosfeernevel boven de zuidpool van Titan. De lichte en donkere banden
ontstaan waarschijnlijk door wisselende concentratie van nevel, veroorzaakt door de aantrekkingskracht
of ze ontstaan door schaduwen die op de nevel valt en golven in de atmosfeer veroorzaakt.




Titan is niet rond, 1
2 april 2009

Onder het oppervlak van Titan bevindt zich wellicht een grote hoeveelheid vloeibare methaan.
Uit metingen verricht door Cassini, die de afgelopen tijd  radarsignalen naar het oppervlak
van de maan heeft gestuurd (weerkaatste), blijkt ook dat Titan geen ronde bol is.

De maan is afgeplat bij de polen, waar het oppervlak zich gemiddeld zevenhonderd meter
lager bevindt dan het geval is bij de evenaar. Zelfs de evenaar is niet precies rond,
doordat Titan steeds met dezelfde kant naar Saturnus toe gekeerd is,
is hij in de richting van Saturnus een paar honderd meter uitgerekt.

Deze afplatting is veel hoger dan verwacht en kan niet verklaard worden door
de huidige omloopbaan van Titan. De afwijking van de bolvorm van Titan,
zou er op kunnen wijzen dat de maan zacht is van binnen.



Atmosfeer Titan


De lagere ligging van de polen geeft ook een verklaring waarom de meren
van vloeibare ethaan en methaan op Titan in de poolgebieden te vinden zijn.
Het kan zijn dat die meren zelf, de gebieden zijn die zo laag liggen,
dat de ijskoude vloeistoffen daar aan de oppervlakte komen.


Als Titan reservoirs van methaan en ethaan heeft, dan zou dit een verklaring
geven voor de hoge concentratie van methaan in de atmosfeer van Titan.
Chemische reacties zouden dit methaan al lang vernietigd moeten hebben,
tenzij het voortdurend wordt aangevuld vanuit een bron die veel groter
is dan de aanvulling door de oppervlaktemeren.





Cassini vliegt langs Titan, 2 april 2009

Het Radio Science Subsystem (RSS) van Cassini gaat de ionen- en atmosfeer
van
Titan onderzoeken tijdens de 52e flyby.

De Ultraviolet Imaging Spectrograph (UVIS) onderzoekt de atmosfeer terwijl de
ster
Alpha Eri achter Titan langs gaat, dit is al eerder gedaan voor het noordpoolgebied
om een ontbrekend stukje in de temperatuurkaart in te kunnen vullen.



52e flyby langs Titan


Voor deze flyby is een speciale manoeuvre uitgevoerd tussen
de 51 en 52 flyby om in de juiste baan te komen.






Cassini maakt 3D-beelden van Titan, 26 maart 2009

Door radarmetingen van Cassini samen te voegen is het gelukt om 3D-beelden
te maken van het oppervlak van Titan. Onder een dikke, mistige dampkring
is bijna 40 procent in kaart gebracht met behulp van de radar.

Twee procent van het oppervlak is tijdens 19 flyby's over de laatste vijf jaar,
meerdere keren met de radar opgemeten en is een stereoscopie mogelijk.



Hotei Arcus op Titan


Er zijn nu 3D-beelden gemaakt van methaanmeren in het noordpoolgebied van Titan,
van bergtoppen, die tot 1200 meter hoog zijn en van duingebieden.
De beelden geven nieuwe informatie over  de gemiddelde temperatuur van 180 graden
onder nul en waar vloeibaar methaan te vergelijken is met water op aarde.





Spectrometer onderzoekt Ontario Lacus, 24 maart 2009


Cassini onderzoekt Ontario Lacus in het zuidpoolgebied van Titan tijdens de 51e flyby.
Deze flyby is een onderdeel van de Equinox Missie, (de verlengde missie van Titan).



51e flyby langs Titan

De vorige opname is gemaakt op 28 juni 2005.



Ontario Lacus







Wind op Titan komt uit westelijke richting, 1 maart 2009

Op
Titan is de overheersende windrichting aan het oppervlak van west naar oost
in plaats van andersom.
 In de dampkring komen vrijwel geen wolken voor,
dit maakt het bepalen van de windrichting moeilijk.

Dit blijkt uit onderzoek van een nieuwe kaart met duinenvelden op Titan, uit eerder onderzoek
van de duinen dacht men  dat de wind voornamelijk van oost naar west zou waaien.





Wind op Titan van west naar oost


Aan het oppervlak hebben zich uitgestrekte duinenvelden gevormd, die vermoedelijk bestaan
uit korreltjes koolwaterstofverbindingen.
De duinen verzamelen zich vooral nabij de evenaar.

De drogere omstandigheden daar vormen een gemakkelijker transport van zanddeeltjes door de wind.
Hierdoor kunnen de duinen zich opstapelen en behoorlijk hoog worden.

Op hogere breedtegraden van Titan zijn nattere omstandigheden, met meer
vloeibare koolwaterstoffen, die niet ideaal zijn voor de productie van duinen.




Duinen op Titan


De radar van
Cassini heeft de duinen de afgelopen vier jaar in kaart gebracht.
Op twintig langgerekte radarkaarten van de laatste twee flyby's,
zijn zestienduizend stukjes duin vastgelegd.

Uit de waargenomen structuur van de duinenvelden blijkt dat
de wind op Titan voornamelijk in oostelijke richting waait.



Titan in kaart gebracht






50e flyby langs Titan, 5 februari 2009

Cassini zal Titan dicht naderen tijdens de komende flyby en het gebied Tsegihi Mountains onderzoeken.
De radar meet ook de wisselwerking in de magnetosfeer in het midden van de zuidelijke breedtegraad.


50e flyby langs Titan





Verandering van de meren op Titan, 30 januari 2009

De mozaiekopname van de zuidpool van Titan is samengesteld uit opnamen, genomen
met een tussentijd van een jaar en laat veranderingen zien van de donkere gebieden,
die meren vormen en gevuld zijn door seizoensregen van vloeibaar methaan.

Het is waarschijnlijk dat methaanregen van een storm de nieuwe donkere gebieden heeft gevormd.
De opnamen, zoals van Ontario Lacus, laten verschil zien in helderheid tussen 2004 en 2005.


De bovenste linkerfoto is door Cassini verzameld op 3 juli 2004, de rechter op 6 juni 2005, hierop is nieuw
donker gebied (omcirkelt) te zien. De heldere vlekken zijn wolkencomplexen in de lagere atmosfeer, de troposfeer.



Verandering van het oppervlak op Titan


Onderzoekers verwachten, nu de zomer er aan komt op het noordelijk halfrond van Titan, dat de meren
daar door de verplaatsing van de wolkencomplexen de komende tijd zullen veranderen in aantal en afmeting.

De methaanmeren op het noordelijk halfrond van Titan zijn talrijker en groter dan op het zuidelijk halfrond,
maar zijn niet groot genoeg om via verdamping de hoeveelheid gasvormig methaan in de atmosfeer
te verklaren. Waarschijnlijk zijn ook andere bronnen
actief, zoals vulkanen.

Cassini heeft Titan bijna in kaart gebracht. Op de overzichtsopname is het noordelijke merengebied van Titan te zien.



Titan in kaart gebracht




Laatse flyby in 2008 langs Titan, 20 december 2008

Cassini sluit het jaar af door tijdens de laatste flyby radaronderzoek te verrichten
aan het gebied Ontario Lacus, dit ligt op het zuidelijk halfrond van
Titan.



49e flyby langs Titan





IJsvulkanen op Titan? 17 december 2008


Uit opnamen van Titan gemaakt door Cassini blijkt dat er mogelijk ijsvulkanen actief zijn.
Uit eerder metingen werden al indirecte aanwijzingen gevonden voor het bestaan van ijsvulkanisme
op Titan, maar het is ook mogelijk dat het door lokale veranderingen in de dampkring wordt
veroorzaakt, bijvoorbeeld een mistbank die ethaan bevat en boven het oppervlak zweeft.
Verder onderzoek moet dit nog verklaren wat het precies is en hoe het ontstaat.

Bij ijsvulkanisme, cryovulkanisme, spuwt een vulkaan geen lava uit, maar een superkoud
vloeibaar mengsel, welke vooral bestaat uit vluchtige gassen als water, ammoniak en methaan.

Door ijsvulkanisme kunnen grote hoeveelheden methaan vrij komen vanuit het inwendige van Titan,
dit zou een verklaring vormen voor de aanvoer van nieuw methaan. Zonder deze aanvulling zou
het methaan in de atmosfeer van Titan vernietigd worden als gevolg van interacties met
zonlicht.





IJsvulkanen op Titan


Opnamen zijn gemaakt op 22 februari 2008 (links) en 30 april 2006 (rechts)

Nieuwe metingen en opnamen laten zien dat sommige delen van het oppervlak van Titan na
een tijdje van helderheid veranderen, het lijkt of er nieuw, reflecterend materiaal is neergedaald.
In deze gebieden is ook de aanwezigheid van bevroren ammoniak vastgesteld,
dit molecuul komt eigenlijk alleen onder het oppervlak van Titan voor.



Cassini ziet de evenaar van Titan in daglicht, 6 december 2008

Cassini daalde tijdens de flyby af tot 960 kilometer boven de evenaar van Titan
en onderzocht met de spetrometer de ionensfeer.

De radar verrichtte ook metingen aan het gebied Tui dit ligt in het gedeelte
van de landingsplaats Xanadu. Men verwacht dat in het Tui gebied net als
in het gebied Hotei Arcus, ondergronds vulkanisme voorkomt.

 


48e flyby langs Titan



Cassini fotografeerd landingsplaats Huygens, 23 november 2008

Cassini maakte op 19 november een flyby langs Titan op een afstand van 1023 kilometer,
om het oppervlak van de landingsplaats Huygens verder te fotograferen.

 


47e flyby langs Titan

 

Andere instrumenten onderzochten de samenstelling van de atmosfeer,
door het licht van ster Beta Cma als achtergrondlicht te gebruiken, en de
werking tussen Titan en Saturnus van de zwaartekracht en de zonnewind.

 


Opname Titan, 11 oktober 2008

 


 

Flyby langs Titan, 5 november 2008

De radar van Cassini kijkt toe als de aarde achter Titan verdwijnt en verricht dan
metingen aan de atmosfeer tijdens de flyby op 3 november. Bij een vorige radarmeting
is het signaal teruggekaatst van het oppervlak van Titan naar de aarde.

 


46e flyby langs Titan

 

Onderstaande foto is gemaakt op 25 september 2008 door Cassini op 1,7 miljoen kilometer afstand van Titan.

 


Titan 25 september

 

 

Xanadu's kanalen, 4 november 2008

Tijdens de laatste flyby van de oorspronkelijk vierjarige missie op 24 mei, maakte Cassini
opnamen van ongewone kanalen (rivieren) aan de rand van het gebied Xanadu. Het zijn
de breedste kanalen die er tot nu toe zijn gezien en ze hebben waarschijnlijk vloeibaar methaan vervoerd.

 


Geulen in gebied Xanadu

 

In het verleden heeft Cassini opnamen gemaakt van verschillend gevormde kanalen op het oppervlak
van Titan, die varieeren van licht naar donker gekleurd en van waaiervorm naar breed naar slingerend.
Sommige eindigen in een meer, kunnen enkele honderden meters diep en tot 5 kilometer breed zijn.

 


 

Meer van vloeibaar ethaan ontdekt op Titan, 31 juli 2008

Titan heeft als enige hemellichaam in het zonnestelsel een met vloeistof gevuld meer
aan zijn oppervlak. Onderzoek met de VIMS-spectrometer van
Cassini heeft dit ontdekt.
VIMS analyseert de chemische samenstelling van voorwerpen door naar het weerkaatste licht te kijken.

De inhoud van het meer weerkaatst geen licht op een golflengte van 5 micron. Het grootste deel
van het meer neemt het invallende licht op en slechts 0,1 procent van het licht wordt weerkaatst.
Als Ontario Lacus zo donker van kleur is, moet het oppervlak van het meer heel rustig en vlak zijn.
Geen enkele vaste stof dat op een natuurlijke manier gevormd is, kan zo glad zijn.

 


Lacus Ontario

 

Het grote Ontario Lacus, Ontariomeer, ongeveer 20.000 vierkante kilometer groot in het zuidpoolgebied van Titan,
is gevuld met een vloeibaar mengsel van ethaan, methaan, stikstof en overige koolwaterstoffen.
Dezelfde waarnemingen hebben de aanwezigheid van waterijs, ammoniak,
ammonia-hydraten en koolstofdioxide in Ontario Lacus uitgesloten.

Met zijn lengte van 235 kilometer is het iets groter dan zijn naamgenoot op aarde, het Ontariomeer in Amerika.
Het onderzoek van het oppervlak van Titan wordt gehinderd door de dichte atmosfeer.

Op de vage beelden is een meer met een donker strand te zien. De diepte van het meer is niet bekend.
Uit waarnemingen lijkt het dat het meer bezig is om te verdampen. Het meer wordt omringd door
een donker strand, daar waar het zwarte meer en de heldere kustlijn elkaar ontmoeten.

Dit strand lijkt te ontstaan op de plaatsen waar het meer verdampt. Het verdampen van Ontario Lacus
wordt waarschijnlijk veroorzaakt door de verandering van de seizoenen. Titan heeft tijdens de eerste helft
van het jaar een aantal meren op het noordelijk halfrond, die verdampen en tijdens de rest van het jaar
vergelijkbare meren op het zuidelijk halfrond vormen. Een jaar op Titan duurt 29,5 aardse jaren.

 


Meren op Titan?

 

Uit onderzoek van de gegevens van Huygens van januari 2005 blijkt ook dat er elektrische activiteit
plaatsvindt op Titan, die op aarde worden gezien als voorlopers van het leven, de organische moleculen.

De elektrische aktiviteit wordt gevormd tussen de ionosfeer en een groot resonant gebied waarin
de elektromagnetische velden van Titan zich bevinden.
Dit wijst er op dat er elektrische stormen ontstaan in de atmosfeer.

Titan is de enige maan in het zonnestelsel die omgeven wordt door een dikke atmosfeer.
Toch is de kans op het bestaan van leven op de maan groter geworden, nu ontdekt is
dat organische moleculen op Titan gevormd kunnen zijn.

 


 

45e flyby langs Titan, 29 juli 2008

Donderdag 31 juli vliegt Cassini voor de 45e keer langs Titan.

Dit is de vierde van de vier flyby's, waarbij de radar wordt gebruikt om het inwendige van Titan te onderzoeken
en eventueel het bestaan van een oceaan te bevestigen. Ook wordt het magnetisch veld gemeten.

 


45e flyby langs Titan

 


 

Tectonics op titan, 28 mei 2008

Cassini maakte tijdens de flyby langs Titan op 12 mei een radaropname van het oppervlak
waar drie richels paralel aan elkaar lopen. Een verklaring voor deze vervormingen
aan het oppervlak is, dat het overhellende of gescheiden blokken zijn van een gebroken
of verschoven korst, waardoor er hoge richels ontstaan.

Dit wordt tektoniek genoemd en ontstaat niet op dezelfde manier als plaattektoniek, dit is een
uniek proces op aarde. De regelmatige tussenruimte is kenmerkend voor gebieden
die worden samengedrukt of uitgerekt over een groter gebied, een voorbeeld hiervan
zien we op
aarde in het westelijke United States Bassin in de Verenigde Staten.

 


Opname oppervlakte Titan flyby 12 mei

 

De steile hellingen en kliffen zijn een paar honderd meter hoog en liggen ongeveer 50 kilometer
uit elkaar. Het bevindt zich in het bergachtige gebied Xanadu en loopt van west naar oost.

Dit geeft aan dat de tektonische krachten zich in een noord naar zuidrichting bewegen
in het equatoriale gebied. Dit biedt mogelijkheden voor onderzoekers om
de korst en het binnenste van Titan beter te kunnen begrijpen.

 


 

Laatste flyby van de oorspronkelijke vier jaar missie, 27 mei 2008

Op 28 mei zal Cassini voor de 44e keer langs Titan vliegen. De geplande vierjarige missie
is dan voorbij, maar doordat alles nog goed werkt is het met twee jaar verlengd.
Deze flyby zal weer het gebied Xanadu uitgebreid onderzoeken.

De extra missie, the Saturn Equinox Mission, start deze zomer met 26 flyby's langs Titan,
7 keer langs Enceladus en een keer langs de ijzige manen Dione, Rhea en Helene.

 


44e flyby langs Titan

 


 

Cassini flyby langs Titan, 11 mei 2008

Cassini vliegt op 12 mei op een hoogte van 1000 kilometer langs Titan, dit is de eerste
van de twee flybys over het noordelijk halfrond en het is de bedoeling dat dit gebied
beter in kaart wordt gebracht dat de eerdere flybys over het noordelijk halfrond.

De radar zal het heldere gebied Xanadu uitgebreider in kaart brengen, in het verleden was
dit gebied maar gedeeltelijk gefotografeerd. De overlap van de foto's geven hopelijk
stereo beelden van dit gebied. Het doel is het gebied Hotei Arcus en Tortola Facula (of the Snail),
dit gebied heeft ijsvulkaanachtige kenmerken, die zichtbaar waren op infrarood opnames.

 


43e flyby langs Titan

 

Xanadu's slingerende rivieren

Een netwerk van rivieren bevindt zich boven Xanadu, de opname is gemaakt door Cassini op 30 april 2006.

De rivieren gevuld met methaan en/of ethaan, stromen naar beneden dwars door het gebied
en splitsen zich naar rechts en links op de opname.
Het gebied op de foto is ongeveer 230 kilometer breed en 340 kilometer lang.

 


Gebied boven Xanadu

 


 

Cassini vliegt dicht langs de atmosfeer Titan, 24 maart 2008

Op 25 maart nadert Cassini de atmosfeer van Titan op een afstand van 1000 kilometer.

De spectrometer zal de buitenste laag van de atmosfeer onderzoeken.
Gelijk na de dichtstbijzijnde nadering van 1000 kilometer zal de infrarood spectrometer
opnamen maken van het oppervlak dicht bij de landingsplaats van de Huygens.

 


42e flyby langs Titan

 


 

Ondergrondse oceaan op Titan? 21 maart 2008

Als de ontdekkingen van Cassini juist zijn, dan bevindt zich op Titan een ondergrondse oceaan van water
en sporen van ammonia. Tussen oktober 2005 en februari 2008 is Cassini 41 keer langs Titan gevlogen
en daarbij zijn met behulp van de radar een vijftigtal opvallende meren, kloven, rivieren, duinen en bergen
in kaart gebracht. Met deze kenmerken proberen onderzoekers er achter te komen wat de rotatietijd van Titan is.

Uit de waarnemingen blijkt dat de structuren op het oppervlak tijdens de onderzoeksperiode enkele
tientallen kilometers zijn opgeschoven. Deze verschuiving wijst er waarschijnlijk op dat er onder
de ijskorst een vloeibare onderlaag drijft op een diepte van ongeveer 100 kilometer.

 


Oceaan onder ijskorst op Titan

 

Deze diepte verwacht men gezien de samenstelling van het oppervlak van Titan en de dichtheid die gemeten is.
Titan is heel koud en heeft niet de goede samenstelling om een gesmolten rotsmantel te hebben, zoals op
aarde.
Als het klopt dat de oceaan uit water en sporen van ammonia bestaat, dan volgt onderzoek naar
eventueel leven in de oceaan, die zich onder deze honderd kilometer dikke ijslaag zou bevinden.

Titan is een van de weinige objecten in het buitenste zonnestelsel met een atmosfeer en
men vraagt zich al langer af hoe Titan zijn atmosfeer van methaan blijft voorzien.

Een van de theorieën is dat de ijslaag op de maan methaan bevat, dat vrijkomt door processen die
zich afspelen in een oceaan onder de ijslaag. Het nieuwe onderzoek zou deze theorie kunnen ondersteunen.

Titan is nu het vierde hemellichaam in het zonnestelsel met (vermoedelijk) een verborgen oceaan.
Al eerder had de Galileo tekenen van een oceaan gevonden onder het oppervlak van
de grote manen van Jupiter: Europa, Ganymedes en Callisto.

 


 

Olie en gas op Titan, 22 februari 2008

Volgens berekeningen uit gegevens van Cassini, bevatten de methaanmeren op Titan honderden keren
meer vloeibare koolwaterstoffen dan alle natuurlijke olie- en gasvoorraaden op
aarde bij elkaar.

De meren zijn ontdekt op radarfoto's van Cassini, er is tot nu toe 20 procent van het oppervlak van Titan
in kaart gebracht. Een paar van die meren bevatten ruim honderd miljard ton aan methaan en ethaan.

 


Oppervlakte Titan

 

De meeste meren die zijn ontdekt, bevinden zich op de noordpool en onstaan door regen van
vloeibare koolwaterstoffen, die zich verzamelen in enorme neerslaggebieden, waaruit zich meren
van soms wel meer dan tien meter diep, en duinen vormen. De donkere duinen langs de evenaar
bevatten een paar honderd keer meer steenkool dan de steenkoolreserve op aarde.

 


 

Landingsplaats Huygens nogmaals gefotografeerd, 18 februari 2008

Nadat de Huygens-sonde iets meer dan drie jaar geleden op Titan is geland, zal de radar van Cassini
tijdens de 41e flyby op 22 februari, opnamen maken van het oppervlak van de
landingsplaats.

Dit gebied van Titan was al eerder onderzocht door de radar maar toen met een lagere resolutie.
Men verwacht dat de gegevens van twee flybys meer belangrijke informatie geeft over de topografie.

De radar onderzoekt ook Hotei Arcus, dit gebied verschijnt als een heldere vlek op de infraroodcamera van Cassini.
Opnamen van de radar van dit gebied geven misschien meer duidelijkheid over deze geheimzinnige plek
.

 


41e flyby langs Titan

 


 

Radar opname van de zuidpool van Titan, 9 januari 2008

De zuidpool van Titan is een gebied met brede, vlakke valleien omgeven door ruwe terreinen.
Op de opname gemaakt tijdens de 39e flyby, zijn ook donkere vlekken te zien, waarvan men
aanneemt dat het meren zijn gevuld met vloeibaar methaan, net als op de noordpool.
Er bevinden zich op de zuidpool minder meren dan op de noordpool.

 


Zuidpool Titan

 


 

Cassini's eerste flyby in het nieuwe jaar, 3 januari 2008

Op 5 januari zal Cassini weer langs Titan vliegen en het is de bedoeling dat de spectrometer
de Huygens landingsplaats in kaart brengt, nu ligt het gebied in zonlicht dat er rechtstreeks op schijnt.

De flyby wordt ook gebruikt om met behulp van twee afzonderlijke sterren de atmosfeer
van Titan te onderzoeken. De spectrometer gebruikt het licht van de ster Alpha Bootes
en de ultravioletcamera zal in de richting van Alpha Lyra wijzen.

 


40e flyby langs Titan

 


Ster Antares achter de ringen van Saturnus

 

Het licht van sterren kan soms gebruikt worden om de ringen van Saturnus of de atmosfeer van Titan te onderzoeken.

 


 

Cassini onderzoekt zuidpool van Titan, 19 december 2007

Tijdens de 39e flyby op 20 december maakt het radarinstrument van Cassini opnamen
van de zuidpool en willen onderzoekers het gebied vergelijken met wat ze
ontdekt hebben in het gebied met meren op de noordpool van Titan.

Het radarinstrument zal opnamen maken van een nieuw gebied, Tsegihi
en van het gebied ten zuiden van het duinenveld Belet.

 


39e flyby langs Titan

 

Op het zuidelijk halfrond van Titan zijn tijdens de vorige flyby voor het eerst meren ontdekt,
op het noordelijk halfrond waren al honderden meren gezien door de radar van Cassini.

 


Meren op de zuidpool van Titan

 


 

Het zuiden van Titan, 1 december 2007

Cassini zal op 5 december over het zuidelijk halfrond van Titan vliegen.
De infraroodcamera zal dan opnamen maken van het donkere gebied Ontario Lacus, waar
zich mogelijk een groot meer bevindt, die voor het eerst in 2005 door de camera is gezien.
De
Huygens landingsplaats zal ook gefotografeerd worden.

 


38e flyby

 

Opname van Titan, de oranje smog en de hogere nevels zijn zichtbaar door Saturnus op de achtergrond.

 


Titan en Saturnus

 


 

Nieuwe moleculen ontdekt in atmosfeer Titan, 29 november 2007

Onderzoekers hebben gegevens van Cassini onderzocht en bevestigen de aanwezigheid
van zware negatieve ionen in de bovenste regionen van de atmosfeer van Titan.

Deze deeltjes spelen waarschijnlijk een belangrijke rol in de vorming en samenstelling van
meer ingewikkelde moleculen. De ontdekking van de nieuwe deeltjes was heel onverwacht.

 


Atmosfeer Titan

 


 

Titan in het spotlicht, 18 november 2007

Cassini zal tijdens de 37e flyby op 19 november opnamen maken van Titan,
want de
zon staat dan achter Titan en onderzoekers willen van de gelegenheid gebruik maken
om de dichtheid van de atmosfeer te onderzoeken, die tijdens de vorige flyby minder dik was.

 


37e flyby langs Titan

 


 

Motregen op Titan, 31 oktober 2007

’s Morgens grondmist en motregen, later droog maar bewolkt en heiïg.
Dat is het weerbericht
op de westelijke flanken van Xanadu, een bergachtig terrein op Titan.

De landingsplaats van de Huygens, Xanadu is een helder gebied op Titan.
Onderzoekers denken dat het misschien schoon gehouden wordt door de regelmatige methaanmiezer.

Met de Keck-telescoop op Hawaii en de Very Large Telescope in Chili is de motregen ontdekt.
Het gaat echter niet om gewone regen, maar om druppels vloeibaar methaangas.
Op Titan is het 180 graden onder nul, waardoor water er stijfbevroren is.

 


Atmosfeer van Titan

 

Methaanwolken waren al eerder ontdekt, maar nu is er voor het eerst ook regen waargenomen.
Vermoedelijk ontstaat de motregen doordat vochtige lucht omhoog wordt gestuwd tegen
het bergachtige landschap, net zoals dat op
aarde gebeurt.

De methaanmiezer is ontdekt dankzij zeer gevoelige infraroodwaarnemingen, onder andere met
het SINFONI-instrument op de Very Large Telescope. De waarnemingen zijn verricht door een team
astronomen van de Universiteit van Californië in Berkeley, waaronder de Nederlandse Imke de Pater.

Het bestaan van methaanregen op Titan wordt al langer verondersteld, maar het is voor
het eerst dat er neerslag is waargenomen op een ander hemellichaam dan de aarde.

 


 

Meren op de zuidpool van Titan, 12 oktober 2007

Opnamen van de radar van Cassini laten zien dat ook op de zuidpool van Titan kleine
onregelmatige donkere gebieden zijn die over het algemeen gezien worden als meren.

Tot nu toe hadden we geen beelden van het zuidelijk halfrond en kon men alleen vermoedden dat
meren ook daar zouden bestaan. Op de noordpool van Titan zijn al veel van zulke gebieden ontdekt.

Het is nu zomer op de zuidpool van Titan en op het noordelijk halfrond is het winter.
Tot nu toe is ongeveer 60% van het oppervlak in kaart gebracht.
Ongeveer 14% ervan lijkt bedekt met koolwaterstof-meren.

 


Meren op zuidpool Titan

 


 

36e flyby langs Titan, 27 september 2007

Cassini nadert de zuidelijke helft van Titan en maakt zich klaar voor de volgende flyby op 2 oktober.

Tijdens deze flyby heeft Cassini weer een kans om van het oppervlak opnamen te maken.
De radar zal een deel van het zuiden onderzoeken en tijdens de volgende passages
zal de Cassini dichter bij de zuidpool komen en kan de radar op zoek naar meren
of zeeën als die zich hier bevinden net als op de noordpool van Titan.

 


36e flyby langs Titan

 


 

Flyby langs Titan en Rhea, 31 augustus 2007

Op 31 augustus vliegt Cassini vlak langs Titan en zal proberen om een opname te maken van de landingsplaats
van de Huygens. Ook wordt de geologische samenstelling van het oppervlak in kaart gebracht.

Deze flyby brengt Cassini ook op weg voor een flyby dicht langs Iapetus op 10 september,
dan zal Cassini op een afstand van 1640 kilometer langs het oppervlak van Iapetus vliegen.

Iapetus is een maan met veel verschillen, een deel van het oppervlak is bijna zwart en de andere helft lijkt op
vers gevallen sneeuw. Onderzoekers willen meer weten over de samenstelling van het donkere materiaal
dat Iapetus bedekt, over de walnootvorm en de bergketen die langs de evenaar loopt.

 


35e flyby langs Titan

 


 

34e flyby langs Titan, 19 juli 2007

Cassini gaat tijdens de 34e flyby langs Titan op 19 juli, het gebied net ten westen van de landingsplek van de Huygens
onderzoeken, dit wordt gedaan om de samenstelling waaruit het opppervlak bestaat vast te stellen.

 


Opnames van de oppervlakte van Titan tijdens de afdaling op 14 januari 2005

 


 

33e flyby langs Titan en flyby langs Tethys, 26 juni 2007

Cassini zal deze week op 27 juni langs Tethys vliegen en langs Titan op 29 juni.

Cassini zal op 27 juni een opname van dichtbij maken van de grote krater Odysseus op Tethys,
deze heeft een doorsnede van 450 kilometer, en opnames van de canyon Ithaca Chasma,
die vier keer zo lang is als de Grand Canyon op
aarde.
Onderzoekers proberen erachter te komen hoe de canyon is ontstaan
en of Tethys in het verleden actief was, net als Enceladus nu is.

Er worden ook opnames gemaakt van de geheimzinnige donkere plekken op Tethys
en er wordt onderzocht waar de oppervlakte uit bestaat.
Is de oppervlakte van Tethys alleen waterijs of verontreinigt met organisch materiaal,
zoals het materiaal dat de donkere kant van Iapetus bedekt.

 


33e flyby langs Titan

 

Twee dagen na de flyby langs Tethys zal Cassini op 29 juni Titan passeren en zal radiogolven terugzenden
naar de aarde, als de aarde achterlangs Titan gaat, gezien vanuit Cassini. Met als doel om op het oppervlak
naar aanwijzingen voor een ondergrondse oceaan te zoeken en ook om de atmosfeer van Titan te onderzoeken.

 


 

Oceanen onder de grond op Titan, 13 juni 2007

Wetenschappers hebben misschien het eerste bewijs van het bestaan van een ondergrondse oceaan op Titan gevonden.
Huygens pikte het radiosignaal een paar uur voor de afdaling in de atmosfeer op,
maar wetenschappers wisten het de afgelopen jaren nog niet te plaatsen.

 


Huygens landing

 

Het waterijs op het oppervlak van Titan is een slechte geleider, waardoor radiogolven moeilijk worden teruggekaatst.
Dit gebeurde wel bij een bepaald gebied op Titan, vermoedelijk zit hier iets wat de radiogolven reflecteert, mogelijk een oceaan.

Toch is de conclusie dat er een oceaan is nog te voorbarig, hiervoor is meer onderzoek vereist.
Het team gelooft er in ieder geval in dat er een ondergrondse oceaan bestaat op Titan.
Mogelijk ligt deze 50 kilometer onder het oppervlak van Titan. Als deze oceaan van water bestaat,
dan zal deze vermoedelijk gemengd zijn met een natuurlijke antivries in de vorm van ammoniak.
Een dergelijk mengsel is in staat het bestaan van leven mogelijk te maken.

 


 

Zonsondergang en opgang op Titan, 9 juni 2007

Tijdens de 32e flyby van Cassini langs Titan op 13 juni 2007, zullen de onderzoekers van deze
gelegenheid gebruik maken om gedetailleerde metingen aan de atmosfeer te verrichten, door opnames
van de
zon te maken als de zon achter Titan langs passeert met zijn dikke, gelaagde atmosfeer.

 


32e flyby langs Titan

 

De onderzoekers zullen proberen om met de ultraviolet spectrograafcamera van Cassini,
de hoogste delen in de atmosfeer van Titan te onderzoeken.

 


 

Cassini onderzoekt Titan van top tot teen, 28 mei 2007

Cassini zal op 28 mei wetenschappelijke waarnemingen uitvoeren op Titan.
Vanaf de
aarde gezien zal Cassini in de buurt van de zuidpool achter Titan verdwijnen
om vlakbij de noordpool weer te voorschijn te komen.

Vanuit deze unieke plek zal Cassini radiosignalen gebruiken om de samenstelling van de atmosfeer
van Titan te onderzoeken. De infrarood- en zichtbaarlichtcamera's zullen het heldere gebied Dilmun fotograferen.

 


31e flyby langs Titan

 


 

Grote zee op Titan, 24 mei 2007

Cassini maakte opnames tijdens de 30e flyby van Titan, deze opnames laten de kustlijn, een aantal eilandengroepen
als onderdeel van een grote zee, die weer in verbinding staat met de grote zee die door Cassini was gezien.

Net als bij andere meren en zeeën met vloeistof op Titan, laat deze zee kanalen, eilanden, baaien en andere kenmerken zien,
net als de kustlijn op
aarde. De donkere vloeistof is waarschijnlijk een combinatie van methaan en ethaan.

Wat opvalt aan dit deel van de zee in vergelijking met andere meren en zeeën, is de afwezigheid erin van lichtere gebieden,
wat betekent dat de diepte tientallen meters kan zijn.

 


Grote zee met kustlijnen op Titan tijdens de 30e flyby

 

Ook de aanwezigheid van de aparte eilanden links, die in dezelfde richting lopen als de hogere eilanden naar rechts, dit is
waarschijnlijk een deel van een bergrug die is overstroomd, vergelijkbaar met Catalina Eiland buiten de kust van Zuid-California.

De opname die je ziet van de zee is ongeveer 160 bij 270 kilometer groot.

 


 

Moleculen ontstaan op grote hoogte in dampkring van Titan, 12 mei 2007

Cassini ontdekte, met verschillende deeltjesspectrometers, dat organische verbindingen op Titan op veel grotere hoogte
in de dampkring ontstaan dan tot nu toe werd aangenomen. Uit metingen blijkt dat simpele organische verbindingen,
die voornamelijk koolstof, stikstof en waterstof bevatten, op hoogten van meer dan duizend kilometer kunnen ontstaan.

 


Atmosfeer Titan

 

Men ging er vanuit dat deze organische verbindingen, ook gekend onder de verzamelnaam tholins, op hoogten van maximaal
een paar honderd kilometer zouden ontstaan, maar Cassini heeft op grote hoogte benzeenringen en grote ionen gevonden,
dit zijn elektrisch geladen atomen en moleculen, die aangeven dat de tholins waarschijnlijk geproduceerd worden
door eerdere ion-neutrale scheikundige reacties tussen koolstof- en stikstof.

Tholins vormen de belangrijke bouwstenen voor complexere organische moleculen, waardoor in een later stadium leven kan ontstaan.
Als men het ontstaan van tholins beter begrijpt, komt er misschien meer inzicht in de manier waarop het leven op
aarde ontstond.

 


 

Cassini onderzoekt Kaspische zee op Titan, 11 mei 2007

Tijdens de 30e flyby op 12 mei gaat Cassini onderzoeken of er vloeistof aanwezig is,
in waarschijnlijk de grootste zee op
Titan.
De onderzoekers wijzigden het radar instrument van richting, want deze stond noordwaarts
gericht en de grote, uitgestrekte donkere zee bevindt zich in het zuidelijke deel van Titan.

 


30e flyby langs Titan

 


 

Cassini brengt oppervlak Titan verder in kaart, 23 april 2007

De radar van Cassini zal nog meer gebieden dichtbij de noordpool van Titan onderzoeken tijdens de 29e flyby op 26 april 2007,
het is de bedoeling dat er een gebied wordt onderzocht met de naam de zwarte zee.

De infrarood spectrometer moet de lichte en donkere kanten van Titan onderzoeken op warme plekken en bliksems.

 


29e flyby

 


 

28e flyby langs Titan, 6 april 2007

Op 10 april vliegt Cassini voor de 28e keer langs Titan en zal nieuwe gebieden verkennen op de noordpool van Titan.
Tijdens deze flyby hoopt men met de radar meer meren en zeeën te vinden.

 



Mozaïekfoto van het oppervlak van Titan tijdens de 28e flyby

 


 

Gigantisch meer op Titan, 13 maart 2007

Cassini heeft op 25 februari een opname gemaakt van een gigantisch meer in het noorpoolgebied op Titan.
Het meer is 1100 kilometer lang, de oppervlakte is iets kleiner dan de Kaspische zee op
aarde.
Deze grote meren op Titan worden zeeën genoemd.

 

 


Gigantisch meer op Titan

 

Op de opname hieronder zie je een opname van nog een heel groot meer (links) in de buurt
van de noordpool van Titan, gevuld met vloeibaar methaan of ethaan, vergeleken met
de Grote Meren in Noord-Amerika (rechts) op aarde, dit is ongeveer 1/5 van de Noordzee.

Dit meer op Titan heeft een oppervlakte van tenminste 100.000 duizend vierkante kilometer
en is groter in omvang dan het Grote Meer op aarde, 82.000 duizend vierkante kilometer.

 


Meer op Titan in vergelijking met een meer op aarde

 


 

26e flyby langs Titan, 7 maart 2007

Op 10 maart vliegt Cassini langs Titan en zal opnames maken van het gebied net ten noorden van de evenaar,
de temperatuur in kaart brengen en de bewegingen van de wolken bekijken.

 


26e flyby

 


 

Landingsplaats Huygens genoemd naar Hubert Curien, 5 maart 2007

De landingsplaats van de Huygens, die op 14 januari 2005 een zachte landing maakte op Titan,
was
Xanadu en wordt nu officieel het Hubert Curien Memorial Station genoemd.
Dit is besloten door de
ESA, NASA en de internationale commissie voor ruimteonderzoek COSPAR.

 


Landingsplaats Huygens

 

Hubert Curien (1924-2005) overleed drie weken na de Huygens-landing op 6 februari 2005.
Hij was een belangrijke promotor van het Franse en het Europese ruimteonderzoek en speelde een belangrijke rol bij
het tot stand komen van het ESA-programma, Horizons 2000, waar ook de Huygens-missie deel van uitmaakte.

 


Hubert Curien

 

Van 1981-1984 was hij voorzitter van de ESA Council, van 1984 tot 1993 was hij Franse minister van ruimte
en wetenschappelijkonderzoek en van 1994-1996 directeur van CERN, het Europese laboratorium voor deeltjesfysica.
Op 14 maart is er op het ESA-hoofdkwartier in Parijs een officiële naamgeving.

 


 

Flyby Titan over bekend terrein, 16 februari 2007

Tijdens de 25e flyby van Cassini langs Titan op 22 februari zal de radar het oppervlak van Titan
in kaart brengen van zes gebieden die al eerder in kaart zijn gebracht.

 


25e flyby langs Titan

 

Cassini's radar zal voornamelijk het gebied rond de noordpool onderzoeken, waar de meren zijn gezien.
Op de tweede serie opnames van het merengebied zullen onderzoekers zoeken naar veranderingen
en misschien vinden ze nieuwe meren, door de overlap van de opnames van hetzelfde gebied kan
met een speciale techniek, misschien de hoogte en kenmerken van het oppervlak worden vastgesteld.

 


Grote meren op Titan

 

Deze opname is gemaakt tijdens de 25e flyby en laat een groot eiland zien in het midden van één van de grotere
meren op Titan. Het eiland is ongeveer 90 bij 150 kilometer en bevindt zich op de hoogste geografische breedte.

 


 

Reuzenwolk rond de noordpool van Titan, februari 2007

Cassini heeft een gigantische wolk ontdekt op Titan. Deze wolk heeft een doorsnede
van 2400 kilometer en bedekt bijna de hele noordpool, waarschijnlijk veroorzaakt de wolk een
methaancyclus, die de meren op Titan vult en is te vergelijken met de watercyclus op
aarde.
Deze meren werden vorig jaar ontdekt met het radarinstrument van de Cassini.

De verwachting is dat de methaanwolk nog enkele jaren intact zal blijven, maar als de seizoenen op Titan
voorbijgaan zal de wolkenactiviteit zich verplaatsen naar de zuidpool en zullen op het zuidelijk halfrond
van Titan methaanmeren ontstaan. Een seizoen duurt ongeveer zeven aardse jaren op Titan.

 


Wolken op de noordpool van Titan

 

De reuzenwolk bestaat uit methaan, ethaan en andere organische moleculen.
De wolk was nog niet goed zichtbaar, omdat de noordpool van Titan in de schaduw lag.
De foto werd gemaakt op 29 december 2006 door de spectrometer van Cassini.
Op 13 januari 2007 werd de wolk weer gezien, maar hier zijn nog geen foto's van uitgebracht.

 


 

Straalstroom op Titan, 26 januari 2007

Een samenstand, waarbij een ster achter langs lijkt te bewegen heeft tot nieuwe ontdekkingen van de
atmosfeer van Titan geleid, het licht van de
ster werd langzaam minder, in plaats van in één keer te verdwijnen.

Met de gegevens van de sterbedekking, heeft men ontdekt dat Titan, net als op aarde, een straalstroom kent,
dit is een voortdurende, harde wind op grote hoogte, die de hele maan omcirkelt.

 


Straalstroom op Titan

 

De straalstroom waait op een hoogte van 200 kilometer boven het oppervlak van Titan en heeft een snelheid
van 700 kilometer per uur. Met deze snelheid kan de wind in één dag om Titan heen draaien.

Waarnemingen van de Huygens lieten in januari 2005 al zien dat op een hoogte van 510 kilometer
een plotselinge temperatuurswisseling plaatsvindt en de gegevens van de sterbedekking
laten deze temperatuurswisseling inderdaad zien.

 


 

24e flyby langs Titan, 25 januari 2007

Tijdens de 24e flyby van Cassini langs Titan op 29 januari zullen de infrarood camera's de duistere,
dikke mistige atmosfeer onderzoeken, er door heen kijken en de oppervlakte in kaart brengen.

 


24e flyby

 


 

23e flyby langs Titan, 10 januari 2007

Cassini begint 2007 met de 23e flyby langs Titan op 13 januari.

 


23e flyby

 


Duinen op Titan tijdens de 23e flyby

 

Op 14 januari is het twee jaar geleden dat de Huygens op Titan landde.

Dit jaar zullen er 17 flyby's langs Titan plaatsvinden en een flyby langs Tethys op 27 juni, Rhea op 30 augustus,
Iapetus op 10 september, dit zijn meer flyby's dan in één van de andere vier jaren van Cassini.

 


 

Methaanmeren op Titan, 5 januari 2007

Cassini heeft op 22 juli 2006 radarfoto's gemaakt van het oppervlak van Titan.
Op deze foto's zijn 75 donkere vlekken te zien, waarvan onderzoekers met zekerheid zeggen,
dat er methaanmeren op Titan zijn. Eerder werd al aangenomen dat er methaanmeren
van vloeibaar methaangas op het oppervlak van Titan waren, maar er werd nooit bewijs gevonden.

Deze meren hebben afmetingen van 3 tot 70 kilometer, er zijn meren die gedeeltelijk droog staan,
terwijl andere meren volledig gevuld zijn, ook zijn er meren met een steile kustlijn,
terwijl sommige meren heel geleidelijk aflopen.

De meren komen op hoge noordelijke breedtegraden voor. Dit komt omdat het daar nu winter is.
Onderzoekers vermoeden dat het methaangas condenseert bij lage temperaturen,
waarna het weer verdampt als de temperatuur stijgt.

Als het zomer wordt op het noordelijk halfrond van Titan, verdampen de meren vermoedelijk weer,
maar dit duurt nog wel vijftien jaar en dan is het op het zuidelijk halfrond weer winter,
waardoor er daar weer methaanmeren vormen.

 


Methaanmeren

 

Ooit werd aangenomen dat er op Titan misschien een uitgestrekte oceaan van vloeibaar methaan zou zijn,
maar die werd niet gevonden, waardoor de aanwezigheid van grote hoeveelheden methaangas
in de dampkring van Titan moeilijk te verklaren was.

Onderzoekers dachten dat er reservoirs van methaan onder het ijs zouden bestaan, dat via ijsvulkanen
naar de dampkring kon ontsnappen en weer door het zonlicht wordt afgebroken.
Maar de radarmetingen wijzen nu uit dat er vloeibaar methaan op het oppervlak is en niet in een oceaan maar in meren.

De meren zijn onderdeel van een methaankringloop op Titan, met neerslag en verdamping.
Daarmee is Titan een ijzig evenbeeld van de vroege
aarde, met een temperatuur van 180 graden onder nul.
Alleen is het verloop van de kringloop veel trager dan op aarde, Saturnus draait in 29,5 jaar om de zon
en die omlooptijd is ook de lengte van de seizoenscyclus op Titan.

 


 

22ste flyby langs Titan, 23 december 2006

Cassini sluit 2006 af met de 22ste flyby langs Titan op 28 december.

Tijdens deze flyby zal de radar het magnetisch veld van Titan meten en zoeken naar ondergrondse oceanen.

 


22e flyby langs Titan

 


Duinen op Titan tijdens de 22ste flyby

 


 

Enorme bergketen op Titan ontdekt, 12 december 2006

Cassini heeft een enorme bergketen ontdekt op Titan, deze is ongeveer 150 kilometer lang, 1,5 kilometer hoog,
30 kilometer breed en is bedekt met organisch materiaal, waarschijnlijk ethaansneeuw door wolken omgeven.

 


Bergketen op Titan

 

De ontdekking ervan is gedaan op 25 oktober tijdens de 20e flyby, toen Cassini op korte afstand
langs Titan vloog en gedetailleerde infraroodbeelden van het oppervlak kon maken.
De bergketen is waarschijnlijk ontstaan uit omhoogkomend organisch materiaal,
dat door de openingen tussen de bewegende platen van Titan omhoog werd geperst,
dit is te vergelijken met de mid-oceanische ruggen op
aarde.

Op de beelden is ook een waaiervormige structuur te zien, die eruit ziet als een oude lavastroom
de cirkelvormige structuur die ernaast ligt zou wel eens een vulkaan kunnen zijn.

 


 

21e Flyby langs Titan, 6 december 2006

Cassini onderzoekt tijdens de 21e flyby, op 12 december, de verdeling van aerosols (kleine stofdeeltjes)
en koolwaterstofdeeltjes in de oranje atmosfeer van
Titan.

 


Titan 21e flyby

 


 

20e Flyby langs Titan, 25 oktober 2006

Vandaag is de 20e flyby langs Titan. Cassini gaat onderzoeken waar de duinen, bergen en meren uit bestaan.
Cassini vliegt langs Titan op een afstand van 1030 kilometer.

 


20e Flyby langs Titan

 


 

19e Flyby van Cassini langs Titan, 7 oktober 2006

Maandag 9 oktober 2006 is de 19e flyby langs Titan.

 


19e Flyby Titan

 

Het grote donkere oppervlak op de foto is waarschijnlijk een meer van koolwaterstof.
Je ziet verschillende kanalen, de langste aan de linkerkant slingert over een lengte van ongeveer 100 kilometer
en lijkt in het meer uit te komen, andere kanalen lijken recht, misschien door verschuiving van de ondergrond.
De heldere plekken in de meren zijn waarschijnlijk oude, verweerde stukken land die zijn overstroomd.

 


Grote meren op Titan

 

 


 

Meren op Titan, 26 september 2006

Cassini heeft tijdens de flyby van 23 september opnamen gemaakt van het oppervlak van Titan,
waarop twee meren te zien zijn, die samen ongeveer 60 kilometer breed en 40 kilometer hoog zijn.

 


Twee meren op Titan

 

De onderzoekers waren verbaasd om meren te zien die op aardse meren lijken.
Door de lage temperaturen op Titan en de methaanrijke atmosfeer, bevatten de meren
waarschijnlijk een combinatie van methaan en ethaan en geen water.

 


 

18e Flyby langs Titan, 23 september 2006

Vandaag 23 september is de 18e flyby langs Titan.
De
Cassini vliegt op een afstand van 960 km langs Titan,
dit zal één van de dichtstbijzijnde flyby's zijn.

 


18e flyby

 


 

Ethaanwolken op Titan, 14 september 2006

Cassini heeft een grote wolk waargenomen in de richting van de noordpool van Titan,
waar mogelijk ethaansneeuw omlaag valt.

Voor de aankomst van Cassini bij Titan werd nog verwacht dat de atmosfeer van Titan
veel ethaanwolken zou hebben, ethaan ontstaat namelijk bij de afbraak van methaan,
dat een belangrijk bestanddeel van de atmosfeer van Titan is.

De ethaanwolken zouden zelfs zo veel regen moeten geven, dat zich grote meren of zelfs zeeën
konden vormen, eind 2004 werden de eerste aanwijzingen van de polaire ethaanwolk ontdekt.
De ethaanwolk is een uitgestrekte wolk op het noordelijk halfrond en heeft een roodachtige tint.

 


Ethaanwolk op Titan

 

Het is een soort sluierwolk op dertig tot zestig kilometer hoogte langs de noordelijke poolcirkel,
waar het op dit moment winter is, misschien dat het ethaan zich in de winter boven de polen verzamelt
en daardoor geen neerslag kan geven op meer gematigde breedten.

Als er meren of sneeuwvelden zouden zijn, bevinden ze zich waarschijnlijk in de poolstreken,
maar tot nu toe zijn deze nog niet gevonden.

 


 

17e Flyby langs Titan, 7 september 2006

 


17e Flyby langs Titan

 


Foto van Titan tijdens de 17e flyby

 


Krater met een doorsnede van 30 kilometer

 


Lange op duinen lijkende richels, met een tussenruimte van 3 kilometer

 

Opname van Titan tijdens de 17e flyby

Cassini maakte deze opname van het oppervlak van Titan op 7 september 2006 tijdens de 17e flyby.
Het laat langgerekte duinen zien en een inslagkrater aan de linkerkant van de opname.

 


Krater en duinen op Titan

 

De 18e flyby langs Titan is op 23 september 2006.
De
Cassini vliegt dan op een afstand van 960 km langs Titan,
dit zal één van de dichtstbijzijnde flyby's zijn.

 


 

Methaanmotregen op Titan, 27 juli 2006

Op Titan motregent het voortdurend vloeibaar methaan, koolwaterstof.
In totaal valt er ongeveer vijftig millimeter neerslag per jaar.
Door de methaanmotregen is het oppervlak van Titan vochtig en modderig.
De motregen is afkomstig uit laaghangende bewolking die uit vloeibare methaandruppeltjes bestaat.

Op grotere hoogte in de dampkring bevinden zich wolken waarin kristallen van bevroren methaan voorkomen.
De neerslag op Titan kan geen vloeibaar water zijn, daarvoor is het te koud,
de temperatuur schommelt rond 183 graden Celsius onder nul.

Andere stoffen kunnen wel vloeibaar blijven bij deze lage temperaturen, zoals methaan en stikstof.
Deze stoffen veroorzaken de motregens op Titan.

Methaan en stikstof zijn op Titan in vaste, vloeibare en gasvorm aanwezig.
Hierdoor kan een methaancyclus ontstaan die zorgt voor wolken.
Tussen acht en vijftien kilometer hoogte vinden we wolken van vloeibare methaan en stikstof.
Het tweede wolkendek erboven bestaat uit bevroren methaandeeltjes.


Wolkenvorm op Titan

 

De onderzoekers vermoeden dat op de landingsplaats van Huygens, in het gebied Xanadu,
ongeveer vijftig millimeter methaanregen per jaar naar beneden valt.
Dit is geen grote hoeveelheid, zo'n hoeveelheid water op aarde zou een woestijn betekenen.
De regen verklaart dus niet waarom het maanoppervlak er geërodeerd uitziet.

Onderzoekers onderzochten dit en kwamen tot de conclusie dat er flinke stormen konden ontstaan.
Deze stormen worden gevormd onder invloed van kleine temperatuurschommelingen of een juiste opwaartse wind.
Het methaan wordt omhoog gebracht door opwaartse winden, met snelheden tot boven de zeventig kilometer per uur.

De wolken die ontstaan kunnen daardoor tot zo'n dertig kilometer hoog komen.
Uit deze wolken kan vervolgens flink wat regen vallen, met druppels tot bijna vijf millimeter groot kan er binnen
vier uur meer dan honderd kilo methaanregen per vierkante meter neerdalen op het maanoppervlak.

 


 

Meren van koolwaterstoffen op Titan, 25 juli 2006

Titan bevat waarschijnlijk meren van vloeibare koolwaterstoffen, zoals methaan of ethaan.
Dat blijkt uit recente radarwaarnemingen van de 16e flyby van
Cassini.

Op twee foto's van de hoge noordelijke breedten, die afgelopen vrijdag werden gemaakt door Cassini denken onderzoekers
het bewijs te zien voor meren vol vloeibaar methaan, op de foto's zijn duidelijk zwarte plekken zichtbaar.
De zwarte kleur op radarbeelden ontstaat als de radiostralen weerkaatst worden door een glad oppervlak, zoals een vloeistof.

Aan de randen van de donkere vlekken op de radarbeelden gaat het zwart scherp over in grijs, ook een eigenschap
van vloeibare meren en tussen sommige van de meren lopen kanalen, waarvan de vorm van de stromingspatronen
sterk doet vermoeden dat ze door een vloeistof zijn uitgesleten.

 


Meren op Titan

 

Het bestaan van methaanmeren op Titan werd jaren geleden al voorspeld, maar nog niet gevonden door Cassini .
Toekomstige radarwaarnemingen en infraroodfoto's zullen hopelijk meer uitsluitsel kunnen geven.
De methaanmeren kunnen in de loop van de tijd van omvang veranderen
en de ruwheid van het oppervlak kan variëren als gevolg van de wind.

Als de donkere vlekken op de radarbeelden inderdaad vloeistofoppervlakken zijn,
is Titan het enige hemellichaam in het zonnestelsel naast de
aarde waarop meren voorkomen.

 


 

IJskiezels op Titan waargenomen door radio-instrument van Huygens, 25 juli 2006

De Huygens, die op 14 januari 2005 een zachte landing maakte op het oppervlak van Titan,
fotografeerde ijskiezels met afmetingen van enkele centimeters.

Het bestaan van deze stenen is nu ook afgeleid uit een nauwkeurig onderzoek van de radiosignalen van de Huygens.
Een deel van het op aarde opgevangen radiosignaal van de Huygens-lander blijkt eerst door het oppervlak van Titan te zijn weerkaatst.

 


Huygens meet kiezels

 


 

16e flyby van Cassini langs Titan, 19 juli 2006

 


Titan 16e flyby

 

Op 22 juli vervolgt Cassini zijn zoektocht naar meren en rivieren van methaan en/of ethaan op Titan.
In april en mei werden land, rivieren en bergen dichtbij de evenaar van Titan onderzocht.

De radar van Cassini zal tijdens de 16e flyby, de hogere noordelijke gebieden van Titan onderzoeken.
Misschien dat er in het noorden van Titan methaan meren zijn, die in de winter groter en in de zomer kleiner worden.

 


Bergen en meren op Titan,
in het gebied Xanadu bij de evenaar

 

De lichte gebieden zijn heuvels of bergketens, de donkere gebieden kunnen bestaan uit vloeibaar methaan en/of ethaan.
Het gebied op de foto is ongeveer 150 kilometer breed en 400 kilometer lang.

 


 

15e flyby langs Titan, 2 juli 2006

Twee jaar draait Cassini nu om Saturnus en is op de helft van zijn missie.
Op 2 juli vliegt Cassini voor de 15e keer langs Titan.

 


15e flyby langs Titan

 

Cassini zal onderzoek doen naar de wisselwerking tussen de atmosfeer van Titan
en de grote aantrekkingskracht van Saturnus.
Cassini zal ook het oppervlak onderzoeken om de eigenschappen
en de samenstelling van het oppervlak beter te kunnen begrijpen.

 


 

Titan en Enceladus, 23 juni 2006

Cassini heeft een mooie foto van Titan en Enceladus gemaakt.
Titan en Enceladus zijn geologisch actief.

De foto is genomen op een afstand van 4,1 miljoen kilometer van Enceladus
en 5,3 miljoen kilometer van Titan.

 


Titan en Enceladus

 


 

Saturnus met op de achtergrond Titan, 9 juni 2006

Cassini maakte een mooie opname van Saturnus en Titan.
In de verte, achter Saturnus en zijn donkere ringen zie je Titan.

 


Saturnus en Titan

 

De opname is boven de ringschijf genomen en kijkt op de schaduwkant van de ringen.
De afstand tot Saturnus is 2,9 miljoen kilometer en tot Titan 4,1 miljoen kilometer.

Cassini heeft tot nu toe vijf keer zijn radar op het oppervlak van Titan gericht, waarbij telkens een smalle strook land
in kaart werd gebracht, na onderzoek blijkt nu dat er veel minder kraters zijn dan men had verwacht.
Er zijn pas twee kraters gevonden, terwijl er ongeveer 100 kraters met een doorsnede van meer dan
20 kilometer werden verwacht, want alle manen worden getroffen door inslagen, dus ook Titan.

Eén van de twee gevonden kraters is Minerva, is een enorme inslagkrater met een doorsnede van 450 kilometer.
Minerva heeft waarschijnlijk vloeistofstromen, de andere is de 80 kilometer brede krater Sinlap.

 


 

14e Flyby langs Titan, 20 mei 2006

Cassini zal vandaag weer de dunne atmosfeer van Titan van binnenuit onderzoeken, net als bij de vorige flyby
als Cassini achter Titan vliegt en de gegevens via radiogolven doorzenden naar de
aarde.

De radiogolven gaan op deze manier door de atmosfeer van Titan heen en onderzoeken de samenstelling
van de atmosfeer, de temperatuur, de structuur en de wind.

Tijdens de flyby worden ook radiogolven naar het oppervlak van Titan gestuurd en weer terug naar de aarde,
om gegevens over de samenstelling en de ruwheid van het oppervlak te verzamelen.

 


14e flyby langs Titan

 


 

13e Flyby langs Titan, 30 april 2006

De radar van Cassini zal door de dikke smog die Titan omringd, opnames maken van het gebied Xanadu.
Het is nog niet duidelijk of Xanadu een berggebied, een enorm bekken,
een gelijkmatige vlakte of een combinatie van alledrie is.

 


13e Flyby

 

Tijdens de flyby werden delen van het gebied Xanadu in kaart gebracht, een helder gebied op Titan.
Hoe Xanadu is ontstaan, is nog onduidelijk, maar de radarbeelden tonen details die nog niet eerder zijn gezien,
zoals golvende kenmerken waar mogelijk vloeibare stoffen stromen.
Daarnaast zijn er nog twee ringvormige structuren gefotografeerd. Waarschijnlijk zijn dat inslagkraters of vulkanen.

 


Gebied Xanadu met kraters of vulkanen

 

De ESA heeft nieuwe foto's samengesteld van de zachte landing op Titan, op 14 januari 2005, door de Huygens.
Op basis van honderden foto's en gegevens van verschillende meetinstrumenten aan boord van Huygens is hiermee
een zo compleet mogelijk beeld gemaakt van de landing.

De camera's van de Huygens zagen eerst alleen nevelige lagen in de dikke dampkring van Titan, maar toen de capsule
op een hoogte van ongeveer zestig kilometer kwam, konden oppervlaktedetails worden vastgelegd.
Na de landing waren ijsblokken, kiezels, van enkele centimeters groot te zien.

Huygens landde op de grens van een helder en een donker gebied op Titan.
De donkere gebieden zijn vermoedelijk gestolde vlaktes van teer-achtige koolwaterstofverbindingen.

 


Langingsfoto Huygens van Titan

 

Duinen op Titan werden eerder al ontdekt en zijn nu opnieuw te zien op de foto.
Met het radarinstrument van Cassini zijn zandduinen ontdekt, die veel weg hebben van soortgelijke duinen
in woestijnen op
aarde, zoals die in Namibië en de Sahara, de duinenvelden op Titan hebben afmetingen tot
1500 bij 200 kilometer en de afzonderlijke duinen bereiken hoogtes van honderd à honderdvijftig meter.

De duinenrijen lopen honderden kilometers lang paralel aan elkaar, op onderlinge afstanden van één à twee kilometer.
Ze komen rond de evenaar veel voor en ontstaan door de wind in de atmosfeer van Titan, de wind ontstaat door
sterke getijdenwerking, die wordt veroorzaakt door de aantrekkingskracht van Saturnus op Titan.

De getijdenwerking is op Titan bijna 400 keer groter dan de getijdenwerking die de maan uitoefent op de aarde.
De duinenrijen lopen van oost-west en bestaan uit korrels met een grote van tienden van millimeters, (een zandkorrel).
Deze korrels bestaan waarschijnlijk uit gestolde koolwaterstoffen of ijskorrels.

 


Duinen op Titan vergeleken met duinen op de aarde

 


Dit is Shikoku Facula (in Xanadu) en lijkt op Groot-Brittannië

 


 

Cassini en 12e flyby langs Titan, 17 maart 2006

Op 18 maart zal Cassini tijdens de 12e flyby,
van binnenuit de nevelige atmosfeer en het oppervlak van Titan onderzoeken.
Cassini zal radiogolven door de atmosfeer heenzenden naar de
aarde, als hij achter Titan vliegt,
dit om gegevens te verzamelen over de temperatuur, wind en structuur van de atmosfeer.

 


12e flyby langs Titan

 

Cassini heeft dit nog niet eerder gedaan, de gegevens van het experiment kunnen dan vergeleken worden
met de gegevens van de
Voyager 1 in 1980.

Tijdens de flyby, zal Cassini ook radiogolven op het oppervlak laten weerkaatsen naar de aarde, om uit
de verschillende golflengten op te maken hoe de samenstelling en onregelmatigheid van het oppervlak is.

 


 

Methaan in atmosfeer Titan, 2 maart 2006

Wetenschappers hebben door onderzoek en dit vergeleken met de gegevens van de Huygens
tijdens de landing in januari 2005 en van
Cassini, wellicht het vraagstuk van de aanwezigheid
van methaangas in de
atmosfeer van Titan, opgelost.

Methaan wordt onder invloed van zonlicht in de loop van de miljoenen jaren afgebroken,
dus moet er een bron zijn vanuit Titan die de voorraad af en toe aanvult.

 


Binnenste lagen van Titan, waaruit het methaan vrij komt

 

Volgens de wetenschappers zit het methaan, dat op Titan ongeveer dezelfde rol vervult als water op aarde, misschien
opgesloten in methaanrijk waterijs dat een korst vormt op een oceaan van vloeibaar water, vermengd met ammoniak.

Er zijn in het verleden drie periodes geweest waarbij het methaan uitgaste en in de atmosfeer terecht is gekomen.
De eerste methaanontsnapping zou het gevolg zijn van vulkanische activiteit vroeg in de geschiedenis van Titan,
toen het binnenste van de maan nog warm was ten gevolge van de afbraak van radioactieve elementen.

Een tweede periode van uitgassing heeft twee miljard jaar geleden plaatsgevonden.
De meest recente en derde methaanuitstoot begon ongeveer 500 miljoen jaar geleden en zou het gevolg kunnen
zijn van afkoeling, doordat gas zich verplaats via energiestromingen, van warm naar koud, in de vaste ijskorst.

Hoewel de uitgassing voldoende is voor het aanvullen van methaan in de atmosfeer, is het niet genoeg voor
het ontstaan van oceanen van methaan, die zouden er in het verleden wel geweest kunnen zijn.
Men vermoed dat over enkele honderden miljoenen jaren het uitgassen stopt en Titan bijna geen methaan meer zal bevatten.

 


 

11e Flyby langs Titan, 27 februari 2006

Cassini vliegt op 27 februari dicht langs Titan, op een afstand van 1813 kilometer.
Dit is de eerste van vier flyby's om het magnetisch veld van Titan te meten en te onderzoeken en om een antwoord
te vinden op de vraag of er zich onder het oppervlak een oceaan bevindt.

 


11e Flyby langs Titan

 

De volgende flyby's dicht langs Titan zijn: 22e flyby, 33e flyby en 38e flyby.
Deze vier flyby's vinden plaats als de afstand tussen Titan en Saturnus bijna op zijn grootst is.

In totaal zal Cassini 45 flyby's langs Titan maken, soms op een afstand van slechts een paar honderd kilometer.

 


 

Het weer op Titan, 23 januari 2006

Door waarnemingen van Titan, vanaf de aarde en door gebruik te maken van waarnemingsgegevens
van
Cassini, zijn wetenschappers erin geslaagd een weercomputermodel van Titan te maken, dat de vorming
van stikstof en de verschillende soorten ethaan en methaanwolken op Titan verklaart.

Doordat de atmosfeer van Titan in zichtbaar licht ondoorzichtig is, gebruikte men infraroodbeelden.
De Cassini draait nu anderhalf jaar om Saturnus.

 


Infraroodfoto van Titan

 

Het computermodel model is in staat om op afstand het klimaat op Titan te onderzoeken.
Het is ook mogelijk om de aanwezigheid van wolken te voorspellen voor één Titan jaar, dit is 30 jaar op
aarde.

De komende jaren zal Cassini nog enkele malen een kort bezoekje aan de maan van Saturnus brengen.

Al sinds de jaren 80 weten we, dat door de koude temperaturen in de atmosfeer van Titan,
de meeste organische verbindingen, gevormd worden in de bovenste atmosfeerlagen
en wolken gaan vormen terwijl ze zakken in de atmosfeer.

Het methaangas in de atmosfeer daarentegen zou vanaf het oppervlak
verdampen in wolken en zo opstijgen in de atmosfeer.

 


Atmosfeer en witte wolkentoppen

 

De methaanwolken die door Cassini zijn waargenomen, blijken inderdaad te ontstaan op plaatsen,
die door het computermodel worden voorspeld, onder andere boven de zuidpool van Titan.

De gegevens van het nieuwe wolkenmodel zullen de komende jaren vergeleken worden
met de waarnemingsgegevens van Cassini en met waarnemingen van telescopen op
aarde.

 


 

Eén jaar geleden landing Huygens, 13 januari 2006

Op 14 januari 2005 landde de Huygens na een afdaling van twee uur en 28 minuten op Titan.

 


Huygens geland op Titan

 

Foto's van Cassini tijdens de 8ste flyby en van de Huygens tijdens de landing laten zien
dat geologische processen op Titan hetzelfde zijn als op
aarde.

 


 

10e flyby langs Titan, 13 januari 2006

Op 15 januari is de 10e flyby van Cassini langs Titan.

 


10e flyby langs Titan

 


 

9e flyby langs Titan, 22 december 2005

Tijdens de 9e flyby van Cassini langs Titan, op 26 december, zal het ruimtevaartuig zich in
hetzelfde gebied bevinden als de
Voyager 1 in 1980, toen deze langs Titan vloog.

Cassini's baan door het magnetisch veld van Titan zal voor de wetenschappers nieuwe gegevens
opleveren om te onderzoeken en te vergelijken met de gegevens van de Voyager 1, 25 jaar geleden.

 


Links Cassini en rechts Voyager 1

 


 

Landingsplaats van de Huygens-sonde is bekend, 1-12-2005

Op de nieuwe mozaïekfoto's, gemaakt door Cassini tijdens de achtste flyby op 28 oktober 2005,
is door een rood kruis aangegeven wat de landingsplaats van de Huygens op Titan is geweest.

Tijdens de afdaling op 14 januari 2005 maakte de Huygens foto's van het oppervlak waar hij landde.

 

Landingsplaats van de Huygens
Landingsplaats van de Huygens

 

Door deze foto's te vergelijken met de mozaïekfoto's van 28 oktober en doordat wetenschappers
steeds meer te weten zijn gekomen over het oppervlak van Titan, kon de landingsplaats worden bepaald.

De voorspelde landingsplaats lag ongeveer 7 kilometer verwijderd van de uiteindelijke landingsplaats.

 


 

Ultraviolette nevel op Titan, 8-11-2005

Er hangt een ultraviolette nevel, op een hoogte van 500 kilometer, om Titan heen.

 


Ultraviolette nevel op Titan

 

Wetenschappers proberen erachter te komen,
welke processen de dunne, hoge nevel veroorzaken.

De nevel bestaat uit heel kleine deeltjes, die het zonlicht weerkaatsen.
Waarschijnlijk verdicht materiaal, mogelijk waterijs.

De foto is gemaakt door Cassini op een afstand van 917.000 kilometer vanaf Titan.

 


 

Nieuwe gebieden op Titan krijgen namen, 04-11-2005

Een mozaïekfoto van de achtste flyby langs Titan op 28 oktober.

De onbekende gebieden zijn in kaart gebracht,
hierdoor veranderen de geheimzinnige gebieden in bekendere gebieden met een naam.

 


Mozaïekfoto's van de landingsplaats Xanadu

 

Het donkere gebied heet Shangri-La, het lichte gebied Xanadu.

De radar van Cassini heeft de kustlijn van Titan in beeld gebracht.
Na hevige regenbuien komen op Titan tijdelijk meren en zeeën van vloeibare koolwaterstoffen (methaan) voor.

 


 

8e flyby langs Titan, 28-10-2005

De achtste flyby van Cassini op een afstand van ongeveer 1400 kilometer, heel dicht langs Titan.
De Cassini heeft de landingsplaats van de
Huygens, Xanadu en de omgeving gefotografeerd.

 


Titan 8e flyby

 


 

De methaanwolken van Titan, 20-10-2005

Methaanwolken in de dampkring ontstaan waarschijnlijk uit het binnenste van Titan.
De astronomen trekken deze conclusie uit de waarnemingen van de
Keck-2 telescoop.

 


Methaan op Titan

 

De wolken verschijnen steeds boven hetzelfde gebied op Titan, waarschijnlijk is het methaangas
in de wolken afkomstig uit scheuren en barsten in het ijzige oppervlak van Titan of van ijsvulkanisme.

Waar het methaan in de dampkring precies vandaan komt is nog steeds raadselachtig,
want het wordt door ultraviolet zonlicht snel afgebroken, dus het moet steeds ververst worden.

 


 

Kustlijnen op Titan, 16-09 2005

Het lichte, ruwe gebied links lijkt op kustlijnen met hoger bergachtig gelegen land,
dat is doorsneden door kanalen en baaien.

De baaien zijn waarschijnlijk door methaanregen uitgesleten.

 


Kustlijnen op Titan

 

De kanalen zijn ongeveer 1 kilometer breed en 200 meter diep en worden veroorzaakt door breuken in de korst.

Het donkere gebied (vlakte) is mogelijk een oude zeebodem en lijkt overstroomd geweest te zijn,
maar het vloeibare methaangas is weer gedeeltelijk verdwenen.

 


 

7e flyby langs Titan, de letter H, 13-09-2005

 


De letter H

 

Dit wordt zo genoemd omdat het zwarte gebied op een H lijkt die op zijn kant ligt.

De noordelijke helft wordt Fensal genoemd, hierin liggen eilandjes die 5 tot 40 kilometer groot zijn.
De zuidelijke helft heet Aztlan, hierin liggen grotere eilanden deze zijn 120 bij 240 kilometer.
Het grootste eiland is Sotra Facula.

 


Het gebied Fensal-Aztlan is de letter H

 


Titan 7e flyby

 

Cassini vliegt op een afstand van 1075 kilometer langs Titan.

 


 

Windduinen op Titan, 05-09-2005

De foto van Titan laat een jong en dynamisch oppervlak zien, die door vulkanisme, erosie en inslagkraters is gevormd.

De krassen worden gezien als windduinen, die worden gevormd door de wind en ze lijken op aardse sneeuwduinen.

 


Duinen op het oppervlak van Titan

 


 

6e flyby Cassini langs Titan, 23-08-2005

 


6e flyby Titan

 

De foto is genomen op een afstand van ongeveer 3800 kilometer.
Op 7 september is de volgende flyby langs Titan.

 


6e flyby titan

 


 

Land of meren, 28-06-2005

Op de zuidpool van Titan is een donker gebied ontdekt door de Cassini.
Het is waarschijnlijk een meer van vloeibaar koolwaterstof, dat afkomstig is uit de atmosfeer.
Het meer is ongeveer 235 bij 75 kilometer groot.

De witte vlekken zijn methaanwolken.

De kustlijnen lijken op die van aardse meren die te maken hebben gehad met watererosie en afzetting,
maar het kan ook een opgedroogd meer zijn.

De andere kleine donkere gebieden zijn waarschijnlijk ook meren.

 


Donker gebied op de zuidpool van Titan

 


 

Oude vulkaan op Titan, 08-06-2005

Cassini heeft op Titan een oude vulkaan ontdekt, die waarschijnlijk methaan heeft gespuwd.
Dit zou ook kunnen verklaren hoe het methaan in de atmosfeer is gekomen.

De vulkaanuitbarstingen zouden zijn ontstaan door hitte als gevolg van getijdenwerking op Titan.
Dit komt door de elliptische baan van Titan rond Saturnus,
die ervoor zorgt dat de vorm van Titan om de 16 dagen verandert.

Ook blijkt dat er geen zeeën van koolwaterstoffen zijn op Titan.

 


Vulkaan op Titan

 


 

Heldere vlek op Titan, 25-05-2005

 


Heldere vlek op Titan

 

Er is een heldere (infrarode) vlek op Titan ontdekt.
De vlek is waarschijnlijk veroorzaakt door landverschuiving, vulkanisme of atmosferische processen.

De linker is een infrarode foto.
De middelste foto is gemaakt met de camera ISS.
De rechter is een combinatie van de linker + de middelste foto.

 


ISS-camera

 


 

Serie foto`s van het hele oppervlak van Titan, 13-05-2005

 


Oppervlak Titan

 

Dit zijn 60 foto`s van Titan gemaakt op 3 kilometer hoogte.

De lichtere gebieden in het noorden en westen zijn hoger dan de rest van het oppervlak.
De donkere lijnen in het noordwesten lijken op afvoerrivieren naar het donkere midden.

 


 

Nieuwe foto's van Titan, 22-04-2005

 


Drie verschillende opnamen van Titan

 

De linker foto is zoals Titan in het echt uitziet.

De middelste foto is genomen met een camera die door de atmosfeer heeft fotografeerd.

De rechter foto is in onechte kleuren, de groene kleur is het oppervlak,
de rode kleur is het methaan hoog in de atmosfeer en blauw is de buitenste rand van de atmosfeer.

 


 

Vijfde flyby langs Titan, 16-04-2005

Op 16 april was de vijfde flyby langs Titan.

Cassini vloog op 1025 kilometer langs Titan.

 


5e flyby Titan

 


Titan

 


 

4e flyby, nieuwe gebieden op Titan, 05-04-2005

Op 31 maart vloog de Cassini op 2400 kilometer afstand langs het oppervlak van Titan.

Er zijn door de Cassini nieuwe gebieden en kraters ontdekt.

Rechts van het midden zie je een krater van 80 kilometer doorsnede.
Witte buitenkant met een zwarte vlek aan de binnenkant.

 


Oppervlakte Titan

 


4e flyby Titan

 


 

Foto van de wolken op de zuidpool van Titan door Cassini, 09-03-2005

Deze foto is gemaakt op een afstand van 340.000 kilometer.

 


Witte wolken op de zuidpool van Titan

 


 

Titan laat eerste geheimen zien, 23-02-2005

Ammoniak kan de atmosfeer van Titan hebben vormgegeven.

Volgens onderzoekers van de Universiteit van Arizona,
heeft Titan grote hoeveelheden ammoniak en water verzameld.

De onderzoekers zijn er zeker van dat de instrumenten van Cassini
een vloeibare laag van ammoniak en water onder het oppervlak van waterijs gaan vinden.

 


 

3e flyby van Cassini langs Titan, 18-02-2005

Cassini vloog op 14 februari voor de derde keer langs Titan (flyby) op een afstand van 1580 kilometer.

Op 18 februari werden de eerste foto`s vrijgegeven.
Hieronder zie je de foto`s.

kraterinslag op Titan

 


Minerva, inslagkrater op Titan

 

Men vermoedt dat het van tijd tot tijd methaan regent op Titan. De regen is nog niet aangetroffen,
maar men heeft aanwijzingen gevonden dat het in ieder geval soms regent op Titan.

Vloeistofstromen zullen de kraters uitslijpen en er verzakkingen veroorzaken.
Deze vloeistofstromen komen waarschijnlijk van cryovulkanen, dit zijn ijsvulkan die geen lava maar water spuwen.
Als dit vlak bij een krater plaatsvindt, kan de krater vollopen en dit verklaart misschien waarom er weinig kraters zijn op Titan.
Ook regent het voortdurend vaste deeltjes, roet, op Titan die de kraters kunnen bedekken.

De Minerva-krater heeft een doorsnede van 440 kilometer en is waarschijnlijk ontstaan door een inslag van een komeet of een planetoïde.
Dit is de eerste inslagkrater die is waargenomen door de radar van
Cassini.

 

Witte kanalen in het gebied waar Huygens is geland
Witte kanalen in het gebied waar Huygens is geland

 


3e flyby Titan

 


 

Windkracht zeventien op Titan, 17-02-2005

Op vrijwel alle hoogtes stond een westenwind, dit is de richting waarin Titan om zijn as draait.

Het hardst waaide het op 120 kilometer hoogte, met ruim 400 kilometer per uur.
Dat is bij ons op aarde meer dan windkracht 12.

Aan het oppervlak stond maar weinig wind.

Deze foto hieronder was op 151.000 kilometer afstand genomen door Cassini.

 

Atmosfeer van Titan
Atmosfeer van Titan

 


 

Ook op Titan is wind, mist en regen, 22-01-2005

De atmosfeer en de oppervlakte van Titan vertonen grote overeenkomsten met die van de aarde.
Op Titan regent het, er staat wind, er hangen mistflarden, op de bodem slaat donkere smog neer, het landschap is doorsneden met kloven en rivieren.
Er zijn duidelijke sporen van erosie.

Er zijn donkere en lichte gebieden, kronkelende rivieren die naar laagvlaktes stromen, ijskammen, kustlijnen, eilanden en een landschap bezaaid met keiharde ijsbrokken.

Het grote verschil tussen Titan en de aarde is dat het op Titan geen water regent maar vloeibaar methaan.
De atmosfeer bevat geen zuurstof, maar bestaat vooral uit stikstof.
Het methaan neemt aan het oppervlakte toe.
Daardoor ontstaat in de hogere delen van de Titanatmosfeer de oranje kleur (smog).

Het zou 21 januari geregend kunnen hebben op Titan.

 


 

Methaan op Titan, 21-01-2005

Foto`s tijdens de afdaling van de Huygens tonen een heel netwerk van kanalen, die overgaan in rivieren die uitmonden in een meer.
Tevens vond de sonde afgeronde kiezelstenen van waterijs op rivierbeddingen.

Een andere ontdekking is dat er vulkanische activiteit op Titan is geweest.
Er werd echter geen lava gespuwd zoals op aarde, maar waterijs en ammoniak.

Er is ook vloeibaar methaangas (aardgas) aangetroffen, dit bedekt een groot deel van het oppervlak van Titan.
Het zou er zelfs methaan (koolwaterstof) regenen.
Het methaan op Titan heeft een belangrijke rol gespeeld op Titan, zoals het water op onze aarde.

De missie kost in totaal 460 miljoen euro.

 


 

Deel van de foto`s van Titan mislukt, 17-01-2005

De helft van de 700 foto`s is niet aangekomen doordat één van beide communicatiekanalen tussen Huygens en Cassini het niet deed.
Aan boord van Cassini stond de betreffende software niet aan.

Maar later bleken de signalen door zeventien radiotelescopen op aarde toch nog waarneembaar ondanks de enorme afstand.

De radiotelescopen in Westerbork werden ook op Titan gericht, maar deze ontvingen geen signalen.

Vanaf 16 kilometer hoogte zijn er op Titan geulen te zien die naar een donkere vlakte lopen.
Misschien een methaanzee.

Het lijkt erop dat Huygens op zachte bodem is geland, te vergelijken met nat zand of klei.
De warmtevoeler van Huygens heeft -180°C gemeten.

 


 

De eerste foto`s van Huygens, 15-01-2005

De eerste foto`s van de oppervlakte van Titan zijn ontvangen.
Daarop zijn een soort canyons en gedrongen rivieren te zien die naar een kustlijn voeren van wellicht een Methaanzee
en een bodem bezaaid met ijs- en rotsblokken.

Het gebied waar Huygens is neergekomen heet Xanadu.

Titan heeft een dichte atmosfeer die door de aanwezigheid van stikstof en ook methaan en ethaan,
veel lijkt op die van onze aarde 4 miljard jaar geleden.

Er werd verwacht dat na de landing, de Huygens nog een paar minuten foto`s kon maken,
maar hij heeft nog twee uur lang foto`s gemaakt en doorgestuurd naar Cassini.

 


 

Huygens geland op Titan, 14-01-2005

Bij de NASA werd om 11.30 uur het bericht ontvangen dat de Huygens was losgekoppeld.
Om ongeveer twee uur 's middags is de
Huygens geland op Titan.
Waarschijnlijk heeft het de landing overleefd, want er komen ook nu nog radiosignalen door.

De atmosfeer van Titan lijkt op die van de aarde, kort na haar ontstaan.
De afstand van Titan naar de aarde is 1,5 miljard kilometer.

 

Wolkenbanden van Saturnus, gefotografeerd op 14 december 2004 door de Cassini
Wolkenbanden van Saturnus, gefotografeerd op 14 december 2004 door de Cassini

 


 

2e flyby Cassini langs Titan lost mysterie methaanzee niet op, 26-10-2004

De vraag of zich op Titan zeeën van vloeibaar methaan bevinden, is met de tweede flyby van de Cassini-sonde niet definitief beantwoord. Dinsdag passeerde de Cassini de in oranje nevel gehulde, grootste Saturnusmaan op een afstand van 1200 kilometer, 300 keer dichterbij dan juli 2004.

Sommige delen van het oppervlak zouden wel eens bedekt kunnen zijn met een drap van bevroren en vloeibare koolwaterstoffen. Sommige gebieden zijn ruig, andere juist glad. Het Titan-oppervlak is plat en streeppatronen wijzen op wind.

 


2e flyby Titan

 

 


 

1e flyby Cassini langs Titan, 25-10 2004

De eerste flyby van Cassini langs Titan.

 


1e flyby Titan